Koffietentjes floreren in Rotterdam, kledingwinkels sappelen

Rotterdam CityLounge Er kwamen dit jaar weer meer horecazaken bij dan de voorgaande jaren, het aantal kledingzaken neemt af. De detailhandel heeft het moeilijk, maar cijfers tonen een opleving voor het centrum.

Foto Walter Herfst
Foto Walter Herfst

Havermelk, amandelmelk, sojamelk of ‘gewone’ melk. Bij De Koffiebar aan de Karel Doormanstraat in het centrum van Rotterdam kan de koffiedrinker zijn koffie laten aanlengen met vier verschillende soorten melk. „Vooral de jongeren willen dat graag”, zegt eigenaar Martin Grotendorst (52). „Ik noem ze ook wel de Starbucksgeneratie. Onze specials met siropen in grote bekers verkopen goed.”

Jarenlang verkocht Grotendorst kranten, kaarten en tabak in onder andere Hoek van Holland en Schiedam. Omdat de verkoop steeds verder terugliep, besloot hij vijf jaar gelden het roer drastisch om te gooien en een koffiezaak te openen in het centrum van Rotterdam. „Hier gebeurt het.” Hij koos voor de Karel Doormanstraat omdat daar in de zomer de zon op het terras schijnt. Het pand deed daarvoor dienst als damesmodezaak.

Grotendorst is tevreden over de overstap. Zijn zaak loopt goed. „Vroeger was winkelen een belangrijke vrijetijdsbesteding”, zegt hij. „Nu komen nog steeds veel bezoekers naar het centrum, maar is die functie voor een deel overgenomen door de horeca.” Grotendorst liet zich bij zijn keus voor een koffiebar destijds inspireren door het centrum van Londen. „Daar zit intussen meer horeca dan winkels. Ik ben ervan overtuigd dat wij ook die kant opgaan.” De ondernemer gaat binnenkort uitbreiden. Enkele deuren verder, op de plek van de voormalige groentenboer, opent hij dit voorjaar een bar voor koffie, sapjes, bagels en stamppot.

„Een dagje winkelen begint tegenwoordig met een kopje koffie”, zegt ook Regio-adviseur Sander van der Nol van de landelijke branchevereniging INretail, voor winkeliers. „Daarna even winkelen en tenslotte nog koffie of een lunch.” Enkele jaren geleden was dat nog andersom, zegt hij. „Eerst winkelen en dan eventueel nog koffie. Shoppen moet tegenwoordig vooral leuk en gezellig zijn.”

Leegstand

En die verandering merken zowel horecazaken als kledingwinkels.

Afgelopen jaar openden 129 lunchrooms, cafetaria’s en eetkramen hun deuren in Rotterdam. Dat blijkt uit cijfers van het CBS. Een flinke stijging. In 2017 waren dat er 113 en in 2014 nog 91. Het aantal nieuwe kledingwinkels daalt juist. Vorig jaar werden zes nieuwe winkels voor damesmode geopend. In datzelfde jaar sloten 23 damesmodezaken hun deuren. Ter vergelijking; in 2014 openden nog 23 nieuwe kledingwinkels voor dames en gingen er 16 dicht. „We zien dat leegstand regelmatig gevuld wordt door horeca. Kleine tentjes die koffie serveren of zich richten op een nichemarkt. Bijvoorbeeld veganistisch, biologisch of suikervrij”, zegt Van der Nol.

Dat wordt bevestigd door informatie uit het Koopstromenonderzoek 2018 (KSO) van I&O research. Bijna de helft van de bezoekers aan de Rotterdamse binnenstad die kleding of luxe-artikelen kochten, brachten tegelijkertijd ook een bezoek aan een koffietentje, lunchzaak of restaurant. En daarmee lijkt Rotterdam hard op weg naar het realiseren van een City Lounge, ‘een gastvrije plek’ waar bezoekers en bewoners niet alleen kunnen winkelen, maar ook terecht kunnen voor ‘ontmoeting en vermaak’, aldus de gemeente. „Beleving, dat is waar wij steeds meer naar toe willen”, zei wethouder Barbara Kathmann (economie, PvdA) deze week op een symposium over de binnenstad. „En jullie voelen dat als ondernemers feilloos aan.”

Lees ook:Monopoly in Rotterdam: van wie is de winkelstraat?

Maar de bezoekers in de binnenstad gaven hun geld niet alleen uit aan koffie. Dat blijkt uit het Koopstromenonderzoek, uitgevoerd onder 85.000 huishoudens in en om de Randstad. Bezoekers besteedden vorig jaar bijna 700 miljoen euro uit in de winkels. Dat is 10 procent meer dan bij het vorige onderzoek in 2016. Het grootste deel van dit bedrag, 412,2 miljoen euro, werd uitgegeven aan kleding en luxe-artikelen. Rotterdammers zelf zijn de belangrijkste klanten, constateert I&O Research. Zij besteedden vorig jaar in totaal 388,5 miljoen euro in winkels het centrum. Toeristen gaven volgens het KSO afgelopen jaar 47,7 miljoen euro uit in het stadshart.

„Economisch gaat het goed en daar profiteert de middenstand van”, verklaart Rob Vester, directeur van de BedrijfsInvesteringsZone (BIZ) van de Rotterdamse binnenstad. Want niet alleen de uitgaven van bezoekers stegen. De Rotterdamse binnenstad verwelkomde vorig jaar meer gasten. Volgens het rapport Rotterdam Winkelstad van vastgoedadviseur Colliers steeg het aantal bezoekers met 8 procent. OBI, het onderzoeksbureau van de gemeente, telde er vorig jaar 38 miljoen. En nog een positieve indicatie; de leegstand van winkels in de binnenstad bedroeg volgens Colliers 6 procent (120 winkels). Dat is ruim 1,5 procentpunt lager dan het gemiddelde in andere Nederlandse binnensteden.

Elders in Rotterdam is de situatie echter minder rooskleurig, beschrijft Colliers. „Buiten het centrumgebied is de leegstand hoog en moeilijk terug te dringen” schrijft de vastgoedadviseur in het rapport. „Door het overaanbod is het moeilijk om nieuwe huurders te vinden.” Bijna een kwart van de leegstaande winkels buiten het centrum staat al langer dan drie jaar leeg. Ook de omzet bleef meerdere Rotterdamse winkelgebieden achter, blijkt uit het Koopstromenondezoek. In Keizerswaard werd volgens de onderzoekers bijna 16 procent minder uitgegeven. In Hoogvliet zelfs 22 procent minder. De uitgaven in Zuidplein stegen wel flink.

Het is rustig in de Hudson’s bay aan de Hoogstraat.

Verrassing

De positieve cijfers van het Koopstromenonderzoek voor het centrum kwamen als een verrassing. Want het was een moeilijk jaar voor de detailhandel. Vooral voor winkeliers gespecialiseerd in kleding, wonen, schoenen en sport, zegt regio-adviseur Van der Nol. „Deze winkeliers moeten heel hard hun best doen om zich te onderscheiden en dan nog speelden zij ongeveer quitte.” Dat komt vooral door de stijging van online winkelen, verklaart hij.

Ook winkeliers in de binnenstad merken dat. „De klant is grilliger, minder loyaal”, ziet directeur Dominique van Elsacker van de verenigde ondernemers, winkeliers en eigenaren van het centrum Urban Department Store. „Door online winkelen is er veel meer keus.” De winkels proberen klanten weer aan zich te binden door bijvoorbeeld klantenpasjes in te voeren, zegt Van Elsacker. „Mijn portemonnee zit er vol mee.” Ook zijn winkels bewuster bezig met hun service om uit te blinken ten opzichte van online. Rotterdammers gaven vorig jaar in totaal 456,3 miljoen euro uit aan online winkelen. Bijna 20 procent meer dan in 2016 (cijfers KSO).

Ook de vele werkzaamheden in en om het centrum van Rotterdam temperden de omzet. Luidruchtige werklui timmerden aan de komst van het winkel- en wooncomplex Forum. De Coolsingel lag een deel van het jaar overhoop. En dan is er nog de Maastunnel die tot de zomer (deels) buiten gebruik is. „Het centrum van Rotterdam ligt er momenteel niet op haar allerknapst bij”, zegt Van Elsacker. „Maar de winkeliers mopperen niet. Ze weten dat dit nodig is voor een betere binnenstad.” Alle werkzaamheden hebben echter wel degelijk invloed, weet Van Elsacker. „Zeker door de afsluiting van de Maastunnel is het centrum momenteel minder goed bereikbaar. Dit zijn voor ons niet de beste jaren. Wij kijken heel erg uit naar de heropening van de tunnel.”

In The Tea Lab bij de Meent kan je naast thee ook de onvermijdelijke detox cleanse juice krijgen, ontbijt- en lunchgerechten

Hete zomermaanden

Ondernemers hadden eveneens last van de lange, hete zomermaanden. „De warmte was geen aanleiding om veel te kopen”, zegt Van Elsacker. „En omdat de winter lang niet doorzette, bleef de verkoop van winterkleding eveneens achter”, voegt Van der Nol toe. De decembermaand maakte echter een hoop goed. „Rond de kerst ging de omzet door het dak”, zegt Van Elsacker. Rotterdam is steeds aantrekkelijker voor een steeds groter gebied, zegt ze. „Begin december kwamen heel veel Belgen naar de binnenstad omdat de uitverkoop hier eerder begint dan daar.” Zij spreekt daarom van een ‘gemiddeld jaar’ voor de winkeliers in de binnenstad.

Om de omzet van de centrumwinkeliers nog verder te verbeteren is onlangs de BIZ, de grootste van Nederland, opgericht. Ruim 50 pandeigenaren en ongeveer 300 winkeliers in de binnenstad investeren de komende vijf jaar gezamenlijk 6 miljoen euro om de binnenstad nog aantrekkelijker te maken. Daarmee hopen ze 15 procent meer bezoekers te trekken en de omzet met een zelfde percentage te verhogen. Bijvoorbeeld door de combinatie te zoeken met online winkelen. „Zodat klanten hun bestelling nog makkelijker kunnen ophalen of terugbrengen”, zegt directeur Vester. „Dat is ook noodzakelijk anders krijgen we straks in de woonwijken files van bezorgbusjes.”

Ondanks de groei van online winkelen heeft Vester volop vertrouwen in de toekomst van de winkeliers. „We moeten vooral nuchter blijven. De online omzet is nog steeds een fractie van de totale detailhandelomzet (volgens het KSO in Rotterdam ongeveer 25 procent). De klant geeft het merendeel van zijn of haar geld uit in de winkel en niet online.”