Coalitie sust conflict kinderpardon – voorlopig

Kinderpardon De crisis is bezworen. Maar niemand kan garanderen dat er geen nieuwe groep gewortelde maar afgewezen asielkinderen ontstaat.

Kinderpardon overleg. Sybrand Buma (CDA) Gert-Jan Segers (ChristenUnie) Rob Jetten (D66) en Klaas Dijkhoff (VVD) praten na op de werkkamer van Dijkhoff.
Kinderpardon overleg. Sybrand Buma (CDA) Gert-Jan Segers (ChristenUnie) Rob Jetten (D66) en Klaas Dijkhoff (VVD) praten na op de werkkamer van Dijkhoff. Foto David van Dam

Ja, de crisis over het kinderpardon is bezworen. En ja, de coalitiepartijen bereikten voor aanvang van het debat op woensdag in de Tweede Kamer een akkoord. Maar zorgen de nieuwe afspraken er ook voor dat er in de toekomst niet opnieuw een grote groep gewortelde maar uitgeprocedeerde kinderen ontstaat? De oppositie is, iedere partij om haar eigen redenen, niet overtuigd.

Geert Wilders (PVV) verweet de coalitie dat ze „slappelingen” zijn en dat „half Afrika” nu denkt dat ze in Nederland uiteindelijk altijd een verblijfsvergunning krijgen. Hij diende een motie van wantrouwen in tegen het kabinet: „Oneerlijker dan dit kan niet, dit is slecht voor Nederland”. Alleen de PVV en FvD steunden de motie.

De linkse oppositie reageerde juist verheugd op het kabinetsbesluit om de huidige groep gewortelde kinderen vrijwel allemaal een verbijfsvergunning te verlenen. Dat zijn naar schatting 700 kinderen – inclusief familieleden zo’n 1.500 personen. Maar er bleven vragen. Vooral over hoe de discretionaire bevoegdheid er in de toekomst uit zal zien. Nu heeft de staatssecretaris de bevoegdheid om een uitgeprocedeerde asielzoeker tóch een verblijfsvergunning te geven, ook als hij of zij daar op grond van de formele regels geen recht op zou hebben. Het wordt ook wel een ‘ventiel’ genoemd voor schrijnende gevallen.

‘Schijnoplossing’

Die bevoegdheid wordt weggehaald bij de staatssecretaris en overgeheveld naar de directeur van de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND), die de asielprocedure uitvoert. Ook verandert de aard van de bevoegdheid: waar de staatssecretaris zijn discretionaire bevoegdheid nu op ieder moment in de procedure kan inzetten, zal de IND deze ‘schrijnendheidstoets’ alleen nog kunnen doen tijdens de eerste asielaanvraag (tot en met een uitspraak in hoger beroep hierover).

Alleen, vroeg de oppositie zich af, wat verandert er in de praktijk? De staatssecretaris is politiek verantwoordelijk voor de IND en blijft indirect dus ook verantwoordelijk voor die nieuwe bevoegdheid. Of, zoals Roelof Bisschop van de SGP vroeg: „Wiens handtekening staat er straks onder een discretionaire beslissing?” Als dat die van de staatssecretaris is, zei hij, dan is dit „een schijnoplossing”. Attje Kuiken (PvdA) zei: „Als schrijnendheid in wet- en regelgeving was vast te leggen, dan was er niet zo veel over gediscussieerd de afgelopen tien jaar.”

Het debat werd nergens spannend. Wel laten de vele vragen over de technische uitvoering van de afspraken zien dat het akkoord over het kinderpardon vooral een politieke oplossing is. Het was bedoeld om de angel uit de discussie te halen waarin de coalitiepartijen recht tegenover elkaar waren komen te staan. En dat was gelukt.

Een commissie doet in juni aanbevelingen hoe de asielprocedures korter kunnen. Maar of in de toekomst niet opnieuw een grote groep gewortelde kinderen ontstaat, kan niemand garanderen.

De grootste verontwaardiging ging over het verminderde aantal vluchtelingen dat Nederland jaarlijks zal uitnodigen, van 750 naar 500. Dat betreft vluchtelingen van de meest schrijnende categorie. Bram van Ojik (GroenLinks) noemde het „miezerige koehandel”. „Is er iemand binnen de coalitie trots op deze afspraak?” Een echt overtuigd antwoord kwam niet.

Lees ook: Zo voorkom je dat nieuwe asielkinderen wortelen
    • Floor Boon