Volle poepluiers? Lever ze in

Recyclen Wat te doen met gebruikte luiers? Weg ermee en verbranden zou je zeggen, maar in sommige gemeentes worden ze gerecycled.

Foto iStock

De soepelheid waarmee hij zoon Hugo op de ene arm meeneemt en met de andere hand een zwart plastic zakje vasthoudt, een kliko opent, het zakje deponeert en de klep weer dichtdoet, verraadt dat de handeling haast dagelijkse kost is. Ja, Diego Miranda-Saavedra moet dit veel vaker hebben gedaan.

En dat is ook zo. De uit Spanje afkomstige veertiger recyclet al een halfjaar de plastic luiers van zijn zoon. En dat betekent elke week twee keer een zak met luiers meenemen, om deze in een van de helderblauwe kliko’s achter te laten in Soest, naast het kinderdagverblijf waar zijn kind heen gaat.

„Het moet van mijn vrouw”, grapt hij. „Zij is een echte Hollandse. Jullie zijn hier veel serieuzer met recyclen dan ik gewend ben in Spanje. We hebben thuis een nappy bin staan waarin we de luiers bewaren tot Hugo weer naar de opvang moet.”

Het is een kleine moeite, geeft hij toe, al heeft hij zo zijn bedenkingen over het nut. „Recyclen gebeurt vaak omdat het de recyclebranche veel geld oplevert, anders zouden ze er niet aan beginnen.” En wat gebeurt er daadwerkelijk met de luiers, vraagt hij zich af. „Ik heb geen idee. Ik weet ook niet hoeveel andere mensen gebruikmaken van de bakken. Als wij de enigen zijn, schiet het ook niet echt op natuurlijk.”

De blauwe bakken staan sinds november 2017 op meerdere plekken in Soest, veelal in de buurt van kinderdagverblijven. Op de bakken staat groot Luierrecycling Nederland, een stichting die opgericht is door de het bedrijf Stopmijnafval. Inmiddels doen 43 gemeenten in Nederland mee aan het recyclen van luiers. In vijf gemeenten, waaronder Soest, haalt Stopmijnafval de luiers op.

„Wij zamelen er nu zo’n achthonderdduizend per jaar in”, zegt oprichter Arend-Jan Majoor, zelf vader van drie kinderen. „En het aantal blijft stijgen, zo’n 10 procent per kwartaal.” Naast kinderluiers vormen incontinentieluiers de hoofdmoot van het luierafval.

Van luier naar nieuwe kunsstof

In december werd de eerste luierrecyclefabriek geopend, bij afvalverwerker ARN in Weurt bij Nijmegen. Maar wat is er gebeurd met alle luiers die het afgelopen jaar door heel Nederland zijn verzameld? Ligt er een grote berg stinkende luiers ergens in het land te wachten op recycling?

Lees ook: Van Afrika tot China: plastic is overal, maar de wil om op te ruimen begint te komen

Dat niet, zegt recycling-ingenieur Willem Elsinga. Hij werkte de afgelopen vijf jaar in Weurt aan een proefinstallatie, waarbij de luiers in een reactor van 300 liter (samen met slib uit een rioolzuiveringsinstallatie) worden verhit tot 250 graden. Uit de ontstane slurry kan het plastic worden gefilterd, dat gebruikt wordt voor nieuwe kunststoffen. De slurry zelf wordt gebruikt voor biogas, biomassa en kunstmest. Volgens Elsinga worden in Nederland per jaar in totaal zo’n twee miljard luiers gebruikt. Hoeveel er worden gerecycled is niet bekend.

„Tot op heden worden alle luiers in Nederland verbrand in afvalenergiecentrales”, zegt Elsinga. „Daaruit produceren ze elektriciteit en warmte. Dat is al een goed proces, maar met onze methode ontstaat er een extra milieuvoordeel van circa vijfhonderd kilogram CO2 per duizend kilo aan luiers. Als de installatie in Weurt op volle capaciteit draait, bespaart dat de jaarlijkse CO2-uitstoot van 64 miljoen autokilometers. Dat is de jaarlijkse CO2-uitstoot van 5.000 auto’s. Als we alle luiers uit Nederland volgens deze methode verwerken besparen we de CO2-uitstoot van honderdduizend auto’s.” Als de eerste grote reactor (5000 liter) in Weurt op volle toeren draait, komen er nog twee bij, zegt Elsinga.

Wat vindt Elsinga van de opmerking dat recyclen vooral om geld verdienen gaat? „Ik begrijp de scepsis. De berekeningen tot op heden geven inderdaad aan dat het proces winstgevend is, maar ik denk dat we een goed proces hebben als het goed voor het milieu is.”

150 vieze luiers

En dus is het zaak dat er nog meer luiers worden opgehaald. Zoals in Soest. Tijdens een observatie op een regenachtige dinsdagochtend is Miranda-Saavedra de enige die de bakken gebruikt, terwijl het toch een komen en gaan is op de parkeerplaats in het centrum, waaraan de kinderdagverblijven Dribbel en Het Speeldorp zijn gelegen. Om erachter te komen of de bakken al echt fanatiek gebruikt worden, zit er maar een ding op: spieken. Met de neus dicht. In drie van vier bakken ligt een bodempje aan zakken, de vierde is nog leeg.

Lees ook: Iedereen kan thuis iets aan de plasticsoep doen

„Je hebt geluk, ze zijn vrijdag geleegd”, zegt Anita van Rooijen , manager van kinderdagverblijf Dribbel-Soest, een vestiging van kinderopvangorganisatie Bink. Bij elke locatie staan recyclebakken, die over het algemeen snel gevuld zijn. Van Rooijen rekent even uit – aan de hand van twee baby- en twee peutergroepen, drie verschoonronden per dag en de onvermijdelijke losse verschoningen – dat er dagelijks zo’n honderdvijftig vieze luiers bij Dribbel-Soest worden achtergelaten. Die gaan allemaal de blauwe kliko’s in.

Daar komen dus de luiers die ouders meenemen bij. Van Rooijen: „Bij de deur liggen zakken van afbreekbaar plastic die ouders mee kunnen nemen, om de luiers in te stoppen. Het is geen dagelijks onderwerp van gesprek. Al hadden we laatst een balende vader; hij was ’s ochtends vergeten de zak met luiers uit de auto te halen. ’s Middags stonk zijn hele auto.”