Grapperhaus wil verblijf in terroristisch gebied toch strafbaar stellen

Volgens de minister is een officieel verblijfsverbod toch nodig, omdat de verwachting is dat jihadisten in de toekomst naar andere conflictgebieden zullen reizen.

Minister Ferdinand Grapperhaus van Justitie en Veiligheid in 2019.
Minister Ferdinand Grapperhaus van Justitie en Veiligheid in 2019. Foto Bart Maat/ANP

Wie zonder toestemming in een gebied verblijft dat onder controle staat van een terroristische organisatie zoals IS, moet daarvoor kunnen worden bestraft. Dat wil minister Grapperhaus van Justitie en Veiligheid (CDA). Hij heeft daartoe donderdag een wetsvoorstel ingediend.

Grapperhaus wil dat het verblijf in terroristisch gebied met maximaal een jaar cel moet kunnen worden bestraft. Het verbod moet nog langs de Tweede Kamer. In de praktijk werden uitreizigers naar Syrië en Irak, waar terreurgroep IS grote gebieden in handen had, door de rechter in veel gevallen al bestraft. Volgens de minister is een officieel verblijfsverbod toch nodig, omdat de verwachting is dat jihadisten in de toekomst naar andere conflictgebieden zullen reizen.

Lees ook: Laura H. is de bekendste Syriëganger van Nederland. Thomas Rueb sprak met haar en reconstrueerde haar verhaal.

Bovendien is het achteraf vaak onduidelijk wat een uitreiziger precies heeft gedaan in een terroristisch gebied. Gaat het om deelname aan een terreurorganisatie, dan is dat strafbaar. Maar niet bij iedere uitreiziger kan dit worden vastgesteld. In de toekomst moet de aanwezigheid zelf dus ook strafbaar worden. De Raad van State (RvS) is kritisch op het plan. Het hoogste adviesorgaan vindt dat de noodzaak van het voorstel door de minister niet voldoende is aangetoond.

Eerdere kritiek van de RvS

Eerder deed het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) op verzoek van het ministerie onderzoek naar of het mogelijk is om verblijf in terroristisch gebied strafbaar te stellen. Toenmalig minister Ard van der Steur (Veiligheid en Justitie, VVD) presenteerde daarop een zelfde soort wetsvoorstel. Dat werd door zijn opvolger Stef Blok geschrapt na kritiek van de Raad van State.

De Raad concludeerde toen ook dat de minister onvoldoende duidelijk had gemaakt waarom de maatregel nodig is. Ook bleek het lastig om aan te tonen dat Nederlanders opzettelijk in terroristisch gebied waren geweest. In de praktijk lukte het bovendien vaak om zonder extra maatregel uitreizigers veroordeeld te krijgen.

    • Maartje Geels