Van schenking naar erving

Deze rubriek belicht elke woensdag kwesties uit het bedrijfsleven waarover de rechter zich onlangs uitsprak. Deze week <naam soort recht: fiscaal recht, arbeidsrecht, Europees recht, vetgedrukt>.

Hij erfde ruim 25.000 euro toen zijn moeder in april 2016 overleed. Amper vier maanden eerder – dus binnen een termijn van 180 dagen – had zij hem 80.000 euro geschonken. Er komt een nieuwe aanslag van de Belastingdienst, die de eerdere schenking als erving bestempelt.

De man is het niet eens met de verrekening van de al betaalde schenkbelasting in de nieuwe aanslag. Hij wil dat de hele som schenkbelasting wordt afgetrokken, de fiscus berekende de erfbelasting door een evenredig deel toe te rekenen aan de schenking van 80.000 euro. Dat komt voor de man ongunstiger uit.

Bij de rechter krijgt hij geen gelijk – de methode die de fiscus hanteerde is „niet onjuist”. In hoger beroep komt het tot een andere overweging. Hoewel de schenkbelasting niet overeenkomt met de erfbelasting – de fiscale vrijstelling bij erven is hoger dan bij schenken – ziet het hof Arnhem-Leeuwarden daarin geen reden voor een evenredige berekening van de vermindering van de erfbelasting. Bovendien, het helemaal in mindering brengen van erfbelasting op al betaalde schenkbelasting is niet in strijd met het doel van de regels om te voorkomen dat uit schenkingen kort voor het overlijden belastingvoordeel wordt behaald.

De aanslag erfbelasting wordt verlaagd.

Uitspraak: ECLI:NL:GHARL:2019:18