Opinie

    • Folkert Jensma

Tanden poetsen in de Totalitaire Staat

Mij wordt thuis wel eens schamper gevraagd waarom mijn elektrische tandenborstel met internet is verbonden. Het antwoord is eenvoudig. Je hoort veel over het ‘internet of things’ en ik wil óók wel eens in de voorhoede van het moderne leven staan. De tweede reden is: gewoon, omdat het kan. Die dingen bestaan en ik heb er een! Bovendien zijn we hard op weg naar een digitaal-totalitaire samenleving en dan wil ik op alles voorbereid zijn. Nu is het internet der dingen nog vrijwillig, maar straks vast niet meer en dan is het mijn plicht tijdig de klok te luiden. Ik poets niet alleen digitaal voor mezelf, maar voor het algemeen belang. Graag gedaan en tot uw dienst.

Ik ga ervan uit dat we in Europa, net als in gidsland China, niet al te ver verwijderd zijn van verplichte individuele gedragsregistratie. De datawolk die ik toch al produceer, hoofdzakelijk door internetgebruik via m’n smartphone, vertelt al bijna alles over wie ik ben en wat ik doe. Lezen, luisteren, communiceren, reizen, betalen – ik stelde m’n telefoon, ja zelfs m’n vingerafdruk ter beschikking. Ik gaf voor alles toestemming vanuit de veronderstelling dat mijn vrijheid en anonimiteit in onze rechtsstaat voldoende zijn gegarandeerd. En dat die paar grote bedrijven in Californië die samen het digitale kartel vormen, mijn toestemming blijven vragen als een, nee iedere, instantie belangstelling voor mijn data heeft. Dat zal toch ook wel? Nou ja, het is toch te laat.

China bouwt intussen aan alomvattende digitale staatssurveillance: met hulp van kunstmatige intelligentie, data-analyse, stem- en gezichtsherkenning worden daar databanken gevuld waarmee het gedrag van burgers gemeten en beoordeeld wordt. Er bestaat een score-systeem, lees ik in deze krant: wie lokale producten koopt krijgt een plusje, wie ondeugende boekjes koopt verliest punten.

Sinds 1 januari poetst deze columnist zijn tanden dus voor de smartphone-camera.

Dergelijke data bestaan in het Westen natuurlijk ook. De drang om die met elkaar te verbinden en er individuele conclusies aan te verbinden, is hier even onweerstaanbaar. De rechtsstatelijke bezwaren zijn legio, dus zó snel zal het niet gaan, houd ik mezelf dan maar voor. De Westerse burger, mezelf incluis, gaat vooralsnog tamelijk onbekommerd mee met de datificatie van het dagelijks leven. Zolang de algoritmen zich beperken tot zoiets als ‘mijn’ muziekvoorkeur, is er niks aan de hand. Ik maak ook graag gebruik van m’n smartphone als kilometer- en stappenteller. Cash in mijn portemonnee is verdrongen door een bank-app. Ik gebruik een fitness-app waar ik zeer tevreden over ben. Dan is de stap naar een tandenpoets-app heus niet zo groot meer. Bovendien: op de dag dat de nog op te richten Inspectie Gedrag en Gezondheid mijn aanvraag voor een hartklep, kunstknie of kaakimplantaat moet beoordelen, ben ik voorbereid. Ik heb dan jaren fitness data opgeslagen, inclusief poetsprestaties.

Behalve klokkenluider ben ik ook kleinburger die zijn leefstijldossier graag op orde heeft. In China had ik als smartphone-poetser allang tientallen bonuspunten verzameld. Tenminste als ze hun burgers graag fit zien en de tandartstoelen leeg.

Ik moet alleen nog te zijner tijd wel de digitale voordeelcard van de slijterij in mijn telefoon zien te verdonkeremanen. En misschien valt er op mijn zoekgeschiedenis ook best wat aan te merken. Maar dat schuif ik dan wel op het journalistenleven: drank en verkeerde zoektermen, sorry.

Lees ook: In ons slimme huis in Berlijn heeft het maanden gespookt

Daarom heb ik een Bluetooth tandenborstel, met telefoonhouder voor op de badkamerspiegel en bijbehorende App. De tandenborstel onthoudt 30 poetsbeurten en synchroniseert die met de app, die mij dagelijks feliciteert met mijn ‘prestaties’. Sinds 1 januari poetst deze columnist zijn tanden dus voor de smartphone-camera. Google Analytics helpt een handje met het verwerken van de data. De app observeert borstelpositie, geeft aanwijzingen (‘niet te hard!’), onderstreept dat met roodlichtsignaal, en presenteert onderin beeld weer- en nieuwsberichten, mocht de poetsstopwatch me gaan vervelen. Is het nieuws op, dan krijg ik citaten van wijsgeren te lezen. Tot zover niets dan lof. Het ding maakt weliswaar herrie als een buitenboordmotor, maar het is ook de eerste tandenborstel ooit die een dialoog met me wil. Nee, Big Brother en ik hebben voorlopig geen gaatjes. Althans niet in ons gebit.

Folkert Jensma is juridisch commentator. Twitter: @ folkertjensma

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.

    • Folkert Jensma