Milena (17) woont sinds 2012 op de voormalige vliegbasis Gilze-Rijen.

Foto’s Ans Brys

‘Dit kinderpardon voelt definitiever dan alle andere keren’

Reportage Rutte III bereikte deze week een akkoord over het kinderpardon. Zevenhonderd kinderen en hun families krijgen waarschijnlijk een verblijfsvergunning. Eén van hen is de Russische Milena (17).

Op de school van Milena heeft iedereen het over de toekomst. Ze is zeventien en zit in het eindexamenjaar van de havo. Wat gaan ze studeren? Gaan ze eerst een lange reis maken? Of toch meteen aan het werk?

Het is confronterend voor Milena. Haar eigen toekomst is al zolang als zij zich kan herinneren ongewis, want ze heeft geen verblijfsvergunning. Toen ze acht was, vluchtten haar ouders met haar en haar zus van Rusland naar Nederland. Het was niet veilig, zegt haar moeder die in Armenië geboren en getogen is.

Omdat Milena geen ‘status’ heeft, mag ze niet reizen en niet werken. Studeren kan alleen als een hogeschool wil meewerken. Ze zou International Lifestyle Studies willen doen. „Ik ga iedere dag naar school en ik doe van alles”, zegt ze, „maar hoe moet ik straks verder?”

Misschien krijgt Milena een toekomst in Nederland, nu de regeringspartijen deze week een akkoord over het kinderpardon sloten. Maar dat akkoord wordt nog uitgewerkt door de IND en alles is onzeker. Uit voorzichtigheid wil Milena ook niet met haar achternaam in de krant – dat is haar aangeraden door Defence for Children, zegt ze.

Lees ook: De eeuwige herhaling van het kinderpardon

Speelgoed

Van hun oude huis in de stad Toljatti in West-Rusland kan Milena zich nog herinneren dat er een kamer was met heel veel speelgoed. Inmiddels woont ze meer dan de helft van haar leven in Nederland. Het was bijna toeval dat ze hier belandden, volgens haar moeder. „Maar meer wil ik niet zeggen”, zegt zij. Milena’s moeder wordt niet graag herinnerd aan die tijd.

Het gezin verbleef eerst in een gemeenschappelijke slaapzaal in Ter Apel, daarna twee jaar in een caravan in Luttelgeest en nu al zeven jaar in het asielzoekerscentrum op het voormalige luchtmachtterrein Gilze-Rijen.

Er kunnen 1.200 mensen wonen in het vroegere defensiedorp, nu wonen er zo’n 400 asielzoekers. „De sfeer is de afgelopen weken gespannen”, zegt Milena terwijl ze aan haar zilveren ringen draait.

Hun woongebouw staat tussen de bomen. Ze woont er met drie „buurfamilies”. De woonkamer is tevens het slaapvertrek van haar ouders en er is een provisorisch keukentje met campinggas. Milena slaapt met haar 18-jarige zus in een stapelbed in een apart kamertje. Bij elkaar is het zo’n dertig vierkante meter.

Buurfamilies

Twee buurfamilies hopen net als Milena dat het kinderpardon voor hen zal betekenen dat ze kunnen blijven. Maar in tegenstelling tot Milena, haar zusje en haar ouders spreken de buren geen Nederlands. „Wij proberen het aan ze uit te leggen, maar het is voor hen heel moeilijk te begrijpen wat er gebeurt.”

De asielaanvraag van Milena’s familie werd afgewezen toen ze twee jaar in Nederland woonden. Ze vochten het besluit aan, vergeefs. Ook toen konden ze ineens een kinderpardon aanvragen, maar ze werden weer afgewezen. Vanwege het ‘meewerkcriterium’: ze wilden niet meewerken aan hun eigen uitzetting.

Dit kinderpardon voelt definitiever dan alle andere keren, zeggen Milena en haar ouders. „We willen blij zijn”, zegt haar vader, „maar dat kunnen we nog niet toelaten.” Tien procent van de kinderen die in aanmerking komt, zou toch afgewezen worden, bijvoorbeeld omdat de aanvragers zich in het verleden hebben misdragen. Iedereen op het azc praat erover.

„Vroeger kon ik niet slapen omdat ik bang was dat ik in de vroege ochtend zou worden opgehaald door de politie om uitgezet te worden”, zegt Milena’s vader. Dat is vrienden wel eens overkomen. „Nu is de spanning anders.”

Wat verwacht Milena’s moeder van haar toekomst? „Ik leef voor mijn kinderen”, zegt ze. Ze doet twee uur per week vrijwilligerswerk voor het COA: onder meer strijken. Met het gezin gaat ze naar de Armeens-Apostolische kerk in de buurt, moeder gaat vooral voor het gezang. Wat gaat er gebeuren, als straks blijkt dat ze mogen blijven? Ze kijken elkaar lachend aan. Milena: „Dan kun je aan je zekerheid bouwen.”