Pijnlijke fouten rond vastgoedproject

Schiekadeblok Een vastgoeddebacle kost Rotterdam zeker 20 miljoen euro. Twee topambtenaren zijn daar verantwoordelijk voor, aldus de Rekenkamer.

Een ontwerpvisie van de gemeente voor het Schiekadeblok naast treinstation Rotterdam Centraal.
Een ontwerpvisie van de gemeente voor het Schiekadeblok naast treinstation Rotterdam Centraal. Illustratie gemeente Rotterdam

Alles is pijnlijk aan het langverwachte onderzoeksrapport over het Schiekadeblok naast Rotterdam Centraal. Het terugkerende overheidsfalen bij zulke grote ontwikkelingsprojecten, de 20 tot 40 miljoen euro aan gemeenschapsgeld die is verdampt, de bekende namen onder de verantwoordelijken, de rituele ontkenning van het college. Dat het rapport van de Rotterdamse Rekenkamer binnen 24 uur uitlekte nadat het onder strikt embargo aan de raad was gemaild, maakt het helemaal af. „Ik kan niks hard maken, maar het lijkt geen toeval”, zegt directeur Paul Hofstra van de Rekenkamer.

Het Schiekadeblok vormt een van de grote financiële debacles van de gemeente in recente jaren. Projectontwikkelaar LSI van Luc Smits kocht het gebied in 2007 voor 26 miljoen euro. Het moest een levendig stadshart worden met een mix van wonen, werken en recreatie. Maar toen brak de crisis uit en stortte de markt in.

De gemeente nam de grond in 2009 over voor 52 miljoen euro via een erfpachtregeling. Zo kon het project doorgaan en leek versnippering van de A-locatie afgewend. Alleen kon LSI de erfpacht niet betalen en de regeling werd in 2015 ontbonden.

De gemeente moest 20,8 miljoen euro afboeken en is voor het dubbele gedupeerd als je kosten en inkomstenderving meetelt. Eind vorig jaar zijn nieuwe plannen voor dit centrumgebied gepresenteerd.

Feyenoord City

Twee dominante topambtenaren waren grotendeels verantwoordelijk, stelt de Rekenkamer zonder namen te noemen: Adriaan Visser, nu D66-wethouder voor financiën en grote projecten en Carl Berg, nu financieel directeur van Stadion Feijenoord.

Dat maakt de timing van dit onderzoek ook pijnlijk, omdat Visser en Berg nu sleutelposities hebben rond Feyenoord City, het beoogde Maasstadion met gebiedsontwikkeling. Ook hier wil de gemeente grond aankopen voor maximaal 60 miljoen euro en die in erfpacht uitgeven.

Voor de gemeenteraad dit jaar een definitief besluit neemt over Feyenoord City gaat de Rekenkamer mogelijk onderzoek doen naar de aandelenconstructie en businesscase, zegt Hofstra. „Feyenoord City staat op onze shortlist voor dit jaar.”

Hamit Karakus, verantwoordelijk PvdA-wethouder vastgoed in 2009, speelt ook een rol rond Feyenoord City. Hij is geestelijk vader van de plannen voor omringende gebiedsontwikkeling, Feyenoord XL. Maar het is wel aan Karakus te danken dat de verliezen bij het Schiekadeblok niet groter zijn geworden. Zijn topambtenaren wilden de grond voor 67 miljoen euro van LSI overnemen, maar de wethouder weigerde meer dan 52 miljoen euro te betalen.

Visser en Berg waren in 2009 respectievelijk directeur van het OntwikkelingsBedrijf Rotterdam en financieel directeur van de dienst Stadsontwikkeling. Zij negeerden waarschuwingen van lagere ambtenaren en stuurden „in één richting”: een deal met LSI, schetst de Rekenkamer. De twee onderhandelden als topambtenaren zelf met LSI, waardoor zij hun controlerende functie niet konden uitoefenen. Bij de onderhandelingen ontbrak het de gemeente onder meer aan kennis, regie en capaciteit. „De governance om extreem risicovolle projecten te sturen en te beheersen, werd zonder meer opzij gezet”, zegt Hofstra. „LSI heeft de gemeente uitgespeeld, omdat ambtenaren de boel niet op orde hadden, te laat reageerden en keer op keer voor verrassingen werden gesteld.”

De Rekenkamer noemt de erfpachtovereenkomst met LSI een „onverantwoord besluit” zonder „goed gemotiveerde afweging”. „Vooral omdat het ging over grootschalige gebiedsontwikkeling”, licht Hofstra toe. Erfpacht is succesvol geweest bij de Markthal, woontoren Calypso en De Rotterdam, waar de gemeente in huist, maar dat ging om lagere bedragen en zelfstandige complexen.

Onjuist en onvolledig

Zowel de raad als het college zijn door de jaren onjuist en onvolledig geïnformeerd over het Schiekadeblok, stelt de Rekenkamer. Hofstra: „Dat is, hoe zal ik het netjes zeggen, een vrij ernstige conclusie.” Risico’s werden onvoldoende gerapporteerd en de situatie werd rooskleuriger voorgesteld. „Iets wat als groen naar buiten ging, was intern knalrood. Niet één keer, meerdere malen.”

In maart 2013 bijvoorbeeld liep LSI inmiddels 2,75 miljoen achter met de erfpacht. Maar in juni van dat jaar rapporteerde het college aan de raad dat het risico op betalingsachterstanden laag was, in tegenstelling tot een analyse van ambtenaren.

Het huidige college onderkent de conclusies niet. Coalitiepartijen zeggen dat het rapport te stellig en niet goed onderbouwd is. Hofstra werpt het verre van zich. Het rapport is gebaseerd op een dossier van tweeënhalve meter met ruim veertig geverifieerde interviews, zegt hij. „Ik begrijp de reactie wel, maar heb er weinig begrip voor.

Lees ook: Hier had iets groots, iets moois kunnen staan

Stel dat je als college zou zeggen ‘wij vinden ons hier volledig in’, dat zou onmiddellijk politieke consequenties kunnen hebben voor het college. Ik hou me gewoon bij de feiten. Dat die niet altijd lekker vallen, dat weet ik als geen ander.”

Tegelijkertijd neemt het college wel alle aanbevelingen van de Rekenkamer over. Die adviezen zijn gezonde werkverhoudingen, betere checks and balances, goede regie en juiste informatievoorziening. „De geschiedenis herhaalt zich vrijwel altijd”, zegt Hofstra. „Dit is helaas geen incident, dit is een manier van werken. En daarom is het ook zo moeilijk om te voorkomen dat veel van die grote ontwikkelingsprojecten misgaan.”

    • Eppo König