Het doodenge beeld van een God die luchtpianospeelt

Nadat ik samen met een club dichters had voorgelezen kwam een van de bezoeksters (die door haar Tinderdate was meegesleept) op ons af met de mededeling dat ze zich tot haar grote verbazing daadwerkelijk had vermaakt.

,,Meestal,” zei ze verbluft, „Is poëzie zo’n ver-van-je-bed-show!”

Daar moest ik aan denken toen ik die avond verder las in Night sky with exit wounds van Ocean Vuong (1988). Hierin dicht hij over zijn familie die moest vertrekken uit Vietnam, omdat zijn moeder half Amerikaans is (u raadt het al: verwekt tijdens de oorlog). Zowel hun vlucht als de Vietnamoorlog worden op aangrijpende wijze belicht. Even is ook de lezer een vluchteling. Zie je hoe een vrouw, zoals in bovenstaand gedicht, een ‘reddingsvlot’ wordt. Vol doorgegeven herinneringen over bombardementen, inclusief dat doodenge beeld van een God die luchtpianospeelt.

Vuong zei onlangs in een interview dat waar het journaal tekortschiet, het woord aan de poëzie is. Om de levens achter de nieuwsfeiten te tonen. Ik moest terugdenken aan wat de verbaasde bezoekster had gezegd. Poëzie is helemaal geen ver-van-je-bed-show. De beste gedichten leggen een wereld die je nog nooit bezocht zo dicht aan je voeten, dat je je teentoppen voelt schroeien.