Binnen kijken bij Huawei kan nu wel, Europa moet behouden blijven

Telecomgigant opent deuren Huawei gelooft niets van de verdenkingen van spionage. „Onze producten hebben geen enkele ideologie, we zitten alleen toevallig in China.”

Een verkoopmedewerker van Huawei wacht op klanten.
Een verkoopmedewerker van Huawei wacht op klanten. Foto’s Bloomberg / Reuters

Xiong Di is trots op het bedrijf waarvoor hij werkt, en hij wil daarom best een praatje maken. De man van een jaar of veertig staat in zijn nette lichtblauwe pak bij de ingang van de zaal waar straks een persconferentie van het Chinese telecombedrijf Huawei wordt gehouden. Hij werkt al vijftien jaar voor Huawei. Makkelijk om die baan te krijgen was het allerminst. „Natuurlijk niet”, zegt hij lachend. „Iedereen wil wel voor Huawei werken. Heel veel mensen vallen af in het selectieproces.”

Wat vindt hij ervan dat Huawei nu in het buitenland wordt verdacht van spionage voor de Chinese overheid, en dat de Verenigde Staten de technologie van Huawei niet meer willen? „Laat ze eerst met bewijzen komen voor dat afluisteren”, zegt hij. „Die zijn er niet. Wij, de 180.000 werknemers van Huawei voelen ons allemaal één met onze baas. We staan er precies hetzelfde in als hij. We delen zijn kernwaarden. We zijn er juist trots op dat we de bevolking van de hele wereld kunnen dienen met onze goede en betaalbare technologie.”

Xiong Di is de eerste en meteen ook de laatste werknemer van het bedrijf die deze krant vandaag te spreken krijgt. Volgende pogingen om met iemand een praatje aan te knopen, worden meteen in de kiem gesmoord. Een jonge man in spencer die tijdens een rondleiding door het bedrijf achter zijn computer zit, reageert aanvankelijk heel vriendelijk. Maar al snel gebaart iemand hem subtiel dat spreken met een journalist niet de bedoeling is.

Lees ook: Wat Huawei kan doen om vertrouwen te winnen in Nederland.

Tijdens de rondleiding mogen ook geen foto’s worden gemaakt. Gefilmd mag er al helemaal niet. Dat kun je je nog voorstellen als het zou gaan om heel voorlijke technologie die aan de bezoekers wordt getoond, maar dat is niet zo. Het grootste deel van de tijd gaat op aan powerpoint-presentaties, de getoonde machines dateren uit 2011 en 2012 en dienen bijvoorbeeld om te testen hoe een telefoon zich houdt onder water of als hij hard valt. Niet bepaald de meest geavanceerde technologie.

Wat ook niet mag, is beelden maken tijdens de vraag- en antwoordsessie na een presentatie van Huawei’s nieuwe 5G-technologie. En het is echt streng verboden om vragen te stellen over de arrestatie van Wang Mengzhou, de CFO en dochter van de oprichter van Huawei die op het moment in Canada wacht op mogelijke uitlevering aan de Verenigde Staten. Daar wordt ze onder meer verdacht van het ontduiken van het handelsembargo tegen Iran. De zaak is onder de rechter, dus: geen commentaar.

Dan moppert iemand dat het toch geen pas geeft om de journalisten al die dingen te verbieden. Huang, een jonge vrouw die de PR voor Huawei doet, zegt daarop: „Je moest eens weten hoe vaak ik al niet heb gevraagd of we wat meer kunnen toestaan. Maar dat lukt echt niet. Het is al heel wat dat we jullie hier nu ontvangen. Dat had vroeger helemaal niet gekund.”

Dat het nu wel kan, is vooral ingegeven door Huawei’s angst om na de Amerikaanse nu ook de Europese markt te verliezen. Veel Europese landen, waaronder Nederland, beslissen de komende tijd of zij voor het nieuw aan te leggen 5G-netwerk gebruik gaan maken van de geavanceerde en relatief goedkope technologie die Huawei aanbiedt. Telecomproviders willen vaak wel, maar overheden zijn bang dat de Chinese overheid via de netwerken die Huawei helpt aanleggen de mogelijkheid krijgt om mee te luisteren. Of, erger nog, dat China dan in staat zal zijn om naar believen delen van onze cruciale infrastructuur plat te leggen.

Richard Yu, hoofd van de divisie consumentengoederen van Huawei, vindt zulke verdenkingen volkomen onzinnig en dat draagt hij vol overtuiging uit. „Onze producten hebben geen enkele ideologie, we zitten alleen toevallig in China”, zegt hij tijdens de persconferentie. „De Chinese overheid heeft ons ook nooit gevraagd om wie dan ook af te luisteren.” Bang dat hij nu ook de Europese markt verliest, is hij naar eigen zeggen niet. „Zelfs zonder de Amerikaanse markt worden we dit jaar of volgend jaar de nummer één in de wereld op het gebied van smartphones.” Nu is Huawei de tweede leverancier, nog na Samsung, maar wel al vóór Apple. „Ik denk dat Europa voor Huawei gaat kiezen”, zegt hij. Daarbij is het wel irritant dat de VS zoveel „herrie, geruchten en fake news” verspreiden, maar volgens Yu is daar niets van waar.