De strafeis tegen Jaap van Everdingen is een waarschuwing voor de financiële wereld

Vastgoedfraude Het OM wil een oud-KPMG-bestuurder negen maanden de cel in. Niet zozeer het fiscale nadeel voor de Belastingdienst ligt ten grondslag aan de eis, meer draait het om de symboolfunctie van KPMG.

Bij de bouw van het nieuwe hoofdkantoor benadeelde KPMG de Belastingdienst voor 10 miljoen euro. Foto ANP
Bij de bouw van het nieuwe hoofdkantoor benadeelde KPMG de Belastingdienst voor 10 miljoen euro. Foto ANP

„Mij is onmenselijk leed aangedaan. Ik ben afgefakkeld in de media. Een Kamerlid heeft geroepen dat boeven als ik de gevangenis in moeten. Ik kan al vijf jaar mijn beroep niet uitoefenen. Ik ben diep, diep, diep teleurgesteld in het Openbaar Ministerie, de FIOD en Belastingdienst.”

Voormalig KPMG-bestuurder Jaap van Everdingen (58) kan zijn woede nauwelijks onderdrukken als hij maandag het woord krijgt bij aanvang van de strafzaak tegen hem en drie andere betrokkenen bij vermeende fraude rond de bouw van het hoofdkantoor van KPMG. Hij, de man die als een van de steraccountants van Nederland gold en in die hoedanigheid met de top van „zo ongeveer elke aan de AEX-genoteerde onderneming” aan tafel zat, is door justitie tot de orde geroepen.

De hele week zal hij blijven foeteren over het „onrecht” dat hem „is aangedaan”. „Ik doe nu enkele betaalde adviesopdrachten waarmee ik 60.000 euro verdien. Dat staat in geen enkele verhouding tot wat ik verdiende als bestbetaalde partner bij KPMG. Géén en-ke-le. Ik was de tweede man van Europa!”

Justitie schikte met KPMG voor 8 miljoen euro, maar ging wel over tot strafvervolging van de vier betrokkenen.

Twee werelden kwamen deze week samen in de Amsterdamse rechtbank. Mannen, ooit behorend tot de Nederlandse accountantstop, namen het met een bataljon aan zwaargewichten uit de advocatuur op tegen justitie. Mannen die zichzelf „als criminelen” behandeld voelen en die „glansrijke carrières” zagen verdwijnen toen de FIOD in 2014 bij ze binnenviel, tegenover het OM dat de maatschappelijke onvrede vertegenwoordigt over de opstelling van de financiële wereld.

Lees ook: Met handige trucs hield KPMG de winst laag

Het kwartet wordt onder meer verdacht van het opzettelijk doen van onjuiste belastingaangifte en het opstellen van valse facturen met financieel gewin tot gevolg. Van Everdingen wordt door het OM hoofdverantwoordelijk gehouden. Hij kreeg de zwaarste eis te horen: een onvoorwaardelijke celstraf van negen maanden. Alle verdachten willen met volledige naam worden genoemd, omdat ze zichzelf onschuldig achten.

Een van de centrale vragen in deze zaak is of Van Everdingen en zijn financiële rechterhand Pim Botterman bewust een onjuiste belastingaangifte indienden rond de bouw van het nieuwe kantoor van de accountant. KPMG betrok in 2010 een nieuw, X-vormig pand met 60.000 vierkante meter kantooroppervlak langs de A9 bij Amstelveen. Voor de realisatie werd met vastgoedman Fred Meijer, eigenaar van een deel van de grond, een project-bv opgezet: KPMG II. KPMG bezat 70 procent van de aandelen, Meijer 30 procent.

Waar ze in eerste instantie afspraken alleen het plan te ontwikkelen, blijkt later een Duitse koper een kant-en-klaar pand te willen. Dus neemt Meijer namens KPMG II de verantwoordelijkheid voor de bouw op zich. Via een zogeheten sale and leaseback verkoopt de accountant het pand aan de belegger om het na oplevering weer te huren van de Duitsers. Een lucratieve deal: KPMG II maakte 94 miljoen euro winst. De accountant hield daarvan, na aftrek van onder meer inrichtingskosten en een extra realisatievergoeding aan Meijer, iets minder dan 16 miljoen euro over.

Sigaar uit eigen doos

KPMG weet volgens het OM daarbij met een fiscale truc de belastbare winst te drukken waardoor er voor de Belastingdienst een nadeel van 10 miljoen euro zou ontstaan. Kosten voor de inrichting van het pand zijn voor rekening van KPMG II. Zij willen de huurkosten voor de nieuwe huurders, KPMG en de fiscalisten van Meijburg, op die manier laag houden. Deze kosten zijn tevens fiscaal aftrekbaar en worden normaal aan de huurder gelaten, die ze uitsmeert over de looptijd van het contract.

Lees ook KPMG is heel transparant, maar ‘er zit een grens aan’

KPMG trekt de kosten van de inrichting ineens van de winst af. Fout, oordeelt het OM in een voorbeeldberekening: „Stel dat het bouwpakket 10 miljoen kost bij een huurcontract van tien jaar, dan mag de huurder jaarlijks 1 miljoen euro aftrekken.” In dit geval is de huurder echter KPMG, die dus zowel aan de verkoop- als afneemkant zit. „Een sigaar uit eigen doos”, stelt de officier van justitie. „Dit soort voordelen zijn bedoeld om een pand voor huurders aantrekkelijk te maken, maar die huurder was er al. Ook al zijn dit soort voordelen in de markt gebruikelijk, in dit geval is het oneigenlijk gebruikt.”

De vastgoedpartner Meijer wordt door de fiscale manoeuvre benadeeld. Hij is geen huurder en heeft er dus niks aan dat er minder belasting wordt betaald door KPMG. De ondernemer eist dan ook compensatie. Er wordt uiteindelijk een rekening betaald die precies gelijk is aan het winstbedrag dat hij misliep. Volgens Meijer voor „aanvullende werkzaamheden” en vanwege de risico’s die hij liep toen hij niet alleen ontwikkelaar was, maar in de nieuwe situatie ook zorg droeg voor de realisatie. „Een plagerijtje”, noemde hij de hoogte van het bedrag. KPMG-directeur Van Everdingen ging naar eigen zeggen „onder tijdsdruk” akkoord zonder te onderhandelen. „Een reëel bedrag” om risico’s af te kopen noemde hij het.

Het blijkt een plagerijtje met grote gevolgen. Doordat Meijer en KPMG de uitkering anders in de belastingaangifte verwerken, wekken ze de interesse van de FIOD.

Het OM gelooft de lezing van KPMG en Meijer niet en stelt dat de betrokkenen opzettelijk onwettig hebben gehandeld. „Van Everdingen haalde hier weliswaar geen persoonlijk gewin uit en wat hij wilde klonk nobel, maar hij heeft zich wel van strafbare feiten bediend.”

Toch laat justitie in verschillende strafeisen de duur van de zaak, inmiddels bijna zes jaar, meewegen. Van Everdingen en Pim Botterman moesten vertrekken bij KPMG en kunnen sinds 2014 al hun beroep niet meer uitoefenen. Ook werd op een deel van hun vermogensbronnen, zoals bankrekeningen, beslag gelegd.

Voor bewezen belastingfraude van deze omvang kan twee tot vijf jaar cel worden opgelegd. Zo bezien lijkt de eis tegen de verdachten relatief licht. Er speelt echter nog wat anders mee. Met Van Everdingen staat een grote naam uit de accountantswereld voor de rechter. Een man die aan tafel zat bij bedrijven als Shell, Philips en AkzoNobel. Het OM stak daarom veel tijd in de zaak. Talloze uren aan voorbereiding, zevenduizend pagina’s dossier en meer dan dertig getuigenverhoren gingen aan de behandeling vooraf en leidden tot anderhalve week aan zittingen.

Veel kritiek op OM

De laatste tijd is er veel kritiek op het OM omdat het verschillende grote fraudegevallen in de financiële wereld met een schikking afdeed. Zo werd vervolging in een witwasaffaire door ING voor 775 miljoen euro afgekocht. Ook rond de betaling van steekpenningen aan buitenlandse agenten door bouwbedrijf Ballast Nedam werd geschikt, met zowel de bouwer als KPMG. De accountant betaalde eind 2013 7 miljoen euro. Een poging om drie accountants te vervolgen in die zaak mislukte, omdat het OM door de rechter niet ontvankelijk werd verklaard. Door eerst een schikkingsvoorstel aan te bieden en dit vervolgens in te trekken, had het OM volgens de rechter „onbehoorlijk gehandeld”.

Bij de vermeende bouwfraude schikte justitie weliswaar met KPMG, maar ging dus wel over tot strafvervolging. Het OM geeft in de motivering van de strafeisen dan ook nadrukkelijk een signaal af naar de financiële wereld: niemand is onschendbaar. In een opvallend stevig statement liet justitie weten dat niet zozeer het fiscale nadeel voor de Belastingdienst ten grondslag lag aan de eis.

Meer draait het om de symboolfunctie van KPMG. „Van het grootste belang is de rol die KPMG inneemt in de financiële wereld. Een registeraccountant met een wettelijk monopolie moet de hoeksteen van financiële integriteit zijn. Juist dát vertrouwen heeft KPMG beschaamd.”

Volgende week voert de verdediging het woord. De uitspraak volgt op 5 april.

    • Jorg Leijten