In beeld

40 uur per week buiten

Wekelijks bracht fotograaf Kees van de Veen de mensen in beeld die elke dag, in weer en wind, buiten werken.
5.000 per jaar, zoveel muskusratten vangen Feddrik van Dellen (30) en zijn 22 collega’s bij waterschap Noorderzijlvest. Dag in dag uit is ‘rattenvanger’ Van Dellen langs de waterkant te vinden. In zijn „eigen” gebied, zo’n 800 kilometer aan sloten tussen het dorp Sint-Annen (op de foto) en de stad Groningen in. Hij speurt er naar aangevreten gewassen en minutieus gegraven holletjes, om zo gericht klemmen te plaatsen. Regelmatig, zoals vandaag, heeft hij ‘beet’. Begrijp hem niet verkeerd, dat doet „elke keer een beetje pijn.” Maar het is kiezen tussen twee kwaden: óf de ratten bestrijden, óf natte voeten. „Oorspronkelijk leven ze hier helemaal niet, en ze graven de dijken door.”
Foto Kees van de Veen
Er is geen maximum aantal honden dat Marjan Bolhuis (52) meeneemt met haar uitlaatservice in Groningen. Dus er zijn dagen zoals deze, dat een tiental honden meegaat naar het park voor een rondje. Zo’n elf jaar geleden begon Bolhuis haar bedrijf, iets anders wil ze nooit meer doen: „Niets is zo mooi om met dieren te werken.” De dag van Bolhuis begint tegen acht uur, als ze de eerste honden ophaalt voor haar ochtendrondje. De dieren mogen een uur rondrennen, daarna is het tijd om de honden voor de middagronde op te halen. „Ik ga altijd, of het nu regent, waait of sneeuwt.”
Foto Kees van de Veen
Tot voor kort werkte Tessa de Vries (23) nog in een fabriek, nu legt ze glasvezelkabels. En dat is een stuk leuker, vertelt ze. „Je bent de hele dag in de buitenlucht, de hele dag in beweging, en je hebt meer verantwoordelijkheid. Nu ik dit doe, wil ik niet meer terug.” Glasvezelkabels maken snel internet mogelijk. Het leggen is zwaar werk, zegt de Friese. „Misschien dat het daarom een echt mannenberoep is. Ik ben waarschijnlijk de enige vrouw die dit doet.”
Foto Kees van de Veen
’s Ochtends vroeg, zodra het licht is, hangt Sil Damsma (24) op zo’n negentig meter hoogte in zijn ‘gondel’. Vandaag zijn de ramen van de hoogste toren van de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) aan de beurt om gewassen te worden. Damsma, glazenwasser bij RL glas- en gevelonderhoud, is samen met een collega bijna het hele jaar zoet met dit Groningse gebouw. Dat ziet er overigens niet alleen bijzonder uit, „maar is ook bijzonder om te wassen”. De gondel moet langs een ‘bol’ oppervlak gemanoeuvreerd worden, en dat vergt enige oefening. Is het te koud of waait het te hard, dan doen ze de beglazing binnen – al is Damsma toch veel liever buiten.
Foto Kees van de Veen
Nog even en dan zit het werk voor Simon Meilof (30) en zijn collega’s er weer op. Van maart tot december leggen ze door heel Nederland wegmarkeringen aan – busstroken, zebrapaden, parkeerplaatsen. Zodra het kouder wordt, en de wegen worden bestrooid met zout, stopt het werk voor een paar maanden. Want dan hecht de verf niet meer. Op de foto giet Meilof een thermoplastische kunststof in een mal om haaientanden te maken, op een openbare weg in Groningen. Het bedrijf waarvoor hij werkt, huist in Oosterwolde. Voor de markeringen reizen de werknemers heel Nederland door.
Foto Kees van de Veen
Maike van den Berg (21) is fietskoerier voor het Groningse Fooddrop, een maaltijdbezorger à la Deliveroo en Foodora. Zo’n drie dagen in de week – Van den Berg kan zelf aangeven wanneer ze graag wil werken – fietst ze langs Groningse restaurantjes, om de bestellingen vervolgens bij mensen thuis af te leveren. Voor Van den Berg is dit een bijbaantje, ze heeft net haar bachelor behaald en wil binnenkort gaan reizen. Fietsen op haar racefiets deed ze altijd al graag, de kou vindt ze „juist wel lekker”. Al schiet dat fietsen in haar vrije tijd er nu een beetje bij in. „Alleen in de zomer wielren ik nog.”
Foto Kees van de Veen
Op koude dagen draagt verkeersregelaar Gerben Nijboer (51) een fleecejas, verkeersregelaarsjas, thermobroek, muts, sjaal, handschoenen. Na een tijdje, vertelt hij, wen je wel aan de kou – net als aan hitte overigens, zoals die van afgelopen zomer. Maar de eerste dagen? „Dan denk je: was het maar zo laat dat ik al naar huis kon.” Hier helpt hij schoolkinderen in Haren veilig oversteken, maar hij wordt in de „noordelijke provincies” voor allerlei situaties ingezet: wegwerkzaamheden, ongelukken. Regelmatig heeft hij te maken met agressie op de weg, zegt Nijboer. „Gelukkig zijn er ook veel mensen die ons bedanken.”
Foto Kees van de Veen
Christian Snijder (23) is hovenier in het oosten van de provincie Groningen. Vijf dagen in de week, sinds vijf jaar in vaste dienst. Veertig uur in de week is hij buiten, ook op dagen als deze – tijdens de eerste grote storm van het seizoen. „Daar kleed je je gewoon op.” Dat hij altijd buiten is, vindt Snijder „het mooiste” aan zijn werk. ’s Winters werkt hij vooral in openbaar groen, in de zomer is hij vaker in particuliere tuinen te vinden. Al verandert één ding nooit: hij werkt elke dag samen met dezelfde collega. De twee kennen elkaar inmiddels door en door. Dat maakt het werk niet alleen prettig voorspelbaar, maar ook „heel gezellig”.
Foto Kees van de Veen
Drie dagen in de week, het hele jaar door, staat Elske Postma-Wubs (27) samen met vier tot acht collega’s bij de viskraam van Tony’s Seafood op de Vismarkt in Groningen. Twee dagen per maand komt daar de markt in Assen bij, „op vakanties na natuurlijk.” Op de markt staan betekent lange dagen maken: om zeven uur ’s ochtends komt ze aan, om zes uur ’s avonds wordt er opgeruimd. Maar dat je bij een marktkraam „altijd aanspraak” hebt, maakt dat de tijd vliegt – zelfs als het koud is. Al vergt dat laatste wel wat voorbereiding: „Een thermolegging, vier truien.” En een bakje warm water voor je handen. Want „vooral de haringen zijn dan héél erg koud”.
Foto Kees van de Veen