Kunnen consumenten straks de macht van Big Tech breken?

Techmonopolisten Binnenkort beslist de Amerikaanse rechter of consumenten Apple direct kunnen aanklagen voor monopolieschade. Ook in Nederland komen meer opties.

Een groep gebruikers van de App Store van Apple claimt dat ze schade hebben geleden door te dure apps. Als het oordeel uitvalt in het nadeel van Apple, kan dat ook gevolgen hebben voor andere platforms met monopoliemacht.
Een groep gebruikers van de App Store van Apple claimt dat ze schade hebben geleden door te dure apps. Als het oordeel uitvalt in het nadeel van Apple, kan dat ook gevolgen hebben voor andere platforms met monopoliemacht. Foto Nicolas Asfouri/ AFP

Binnenkort neemt het Amerikaanse Hooggerechtshof een besluit in een zaak tegen Apple dat grote gevolgen kan hebben voor monopolisten. Een groep gebruikers van de App Store van het techbedrijf claimt dat ze schade hebben geleden door te dure apps.

Apple heeft volgens de klagers het kanaal voor aanschaf van de apps op iPhones gemonopoliseerd, waardoor de techreus tot wel 30 procent commissie kan vragen aan appbouwers. De klanten zeggen dat apps daardoor jarenlang veel te duur waren, met honderden miljoenen dollars schade als gevolg. Voor de rechterlijke uitspraak is nog geen precieze datum bekend; die wordt ergens in de komende maanden verwacht.

„Dit kan in potentie een aardverschuiving voor het Amerikaanse mededingingsrecht zijn”, zegt Maarten Pieter Schinkel, hoogleraar economie aan de Universiteit van Amsterdam. Twee wetenschappelijke artikelen van hem en zijn collega’s spelen een rol in het betoog van de klagers.

Lees ook: Internet blijkt een monopoliemachine

„Als het oordeel uitvalt in het nadeel van Apple, gaan we waarschijnlijk veel meer zaken krijgen van consumenten tegen platforms met monopoliemacht,” zegt hij. „Dat zal een afschrikwekkend en disciplinerend effect krijgen op de bedrijven.”

Schadeclaims tegen monopolisten kunnen in de VS oplopen tot vele miljarden dollars, en de hoop is dat de dreiging van zulke claims de bedrijven voorzichtiger maakt. Kunnen consumenten straks zelf de macht van Big Tech en andere vermeende monopolies zoals in de farmaceutische industrie breken?

Onredelijk hoge commissie

De belangrijkste vraag die voorligt aan het Hooggerechtshof is niet of Apple een monopolist is, maar of deze klagers überhaupt bij Apple moeten zijn, of dat ze zich eigenlijk moeten wenden tot de appmakers van wie ze de apps in de App Store hebben gekocht.

In de VS kunnen bedrijven door een eerder oordeel van het Hooggerechtshof uit de jaren 70 namelijk alleen aangeklaagd worden door directe afnemers. Apple verdedigt zich met het argument dat niet de consumenten maar de appbouwers de directe afnemers van de App Store zijn, omdat zij de prijzen van apps bepalen. Consumenten moeten eventuele schade dan op hun beurt maar proberen te verhalen op de appbouwers, en niet bij Apple.

Maar het is zeer de vraag of die redenering standhoudt in de platform-economie, waarin de grenzen tussen platform, tussenhandelaar en eindgebruiker steeds minder duidelijk zijn.

De EU stimuleert groepsrechtszaken om te zorgen dat bedrijven zich netjes gedragen

Recht van burgers

De Amerikaanse toezichthouder FTC riep het Hooggerechtshof in december al op om consumenten de mogelijkheid te geven om monopolisten direct aan te klagen. „De zaak draait niet alleen om één bedrijf. Het gaat over het recht van burgers om monopolies in de gehele economie tegen te kunnen gaan.”

Mocht het Hooggerechtshof inderdaad bepalen dat consumenten direct bij Apple kunnen aankloppen voor geleden schade, is er nog een lange weg te gaan. Dan nog moet aangetoond worden dat Apple inderdaad oneerlijk hoge prijzen hanteert, en dat er sprake is van een monopolie. Apple ontkent dat.

„De zaak zal bij een negatief oordeel voor Apple meer groepsrechtszaken uitlokken tegen grote techbedrijven, maar de juridische vereisten om vervolgens daadwerkelijk monopolieschade aan te tonen, zijn zwaar,” zegt Andy Gavil, hoogleraar mededingingsrecht aan de Amerikaanse Howard University.

Ook in Europa beweging

Maar parallel aan Amerika is er ook in Europa beweging op het gebied van consumentenmacht ten opzichte van monopolisten - en andere bedrijven die burgers schade berokkenen. In de EU is veel minder een traditie van groepsrechtszaken dan in de VS. Maar in Nederland begint de laatste jaren wel een praktijk te ontstaan: denk aan de massaschadeclaims tegen de Staatsloterij of woekerpolissen bijvoorbeeld. Deze woensdag bespreekt de Tweede Kamer een nieuwe wet die het indienen van massaclaims flink vereenvoudigt.

Lees ook het commentaar: Oncontroleerbare macht internetreuzen vraagt om regels

De Europese Commissie stimuleert dit soort zaken al enkele jaren omdat ze een extra impuls kunnen zijn om te zorgen dat bedrijven zich netjes gedragen. Afgelopen april kondigde Europees Commissaris voor Justitie Vera Jourova aan dat ze groepsrechtszaken tegen bedrijven makkelijker gaat maken. En: de zaak in de VS kan consumenten in Europa wel eens op ideeën brengen.

Nederland kan bovendien een proeftuin zijn. Sinds begin januari is in Amsterdam het Netherlands Commercial Court (NCC) opgericht, een rechtbank gespecialiseerd in internationale handelszaken. De nieuwe instantie is vooral bedoeld voor zaken tússen bedrijven maar kan ook gebruikt worden door consumenten voor het aanspannen van massazaken tégen bedrijven.

In het geval van eventuele schade door monopolies moet dan ook wel eerst bewezen worden dat er sprake is van een mededingingsprobleem - het blijven hoe dan ook lange juridische trajecten. Maar het arsenaal om monopolieschade en ander wangedrag van machtige bedrijven aan te pakken wordt op deze manier stapje voor stapje groter.