‘Botten in ham: een bron van hartgezondheid?’

Echt waar? Iedere week bespreekt de redactie wetenschap hier een opvallend persbericht. Deze week: zijn gemalen botten uit Spaanse hammen gezond?

Bot van een voor consumptie gebruikte gedroogde ham
Bot van een voor consumptie gebruikte gedroogde ham Foto iStock

‘Bottenbouillon drinken is een nieuwe hype die ontstekingen tegengaat, gewrichtspijn verlicht en de darmgezondheid bevordert, claimen de voorstanders.’ Het is een fors begin van een persbericht van de American Chemical Society, respectabel uitgever van het tijdschrift Journal of Agricultural and Food Chemistry. De uitgever zoekt aandacht voor een vorige week uitgekomen artikel van Spaanse voedingstechnologen uit Valencia. Onderzochten zij of bottenbouillon de pijn in knie- of heupgewrichten wegspoelt?

Nee. Zij maalden botten uit traditioneel gedroogde Spaanse hammen. Het onderzoek is betaald door de Generalitat Valenciana – een hamproducerende Spaanse regio die zijn inwoners niet alleen aan het vlees maar ook graag aan de botten ziet verdienen. Behalve die botten blijft de vleesindustrie ook nog zitten met „vleesresten, bloed, huid en hoorns die grote economische en ecologische kosten met zich meebrengen”, schrijven de onderzoekers.

Het zou dus mooi zijn als mensen bottenbouillon willen drinken en denken dat dat gezond is.

De onderzoekers weten het niet. Zij maalden de botten en losten die op in water, of trokken er bouillon van. De opgeloste eiwitten en brokstukken van eiwitten (peptiden) isoleerden ze. En ja, die bleken bepaalde stofjes die hartziekten zouden veroorzaken te blokkeren. Goed voor het hart is dan de suggestie. Maar na een in het laboratorium nagebootste vertering zoals die in mond, maag en darm gebeurt, waren nog maar een paar van die peptiden over.

Of de restanten van die peptiden ooit bij de mens in voldoende hoge concentratie in het bloed komen om heilzaam te zijn, is niet aangetoond. Daar is nog veel onderzoek voor nodig, besluiten de onderzoekers.