Recensie

Dichterbij kan een ware fan niet komen

Expositie The Beatles Fotograaf Robert Whitaker kreeg bovengemiddeld veel toegang tot The Beatles. De bijzondere collectie die dat opleverde is nu te zien in het art’otel in Amsterdam.

Tijdens een sessie in Whitakers fotostudio trappen The Beatles stukken piepschuim kapot.
Tijdens een sessie in Whitakers fotostudio trappen The Beatles stukken piepschuim kapot. Foto Koen van Weel/ANP

Wat precies de bedoeling van die foto was, hebben The Beatles nooit helemaal duidelijk kunen maken. En fotograaf Robert Whitaker evenmin. Het had misschien iets te maken met de wereldwijde aanbidding die de groep anno 1966 onderging – en het idee om nu eens korte metten te maken met het onschuldige imago dat John, Paul, George en Ringo toen nog aankleefde. Maar het had ook kunnen verwijzen naar de bloedige tv-beelden die destijds dagelijks uit Vietnam naar het westen kwamen. En er is ook wel gesuggereerd dat dit gewoon een staaltje surrealistische gekkigheid was, waarmee de fotograaf bewonderend verwees naar kunstenaars als Dalí en Bunuel.

De controversiële foto die oorspronkelijk de hoes van het album Yesterday and Today sierde, maar ijlings werd vervangen. Foto Koen van Weel/ANP

Maar één ding staat vast: de foto waarop The Beatles in witte slagersjasjes poseerden met hompen vlees en kapotte plastic poppen zonder kleertjes aan, is de meest controversiële die ooit van de groep is gemaakt. Geen wonder dat er herrie van kwam.

Eerst werd de slagersfoto nog nietsvermoedend afgedrukt op de hoes van de langspeelplaat Yesterday and Today, een compilatie-album voor de Amerikaanse markt. Blijkbaar rook niemand onraad. Tot de Amerikaanse platenmaatschappij Columbia, die de plaat uitbracht, werd overspoeld met protesten uit de platenhandel. Columbia stond niets anders te doen dan de plaat uit de handel te halen en in een ommezien nieuwe hoezen met een andere, veel bravere groepsfoto te laten drukken. Wel waren er intussen – volgens vage schattingen – enkele duizenden originele exemplaren in de wacht gesleept door snelle kopers en platenwinkeliers met een vooruitziende blik. Het blad Rolling Stone meldde dat er in 2016 nog zo’n album met de omstreden hoesfoto is verkocht voor 125.000 dollar.

Diverse privétafereeltjes

En nu hangt de foto in de 5&33 Gallery in Amsterdam, de expositieruimte van het art’otel aan de Prins Hendrikkade (naast het Victoria Hotel) – omringd door enkele andere opnamen uit dezelfde fotosessie en een paar vellen vol contactafdrukken.

Het zijn de grootste blikvangers op de bezienswaardige tentoonstelling Unseen The Beatles met foto’s die Robert Whitaker maakte tussen 1964 en 1966. Er waren in die hoogtijdagen weliswaar meer fotografen die de groep geregeld voor de lens kregen, maar Whitaker moet bovengemiddeld veel toegang tot het wereldberoemde viertal hebben gehad. Dat blijkt niet alleen uit scènes in de platenstudio en allerlei geposeerde groepsfoto’s, maar vooral ook uit diverse privétafereeltjes, zoals John Lennon met een paardebloem op zijn oog en George Harrison met zijn hoofd in een vogelkooi.

Oog in oog met de resten van sigaretten die door The Beatles zelf werden gerookt

Verrassend is ook een sessie in Whitakers fotostudio, waarop The Beatles in een speelse bui stukken piepschuim vertrappen. Whitaker heeft zo’n foto nadien ingelijst in echt piepschuim, en in die lijst steken nog de filterpeuken die de pophelden daarin zelf hebben uitgetrapt. Zo staat de toeschouwer oog in oog met de resten van sigaretten die door The Beatles zelf werden gerookt – dichterbij kan een ware fan niet komen.

Kunstenaar

De foto’s zijn afkomstig uit de verzameling van kunstondernemer Ivo de Lange, tevens eigenaar van het Herman Brood-museum in Zwolle. Hij leerde Whitaker kennen toen deze een foto van Brood maakte. „En daaruit is een leuke vriendschap ontstaan”, aldus De Lange. „Voor mij is Robert Whitaker geen fotograaf, maar een kunstenaar. Hij is alleen vergeten beroemd te worden.”

Beeld van de expositie Unseen The Beatles in het art’otel. Foto Koen van Weel/ANP

In totaal bezit De Lange ruim honderd Beatles-foto’s van Whitaker, die hij allemaal door de fotograaf heeft laten signeren. Na deze tentoonstelling hoopt hij zijn collectie te kunnen verkopen. „Ik ben er wel een beetje klaar mee”, zegt hij. „En ik kan het geld ook wel gebruiken.” Wat de collectie moet opleveren, is nog onbekend. Zelf zou de fotograaf eens een bedrag van 1,2 miljoen euro hebben genoemd, maar De Lange wenst er nog geen prijskaartje aan te hangen. Hij heeft geen haast.

Whitaker stopte met de Beatles-fotografie toen de groep in 1966 besloot nooit meer op tournee te gaan. Hij fotografeerde sindsdien nog enkele andere popgrootheden als Eric Clapton en Mick Jagger, maar koos vervolgens voor een carrière als oorlogsfotograaf in Vietnam en Laos. Toen hij daar in de jaren zeventig gewond was geraakt door een granaat, werd hij boer in Sussex. Hij stierf in 2011.

Zijn zoon Ben Whitaker beheert nu de nalatenschap. „Mijn vader was inderdaad een kunstenaar”, zegt hij. „Hij kon ook met een weggooicamera de prachtigste foto’s maken. Ik ben trots op hem.”

Unseen The Beatles 5&33 Gallery in art’otel, Prins Hendrikkade 33, Amsterdam. T/m 17/3. Inl. www.artotelamsterdam.nl

    • Henk van Gelder