Advies: nooit meer rekenen met breuken

Basisonderwijs In plaats van rekenen met breuken moeten leerlingen op de basisschool leren redeneren over kansen, adviseert een denktank. Leraren en deskundigen zijn kritisch.

Illustratie Rik van Schagen

De denktank die het lescurriculum van basis- en middelbare scholen moet vernieuwen, adviseert om op de basisschool niet meer met breuken te rekenen. Leerlingen zouden op de basisschool alleen nog begripsvorming en ‘rekentaal’ aangeboden moeten krijgen, zoals ‘de helft’ of ‘een kwart’. In plaats van breuken zouden ze moeten leren redeneren over kansen, als inleiding op de statistiek. Op de middelbare school krijgen alleen leerlingen „voor wie dat relevant is” breuken.

Leraren en rekendeskundigen hebben veel kritiek op dit advies. „Ik ben bang dat ze straks aan het eind van groep acht alleen nog een pizza kunnen kleuren en niet meer kunnen rekenen met formele, kale sommen”, zegt Robbin van Eijsden, wiskundeleraar op de havo van het Rotterdams Montessori Lyceum. „Als die basis er niet meer is, moeten we dat op de middelbare school oefenen. Dat lijkt me een ramp.”

Natuurkundige en Nobelprijswinnaar Gerard ’t Hooft schrijft op Twitter: „Geen breuken meer op de lagere school? Denkt men werkelijk dat je kinderen dan wel kansberekening kunt leren? Hoe moet dat als ze de breuken niet snappen? En breuken zijn gemakkelijker en leuker.”

„Ik kan de redenering van de denktank niet helemaal volgen”, zegt René Kneyber, wiskundeleraar aan het vmbo en vwo en lid van de Onderwijsraad. „Er zijn mensen die zeggen dat eerst begrip komt en dan de beheersing. Maar veel dingen moet je eerst beheersen voor je ze gaat begrijpen. Dat geldt met breuken net zo goed.”

Het gewraakte tussenadvies komt van het ontwikkelteam ‘Rekenen & Wiskunde’ van curriculum.nu. Dat is een denktank die op verzoek van het ministerie van OCW een nieuw schoolcurriculum ontwerpt, dat minister Slob (Onderwijs, ChristenUnie) zou moeten invoeren. Dit ontwerpen gebeurt in een aantal etappes waarbij betrokkenen inspraak hebben. In totaal zijn er negen ‘ontwikkelteams’ bezig om voor alle vakken en alle niveaus van het primair en voortgezet onderwijs leerdoelen vast te stellen. Hun eindadvies wordt in april verwacht.

Nauwelijks onderbouwd

Het probleem is dat de meeste leraren niet van curriculum.nu op de hoogte zijn. Critici zeggen ook dat de voorstellen nauwelijks wetenschappelijk zijn onderbouwd. De Onderwijsraad schreef onlangs dat het eindadvies van curriculum.nu niet geschikt zal zijn voor uitvoering, omdat het te weinig praktisch is.

Ebrina Smallegange, voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Wiskundeleraren, noemt het „grappig” dat curriculum.nu door de breuken is gaan leven. „De voorgaande adviezen waren niet zo bijster duidelijk. Dit is iets heel concreets waar heel Nederland een mening over heeft.”

Zij vraagt zich af welke onderdelen uit het middelbare onderwijs moeten worden gehaald als daar de breuken zouden worden behandeld: „Er is maar een beperkte hoeveelheid lestijd.”

Wiskundeleraar Van Eijsden schrok ook van de zinsnede in het tussenadvies dat de onderbouw van havo en vwo „te veel algebra” bevat. „Ze willen dat verplaatsen naar het vwo en wiskunde B in de bovenbouw, maar rekenen met letters doe je in de bovenbouw hartstikke vaak bij wiskunde A. Ook op de havo.” Hij vreest dat die „moeilijke formules” uiteindelijk ook uit het bovenbouwcurriculum worden geschrapt. „Ik heb dat gevraagd, en daar denken ze inderdaad over na. Ik vind dat uitholling. Het lijkt alsof ze gewoon alle moeilijke dingen eruit halen; ik mis een onderbouwing.”

Volgens René Kneyber ontstaat er ongelijkheid omdat „je de ene groep de lesstof wel gaat aanbieden en de andere niet”. Hij vindt het advies typerend voor wat er mis is met curriculum.nu. „Met de Onderwijsraad hebben we geadviseerd eerst te kijken naar waar de problemen zitten. Die moet je adresseren in een nieuw curriculum. Wat nu gebeurt, is dat alles opnieuw wordt bedacht. En dan ontstaan er nieuwe problemen.”

    • Mirjam Remie
    • Maarten Huygen