Recensie

Recensie Muziek

Big Yuki: funky pianovirtuoos met toverbal van invloeden

Pop Big Yuki, bekend van samenwerkingen met Bilal en A Tribe Called Quest, trad op in Paradiso’s kleine zaal. Zijn bijzondere combinatie van jazz, pop en rock was wervelend en virtuoos.

Foto

Masayuki Hirono (Big Yuki) bespeelt zijn synthesizers intrigerend. De mimiek van de Japanse producer, die ook meespeelde op het laatste album van A Tribe Called Quest, is bijna grotesk, alsof hij de apotheose van een film al in volle glorie aan zijn dichtgeknepen ogen voorbij ziet trekken. Zijn hele lichaam ademt funk als hij met golvende bewegingen op de bassynthesizer landt terwijl hij met zijn andere hand twee synthesizers bespeelt. Aanvankelijk gebruikt hij die om korte blieps en dikke bassen te produceren in de geest van Flying Lotus’ jazztronica. Maar Yuki, die piano studeerde aan het prestigieuze Berklee College of Music in Boston, is bepaald niet strak in de leer. Soms stuurt de piano-virtuoos zijn band die bestaat uit een drummer en gitarist met een ingehouden adem negentig graden de andere kant op.

Na de strandboulevard-elektronica van ‘Pom Pom’, ook het intro van zijn debuutalbum Reaching for Chiron (2018), volgt een jazz-improvisatie op drums die overgaat in zware hiphopbeats, terwijl de gitarist een sampler bedient. Op zijn laatste album werkt Yuki samen met zanger Bilal en rapper Javier Starks, met wisselend succes. Live werken de combinaties van hiphop, klassiek, pop, trap en jazz beter.

Het is knap hoe de drummer alle razendsnelle claps van Flying Lotus’ ‘Putty Boy Strut’ strak op een rij krijgt. Het hoge springerige speeldoosriedeltje van hetzelfde nummer, maak de gitarist verrassend funky. Mala’s dubstep-klassieker ‘Changes’ (2006) vertaalt het trio naar een mix van trap en jazz, met een rare EDM-vocal. Soms schuren de heftigere trapnummers tegen het ordinaire aan (er komt een klein luchtalarm voorbij), maar maar dan is er toch ineens een prachtige klassieke pianosolo halverwege en komt het konijn uit de hoge hoed: drummer Timothy Lamont Smith blijkt prachtig te kunnen zingen.

Tijdens de toegift hangt gitarist Randy Runyon in zijn snaren en voegt hij rock-invloeden toe aan A$AP Rocky’s nummer ‘East Coast’ die wonderwel werken. Het is een passende uitsmijter in een toverbal van invloeden die met zichtbaar spelplezier en superveel funk werd uitgevoerd.