Rustig thuiskomen

Luisteren Hoe luister je naar een popliedje? Deze keer: euforie in de laatste minuut.

Sommige liedjes hebben een paar minuten nodig om op temperatuur te komen. Dat mag, ze kunnen niet allemaal ‘Song 2’ van Blur zijn.

‘Over & Over’ van Fleetwood Mac is zo’n liedje. Tekstueel nogal een niemendalletje: luduvudu, hangende pootjes. Maar dan, in de laatste minuut, een instrumentale opleving van broze schoonheid.

Net zoiets hoor je in ‘The Places We Call Home’ van Lanterns on the Lake. Dat nummer is na vijf minuten op weg naar de uitgang, maar dan komt er nog iets, het draait zich naar je toe, blijft staan – zwaait.

‘Transatlanticism’ van Death Cab for Cutie komt zelfs zó traag op gang dat het goedbeschouwd niets meer is dan zes en een halve minuut wachten totdat het gedeelte met ‘come oooon’ begint. Maar dan ben je er ook wel, middenin die euforie, die het echt niet had kunnen oproepen door er koud mee te beginnen. Nee, kom het liedje binnen, trek je jas uit, ga zitten, staar voor je uit – en dan, minuten later, ben je pas echt thuis. Dat is wat het is.

Deze maand verschijnt Crushing, het tweede album van de Australische Julia Jacklin. Het nummer ‘Body’ doet denken aan Fleetwood Mac – en niet omdat de zin ‘go your own way’ erin zit. Het komt moeizaam op gang, Jacklin verhaalt over een gestruikelde relatie. Er is een naaktfoto van haar, die hij ooit maakte. Wat gaat hij daar nu mee doen? Op tweederde herhaalt ze steeds: I guess it’s just my life / And it’s my body. Let op de kleine subtiliteiten in de orkestratie, het draaien aan de thermostaat. Hier gebeurt het. O, wat mooi. En dat het liedje dan nog iets langer doorgaat dan je zou verwachten.