Na ruimtereis minder hersenen en meer water in astronautenschedel

Ruimtevaart Hoe langer astronauten in de ruimte zijn geweest, hoe meer water er onder in hun hersenen zit, blijkt uit onderzoek van een Amerikaanse arts, die zelf twee Spaceshuttlevluchten maakte.

Hersenscan waarin in rood is aangegeven waar na een ruimtereis meer water in de hersenen van een astronaut zit dan voor de reis. Blauw betekent: minder water op die plaats.
Hersenscan waarin in rood is aangegeven waar na een ruimtereis meer water in de hersenen van een astronaut zit dan voor de reis. Blauw betekent: minder water op die plaats. Foto JAMA Neurology

Hoe langer astronauten in de ruimte zijn geweest, hoe meer water er onder in hun hersenen zit. De hersenen zijn in de schedel bovendien een stukje naar boven geschoven, en de witte hersenstof, waarin de onderlinge verbindingen tussen hersendelen en zenuwcellen liggen, is een paar procent in volume afgenomen. Dat komt doordat de omhulling van de zenuwbanen (de myelineschacht) dunner is geworden en zenuwverbindingen verbroken zijn. Dat gebeurt vooral in hersengebieden die belangrijk zijn voor beweging, evenwicht en de koppeling tussen zien en bewegen.

Dit is gezien in een vergelijking van MRI-hersenscans van 15 astronauten, voordat ze naar de ruimte vertrokken en 1 tot 20 dagen na terugkeer. Amerikaanse onderzoekers publiceerden er woensdag over in het tijdschrift JAMA Neurology. Het onderzoek wordt gedaan om in te schatten of mensen lange ruimtereizen – twee jaar naar Mars heen en weer bijvoorbeeld – gezond kunnen doorstaan.

Een verblijf in de ruimte, en dan vooral de afname aan zwaartkracht, is een flinke aanslag op het lichaam. Allereerst verandert de waterverdeling in het lichaam sterk, doordat water niet meer door de zwaartekracht naar beneden zakt. Een pufferig gelaat, door veel vocht in het hoofd, is het zichtbare gevolg. Astronauten in het internationale ruimtelaboratorium ISS doen iedere dag zes uur gerichte oefeningen om gezond te blijven.

Bekend is dat astronauten die terugkeren op aarde hun evenwichtsgevoel tijdelijk kwijt zijn. Meer zorgen maken onderzoekers zich over oogafwijkingen die meer dan de helft van de mensen na een maandenlang verblijf in de ruimte krijgen. Voor een verblijf in het ISS krijgen astronauten brillen mee waarvan ze zelf de sterkte kunnen aanpassen. De oogbol plat af, het netvlies krijgt last van vochtophoping en de oogzenuw raakt beschadigd. Dat hangt misschien samen met de verplaatsing van de hersenen, suggereren de onderzoekers.

In een begeleidend commentaar schrijft de arts en oud-astronaut (twee Spaceshuttlevluchten) James Bagian dat veiligheid van ruimtereizen altijd een kwestie is van afwegen, maar dat uiteindelijk de astronaut zelf moet beslissen of hij meegaat, en dat de hoogste baas van een ruimteproject moet beslissen of een vlucht doorgaat.

    • Wim Köhler