Opinie

    • Carolina Trujillo

Sportersvragen

„Ik beantwoord geen sportersvragen”, zei Rutte tijdens het gesprek met de minister-president. Hij had het laten afweten bij klimaat en werd ingemaakt bij kinderpardon. De ingebeelde sportersvraag deed hij na: „Wat ging er door u heen?”

Alsof sporters niet de enigen zijn die wanneer ze hun werk verprutst hebben, voor het oog van de natie eerlijk vragen beantwoorden over waar dat aan gelegen heeft. Een schrijver die een flutboek schrijft, doet dat niet, wij hebben daar mensen voor: recensenten. In de sport hebben ze die ook wel: lieden met toegang tot een camera, microfoon of toetsenbord, die met dodelijke precisie uiteendoen wat er aan het werk van een ander schort, maar daarnaast in je uppie publiekelijk verklaren wat je verkloot hebt, vind ik van een andere klasse.

In de naschokken van de 6-2 nederlaag zei Matthijs de Ligt, de negentienjarige aanvoerder van Ajax, over het eigen team: „De bereidheid is er niet.” Daar hoef je bij volwassen schrijvers niet op te wachten: „Bij het zevende hoofdstuk was ik op, toen ben ik mezelf maar gaan herhalen.”

Manon Kamminga werd gisteren, na tweehonderd kilometer loeihard Alternatieve Elfstedentocht schaatsen, nét niet eerste. Na een keer doorvragen gaf ze toe: ja, natuurlijk was ze er zuur van. De laatste auteur die ik op live televisie aan de tand gevoeld zag worden, was Michael Wolff, dat was bij College Tour over zijn Trumpboek. Twee kritische vragen en alle interviews in Nederland werden afgezegd.

Zoals sporters, met rode konen live in de uitzending de gevallen steken tonen, zeggen dat we beter gaan opletten en nu zullen focussen op het volgende boek, volle bak voorwaarts, nee, dat zie ik mijn collega’s niet doen. Ik weet niet hoe het met de uwe zit. Een arts die toegeeft de verkeerde diagnose gesteld te hebben, een politicus die smoesloos bevestigt dat de bereidheid er niet is, een journalist die publiekelijk zijn verhaal herziet. Geen beroepsgroep die het de sporters nadoet.

Daarom hoop ik nu op de topatleet die vers verslagen, na voor het oog van de natie te hebben uitgelegd wat er misging, aan de journalist vraagt hoe de zaken thuis gaan. De sporter helpt wel even. Het beeld wiebelt, draait en blijft stilstaan op de cameraman, naast hem de verslaggever, microfoon in de hand.

„Wat ging er fout?”, vraagt de sporter buiten beeld.

Het verslaggeversduo kijkt rond, zucht, klakt, steunt en dan zegt de cameraman: „Bij dat item met die gasexplosie in Den Haag hebben we ‘gasexplosie’ herhaald zonder uit te zoeken wat er met dat gas mis was.”

De verslaggever zwijgt. De cameraman: „Met die christenjongetjes waren we te gretig...”

„Christenjongetjes?”, zegt de verslaggever.

„Die met die indiaan en die MAGA petjes...”

„Oh, ja... veel te snel overgenomen...”

„Geen bronnen gecheckt.”

„Nul.”

„Mag ik mijn camera terug?”

„Met Venezuela ook geblunderd...”

„Venezuela?”

„Dat iemand zich tot president uitroept wil niet zeggen dat-ie dat is...”

„Is gewoon een staatsgreep...”

„En nu?”, vraagt de sporter.

„Focus op volgende item? Volle bak voorwaarts?”, zegt de verslaggever. „Straks weer gesprek met de MP.”

De cameraman grijpt naar de camera, maar niet vlug genoeg.

Carolina Trujillo is schrijfster.

    • Carolina Trujillo