Srebrenica-advies goed nieuws voor Staat

Srebrenica De Nederlandse staat is sinds 2017 aansprakelijk voor een deel van de massamoord in Srebrenica. Een advies aan de Hoge Raad zette dat vrijdag op losse schroeven.

De ‘Moeders van Srebrenica’ arriveren bij het Gerechtshof voor de uitspraak in de hoger beroepszaak van hen tegen de Nederlandse staat. Foto ANP/REMKO DE WAAL
De ‘Moeders van Srebrenica’ arriveren bij het Gerechtshof voor de uitspraak in de hoger beroepszaak van hen tegen de Nederlandse staat. Foto ANP/REMKO DE WAAL

„Het boek gaat nooit dicht”, zei de vorig jaar overleden oud-premier Wim Kok (PvdA) over het Srebrenica-drama in 2015. Hij doelde op de emotionele last, maar ook de juridische strijd gaat nog altijd door.

Tot vrijdag kon de Nederlandse staat deels aansprakelijk worden gesteld voor een deel van de massamoord op de naar schatting 8.400 mannen en jongens (het exacte aantal is nooit komen vast te staan) die in 1995 plaatsvond in de moslimenclave Srebrenica. Deze door de Verenigde Naties ingestelde zogeheten ‘veilige zone’ in Bosnië stond onder bescherming van Nederlandse militairen van het Dutchbat-bataljon.

Lees ook het profiel van advocaat in de Screbrenica-zaak Liesbeth Zegveld: Ik hou niet van advocaten die de hele tijd ruzie zoeken

De uitspraak van het Gerechtshof van juni 2017 waarin Nederland gedeeltelijk verantwoordelijk werd gehouden staat sinds het vrijdag gepubliceerde advies van de advocaat-generaal aan de Hoge Raad weer op losse schroeven. Hij komt tot een diametraal andere conclusie dan het Gerechtshof en noemt de uitspraken van deze rechterlijke instantie op onderdelen „onbegrijpelijk”.

Slecht nieuws voor ‘de Moeders’

Dit advies is goed nieuws voor de Nederlandse staat en slecht nieuws voor de ‘Moeders van Srebrenica’ die al sinds 2002 om erkenning van schuld en schadevergoeding door Nederland vragen. Voorwaarde is dan wel dat de Hoge Raad op 19 april aanstaande in zijn uitspraak over deze zaak het zwaarwegend advies van de advocaat-generaal overneemt.

De uitspraak van het Gerechtshof uit 2017 had betrekking op een specifieke groep van ruim 300 moslimmannen die op 11 juli 1995 samen met anderen vluchtten naar de compound van Dutchbat in Srebrenica. Zij moesten op 12 en 13 juli deze plek verlaten. Groepsgewijs en in een ‘sluis’ bestaande uit voertuigen en Dutchbatters werden zij naar bussen gedirigeerd. Tijdens deze tocht haalden Bosnische-Serven de mannen weg en doodden hen later. Het Gerechtshof oordeelde dat de Staat in 1995 onrechtmatig had gehandeld om de vluchtelingen niet de kans te bieden op de compound te blijven. Ook het scheiden van de mannen van de overige vluchtelingen werd onrechtmatig genoemd

Onvoldoende oog

In zijn advies aan de Hoge Raad, die moet oordelen omdat zowel de Nederlandse Staat als de nabestaanden van de slachtoffers in 2017 in cassatie zijn gegaan tegen de uitspraak van het Gerechtshof, hanteert advocaat-generaal Vlas verzachtende omstandigheden. Hij vindt dat het Gerechtshof onvoldoende oog heeft gehad voor het feit dat er sprake was van een oorlogssituatie en daarmee gepaard gaande chaos. Van vredestroepen die onder grote tijdsdruk moeten werken terwijl het risico van de dood of onmenselijke behandeling direct aanwezig is kan niet worden verwacht dat zij zich volledig houden aan de regels waarop het Gerechtshof zijn uitspraak baseert.

Neemt de Hoge Raad deze redenering over dan wordt voor de Nederlandse regering een belangrijk obstakel weggenomen om in de toekomst nog troepen op vredesmissie uit te zenden. Tevens zou dit een goed signaal zijn voor de Dutchbatters die zich door de eerdere rechterlijke uitspraak nog altijd als medeschuldig aan de genocide voelen beschouwd.

Correctie 1-2-2019: In een eerdere versie van dit stuk stond per abuis dat het advies kwam van de advocaat-generaal van de Hoge Raad. Het advies werd echter uitgebracht aan de Hoge Raad. Dat is hersteld.

    • Mark Kranenburg