Ze kunnen zó hun oude slaapkamer in

Vanuit Princeton, New Jersey, schrijft over wat haar opvalt. Vandaag: over rijke ouders die hun volwassen kinderen blijven verwennen.
Illustratie Eliane Gerrits

‘Het zijn dure tijden”, zegt Ginger, de frêle dame van tegen de tachtig die ik tegenkom bij de supermarkt. „Het geld vliegt eruit. Voor mijn oudste kleinkind heb ik net haar beugel betaald. En voor haar zusje de privéschool. De jongsten, een tweeling, gaan naar Parijs. Dat is traditie, dat krijgen ze allemaal als ze zeventien worden. En o ja, dat kwam er ook nog bij, een viool voor eentje die dolgraag in het schoolorkest wil spelen.”

„Betalen jullie dat allemaal voor je kleinkinderen?” vraag ik. „Ja”, zegt ze. „Wat moet je anders? Mijn kinderen kunnen zich dat niet veroorloven en je wilt de volgende generatie toch zo goed voorbereid mogelijk op pad sturen.”

Ginger en haar man hebben vijf volwassen kinderen, voor wie ze alles gedaan hebben wat ze nu doen voor de kleinkinderen. Dure scholen, bijlessen, reizen, muziekles. Maar veel helpen deed het niet. Niet alles is te koop. De kinderen werden niet op de beste universiteiten aangenomen en kregen niet die felbegeerde goede banen. Er waren psychische problemen, echtscheidingen en medische ingrepen die de verzekering niet dekte. Ze zijn weliswaar rijk, maar vijf volwassenen en dertien kleinkinderen die op hen leunen zijn ook voor hen wat veel. Zeker nu ze zelf met ziektes worstelen.

„Ik had nooit gedacht dat het zo zou lopen”, zegt ze. „We waren van plan speciale vakanties cadeau te doen aan onze kinderen en hun gezinnen. Twee weken naar de Big Five in Afrika bijvoorbeeld. Of de Galapagos. Zeg maar de kersjes op de taart. Maar nu gaat het op aan brood en melk.”

„Het is maar goed dat we niet kleiner zijn gaan wonen”, mijmert ze verder. „Mijn zoon werkt bij de overheid en die krijgt door de shutdown al voor de tweede keer geen salaris. Ze kunnen zó weer hun oude slaapkamer in. En er is ruimte genoeg voor de kleinkinderen. Helaas heeft hij ook een hond.”

Ginger en haar man zijn niet de enigen. Veel welgestelde ouders ondersteunen hun volwassen kinderen zodat ze de levensstijl uit hun jeugd kunnen volhouden. Dit gaat verder dan zo nu en dan even bijspringen. Ze nemen ook de grote kosten voor hun rekening. De studie van de kleinkinderen, de hypotheek van het huis, auto’s en verzekeringen. Een kwart van de Amerikanen helpt hun volwassen kinderen met de huur, 40 procent betaalt hun telefoonrekening. In totaal wordt per jaar 500 miljard dollar naar de volgende generatie overgeheveld. Deze babyboomer-grootouders hadden de economische wind mee. Hun kinderen fietsen tegen de wind in. Hun ouders zijn hun hulpmotor.

„Daar denk je allemaal niet aan als je kinderen krijgt”, zegt Ginger. „Je wilt gewoon het beste van alles voor ze. Het veiligste wiegje, de zachtste dekentjes, de gezondste hapjes. Je denkt dat het stopt als ze afgestudeerd zijn of getrouwd. Maar dat is niet zo.”

Ze legt een pakje roomboter terug en ruilt het voor margarine.

„Je gunt je kinderen en je kleinkinderen het beste. Maar straks zijn we er niet meer en hoe moet het dan verder met ze?”

Even later schuifelt ze met een boodschappenkar vol eten voor een hele familie naar de kassa.

Even afrekenen.

Reacties naar pdejong@ias.edu

    • Pia de Jong