Wereldleiders op zoek naar een nieuw verhaal in Davos

Internationale architectuur In Davos zoeken ondernemers en politici een antwoord op de keerzijde van globalisering. „Je kunt niet meer zeggen: spring op de globaliseringstrein want je hebt geen keus. Die tijd is voorbij.”

Aan de vooravond van het Davos-forum verbrandden demonstranten in Bern een kaartenhuis, volgens hen symbool voor de bestaande wereldorde.
Aan de vooravond van het Davos-forum verbrandden demonstranten in Bern een kaartenhuis, volgens hen symbool voor de bestaande wereldorde. Foto PETER KLAUNZER/EPA

Eén keer per jaar komen in een Zwitsers bergdorpje mensen bijeen die profiteren van de globalisering. Ondernemers spreken elkaar en ontmoeten politici die hun land aanprijzen in de hoop op nieuwe investeringen. Als ze willen, kunnen ze deelnemen aan honderden discussies over actuele ontwikkelingen zoals de groei van China, de fricties tussen de VS en Europa, het klimaat, duurzaamheid en de ontwikkelingen in de digitale wereld.

Maar het systeem waarvan deze winnaars van de globalisering de drijvende kracht zijn, is niet meer vanzelfsprekend. In talloze discussies op het World Economic Forum werden de problemen van globalisering blootgelegd en gezocht naar oplossingen. Zo pleitte de Italiaanse premier Conte voor een nieuw „humanisme”. Er moet een nieuwe set afspraken komen in Europa, zei Conte, afspraken die de burger weer centraal stellen.

Links heeft als eerste de globalisering onder vuur genomen: het systeem is niet fair en niet duurzaam, luidde de kritiek. Het protest was bescheiden. De Occupy-beweging (2011/2012) is al weer bijna vergeten.

Sinds een paar jaar vertolkt vooral populistisch rechts de onvrede over die open wereld waar kapitaal en ondernemers vrij spel hebben. Veel mensen hebben de idee dat ze slachtoffer zijn geworden en eisen bescherming. Een nieuwe generatie politieke leiders vertolkt dat gevoel. Kritiek op globalisering is nu van een heel andere orde: de critici hebben macht.

Volg het laatste nieuws over Davos in ons blog

Verval van een wereldorde

Na de Tweede Wereldoorlog bouwden de Verenigde Staten en hun partners aan een internationaal stelsel dat is gebaseerd op veiligheid, democratie en vrijhandel. Internationale organisaties en normen moesten het internationale economische verkeer reguleren en versoepelen. De VS waren de beschermheer van die orde.

President Trump treedt nu op als de grote ‘disrupter’, de ordeverstoorder. Hij ziet niets in multilateraal overleg en belaagt bondgenoten (Japan, EU) en concurrenten (China) met invoerheffingen of dreigt daarmee. Deze wereldorde, waar de globalisering van profiteerde, staat sindsdien ter discussie.

Michael J. Mazarr deed voor denktank Rand deed twee jaar onderzoek naar de wereldorde en presenteerde op de eerste ochtend een deel van zijn bevindingen. Zo’n orde, zo’n systeem van regels en afspraken komt op na oorlogen, raakt vervolgens in verval en eindigt dan, soms, weer in oorlog. Dit proces van verval en ondergang gaat gepaard met sociaal-economische onvrede; meestal gaat het fout als een of meerdere grootmachten zich uit de orde terugtrekken. Een typisch bijverschijnsel is ook een teloorgang aan persoonlijke chemie tussen hoofdrolspelers.

De huidige wereldorde heeft een aantal problemen. De prestaties ervan nemen af, zegt Mazarr. Tot ongeveer 2000 namen handel en democratie in de wereld toe, sindsdien stagneert de vooruitgang.

Bovendien worden winsten van het systeem ongelijk verdeeld. „Mondiale open markten, vrij kapitaalverkeer en technologische revolutie hebben veel opgeleverd, maar slechts voor weinigen”, zei de Italiaanse premier Giuseppe woensdag in zijn toespraak. „Iedereen, met een paar uitzonderingen, denkt dat het morgen slechter zal gaan dan vandaag.”

Het heeft ook veel te lang geduurd voordat doordrong wat de negatieve kanten zijn van globalisering, zegt Gita Gopinath, hoofdeconoom van het IMF, op een van de ruim 600 discussiebijeenkomsten. „Kritiek op globalisering ontstaat niet in een vacuüm maar is een antwoord op groeiende economische onvrede.” Mensen verliezen niet alleen banen en huizen, maar worden ook ziek en gaan drugs gebruiken. „Je moet ook kijken naar de opioide-crisis in de VS bijvoorbeeld.”

Naarmate de globalisering voortschreed nam de rol van de staat af, zegt Mazarr. „De staat, dé eenheid waaraan mensen hun collectieve identiteit ontlenen, kan in zijn eentje niet meer leveren wat hij zijn burgers op economisch en politiek terrein belooft.” De behoefte van burgers aan identiteit en geborgenheid botst met de noodzaak tot openheid, internationale regulering en internationale samenwerking.

Twee veranderingen

De onvrede over de prestaties van de mondiale economische orde en het gevoel van vervreemding vallen samen met twee structurele veranderingen. Twee economische grootmachten vechten om voorrang. De VS kregen de afgelopen jaren steeds meer concurrentie van opkomend China. De zittende macht en de opkomende macht zijn nu verwikkeld in een handelsconflict. Hoe dat conflict ook afloopt, duidelijk is dat de wereld moet leren omgaan met twee grootmachten.

Gooi de baby niet weg met het badwater

Gita Gopinath, hoofdeconoom IMF

En alsof onvrede en machtsstrijd nog niet genoeg zijn om een globalist uit de slaap te houden, is er ook nog de snelle ontwikkelingen van de digitale wereld, in Davos beurtelings aangeduid met Globalisering 4.0 of de Nieuwe Industriële Revolutie. Denk aan ‘big data’, het ‘Internet of Things’, of kunstmatige intelligentie. Deze nieuwe ontwikkelingen schreeuwen om internationale regelgeving. Er bestaat nog geen internationale architectuur om daar mee om te gaan. Als er normen worden opgesteld over wat wel en niet mag met AI, wie de eigenaar is van data, en hoe de privacy beschermd moet worden zou dat eigenlijk mondiaal moeten gebeuren.

Een systeem dat onder vuur ligt moet dus ook nog nieuwe taken op zich nemen. „We hebben drie ontwikkelingen: technologische revolutie, verdeeldheid in de wereldorde, en spanningen tussen een gevestigde grootmacht en een opkomende macht”, zo vatte Zhang Weiwei van de Fudan University in Shanghai samen. „Elk van die ontwikkelingen afzonderlijk zou vroeger al tot een oorlog hebben geleid.” Zover zal het nu niet komen, stelde hij zijn gehoor lachend gerust. „China is niet oorlogszuchtig”.

Op zoek naar een nieuw verhaal

In Davos was uiteraard niemand bereid om globalisering overboord te zetten – als dat al zou kunnen. „Als internationale handel uit beeld verdwijnt gaan we terug naar de Middeleeuwen”, zei de directeur van de Werelhandelsorganisatie, Roberto Azevêdo. „Dat kan ik je garanderen”.

Het is, concludeerde Mazarr van Rand niet meer voldoende om te herhalen dat globalisering tot meer welvaart leidt of om te sleutelen aan het functioneren van het systeem. De orde heeft een nieuw verhaal nodig dat haar bestaan legitimeert. Een verhaal dat een brug slaat tussen die behoefte aan onderlinge solidariteit en eigenheid binnen een staat en het immer voortschrijdende „imperiale” internationale systeem. „De tijd dat je zomaar tegen iedereen kunt zeggen: spring aan boord van de globaliseringstrein, je hebt geen keus, die tijd is voorbij.”

Maar hoe dat verhaal er dan moet uitzien weet ook Mazarr niet. „Eerlijk gezegd is dat debat net begonnen. Maar talloze mensen in de hele wereld zoeken daar nu koortsachtig naar.” Ondertussen mag je uit het oog verliezen dat het systeem ook voor enorme vooruitgang heeft gezorgd, zegt Gopinath van het IMF: „Na 1945 is armoede afgenomen, het leven is beter geworden, de productiviteit is gestegen. Met andere woorden: gooi de baby niet weg met het badwater.”

Bovendien, zegt ze, een perfecte orde bestaat niet. „Er is altijd creatie en destructie. Zelfs als we de best denkbare orde creëren, het meest gelijkwaardige systeem, er zullen altijd winnaars en verliezers zijn. Zelfs het mooiste internationale systeem moet aangevuld worden met binnenlands beleid omdat er altijd mensen zullen zijn die verliezen.” Dus moet de Amerikaanse overheid bijvoorbeeld inspringen om mensen om te scholen en te helpen bij verhuizingen naar regio’s waar werk is.

Overheden kunnen veel doen om het stelsel eerlijker te maken, zei Laurence Boon van de OECD. Pak corruptie aan, werk aan scholing en zorg ervoor dat multinationals niet ontsnappen aan het betalen van belastingen.

Zoek compensatie voor het falen van de globalisering, zegt ook Microsoft-baas Satya Nadella. Hij kijkt niet in de eerst plaats naar de overheid, maar naar bedrijven. „Markten werken, maar ze hebben nu eenmaal hun beperkingen”, zei hij op de openingsessie. Hij vertelde dat Microsoft veel goedbetaalde softwareontwikkelaars in dienst heeft, maar ook laaggeschoolden die minder betaald krijgen, full-timers en partimers. „Behandelen we die groepen wel even goed?” In Seattle functioneert de woningmarkt niet goed, er zijn weinig betaalbare woningen. Daar gaat Microsoft iets aan doen.

    • Michel Kerres