De politieke wil ontbrak om milieudoelen te halen

Klimaatbeleid Nederland gaat de door Urgenda geëiste CO2-reductie niet halen. Is dat illustratief voor het milieubeleid? Zes vragen over de gemiste klimaatdoelen.

De kolencentrale in de Eemshaven, gezien vanaf het platteland van Groningen. Het kabinet heeft in de Najaarsnota van november in elk geval 500 miljoen euro gereserveerd voor „maatregelen voor CO2-reductie”.
De kolencentrale in de Eemshaven, gezien vanaf het platteland van Groningen. Het kabinet heeft in de Najaarsnota van november in elk geval 500 miljoen euro gereserveerd voor „maatregelen voor CO2-reductie”. Foto Jerry Lampen/ANP

Het Planbureau voor de Leefomgeving maakt deze vrijdag duidelijk hoe het Nederlandse milieubeleid ervoor staat ten aanzien van de reductie van de CO2-uitstoot, de Europese doelstelling voor duurzame energie en de besparing van energie.

Dat heeft alles te maken met de succesvolle juridische strijd van Stichting Urgenda. Tot verbazing van de politiek kreeg de milieuorganisatie in oktober in hoger beroep gelijk in een proces tegen de staat. Urgenda eiste daarin dat de staat voor eind 2020 de CO2-uitstoot met 25 procent vermindert ten opzichte van 1990.

Dat het kabinet de gestelde milieudoelen niet haalt, is al langere tijd bekend. Half december meldden Haagse bronnen al in NRC dat de staat alleen met zeer ingrijpende maatregelen aan de rechterlijke uitspraak kan voldoen. De vraag is vooral hoe het kabinet reageert.

  1. Hoe slecht staat Nederland ervoor?

    De reductie van de CO2-uitstoot komt in 2020 naar verwachting rond de 21 procent uit, terwijl Urgenda 25 procent eiste. Dat betekent dat die uitstoot de komende twintig maanden nog met 9 à 10 miljoen ton CO2 moet worden teruggebracht. En dan zijn er draconische maatregelen nodig. Het risico op gezichtsverlies – de staat gaat voorbij aan een rechterlijke uitspraak – en een dwangsom is volgend jaar hoog.

  2. Welke cijfers komen er nog meer naar buiten?

    Het Planbureau voor de Leefomgeving maakt vrijdag ook bekend dat Nederland de Europese doelstelling voor duurzame energie niet haalt. Die zou op 14 procent van de totale energieproductie moeten liggen; eind 2017 ging het bureau ervan uit dat dit 12,4 procent wordt.

    Als laatste wordt vrijdag duidelijk dat we ook de beoogde energiebesparing van 100 petajoule niet halen. Het Planbureau ging in 2017 uit van 75 petajoule, onder meer omdat milieuwetten niet voldoende worden gehandhaafd.

    Lees ook: Buurlanden lukt het wél om uitstoot te verminderen
  3. Komen deze cijfers voor de politiek als een verrassing?

    Nee, vorige maand heeft het kabinet al een indicatie van de achterblijvende CO2-uitstoot gekregen. Ook al verrassen de cijfers niet, pijnlijk zijn ze wel. Want de gegevens laten zien dat het milieubeleid op meerdere fronten zijn doelen niet heeft gehaald.

    De vereiste reductie van CO2 komt zeker niet uit de lucht vallen. Al in 2007 berekende het klimaatbureau van de Verenigde Naties (IPCC) dat de reductie 25 tot 40 procent moest bedragen om de klimaatopwarming tot 2 graden te beperken. Dat streven werd ook in de politiek aanvaard. Het regeerakkoord van het kabinet-Balkenende IV (2007-2010) noemde een reductie van 30 procent. En als te behalen aandeel van duurzame energie werd toen al 20 procent genoemd. Twaalf jaar later is duidelijk dat dit, als de politiek geen heel ingrijpende maatregelen neemt, niet wordt gehaald.

  4. Hoe gaat het kabinet vrijdag reageren?

    Het kabinet zal niet direct komen met een lijst maatregelen waardoor de doelstellingen alsnog binnen bereik komen. Verantwoordelijk minister Eric Wiebes (Economische Zaken en Klimaat, VVD) zal aangeven welke procedures het kabinet nu gaat volgen.

    Vrijdag kan ook duidelijk worden hoe groot de eensgezindheid binnen het kabinet hierover is. VVD en CDA lijken hun verlies te willen nemen; achter de schermen stellen zij dat een reductie van 25 procent ‘onmogelijk’ is. D66 en ChristenUnie willen zich meer van hun groene kant laten zien.

    In de Najaarsnota van november heeft het kabinet in elk geval 500 miljoen euro gereserveerd voor „maatregelen voor CO2-reductie”.

  5. Hoe komt het dat niet één van de milieudoelen voor 2020 wordt gehaald?

    Daar zijn veel verklaringen voor. Het heeft bijvoorbeeld te maken met de economische groei, die voor meer vervuiling door industrie en verkeer zorgt. Verder zijn er tegenvallers in de duurzame energie (aanleg van windparken op land) te noteren.

    Terugkijkend is in elk geval duidelijk dat er onvoldoende politieke wil is geweest om de doelen te halen. Uit een reconstructie in NRC bleek in december dat na de eerste rechtszaak die Urgenda won, in 2015, geen extra beleid is gevoerd om de CO2-uitstoot te beperken.

  6. Heeft Urgenda iets onmogelijks geëist van het kabinet?

    Nee, in theorie waren de doelen haalbaar. Het PBL kwam na de rechtszaak in 2015 met een lijst mogelijke maatregelen om de doelstellingen in 2020 te halen. Volgens het PBL waren er „voldoende technische maatregelen” voor de extra reductie. Maar, zo luidde in 2015 de aansporing, „snelle reductie vereist maximale vaart in de besluitvorming en effectieve invoering van het extra beleid”.

    Die snelheid bleef uit, omdat Den Haag erop rekende dat de staat het hoger beroep zou winnen. Ruim drie jaar later bleek dat een inschattingsfout. Nu hebben nog altijd sommige politici hun hoop gevestigd op de cassatie bij de Hoge Raad die de staat heeft ingesteld.

  7. Met medewerking van Barbara Rijlaarsdam.