Hof dubt over reikwijdte van digitaal vergeetrecht

Deze rubriek belicht elke week kwesties uit het bedrijfsleven waarover de rechter zich onlangs uitsprak. Deze week Europees recht.

Foto David Paul Morris/Bloomberg

Kartels zijn van alle tijden. Om zulk marktbederf te bestrijden, hebben de Europese landen de afgelopen zestig jaar, in het kielzog van de integratie van hun markten, een netwerk van waakhonden en sancties gevlochten. Talloze fabrikanten die het met eerlijke concurrentie minder nauw namen, kregen ermee te maken, van bierbrouwers tot makers van tv-schermen. Meestal betrof het verboden afspraken over prijzen of verdeling van markten. Maar door de digitalisering van de economie dient zich een nieuwe type valsspelers aan. Zo onderzoekt de Europese Commissie sinds afgelopen najaar of Duitse automakers samenspannen om nieuwe technologieën voor schone(re) motoren niet toe te passen. Een kartel om innovatie te frustreren, zogezegd, en om die reden volgens de Commissie evenzeer laakbaar.

Aan zo’n belemmering maakt zich volgens de Commissie ook het Amerikaanse technologieconcern Google schuldig door concurrenten de pas af te snijden met gedwongen koppelverkoop van zijn veelgebruikte besturingssysteem Android (voor smartphones en tablets) en Google-applicaties. De Commissie legde Google in juli vorig jaar een recordboete van 4,3 miljard euro op wegens misbruik van marktmacht, maar het concern vecht die aan. De zaak ligt sinds oktober bij het Europees Hof, de behandeling zal nog geruime tijd vergen.

Wel zal het Hof dit voorjaar beslissen over een andere kwestie die ook Google raakt, namelijk de reikwijdte van het in 2015 vastgelegde recht om digitaal vergeten te worden. Daarover bracht de advocaat-generaal deze maand twee adviezen uit. Hij wil dat exploitanten van zoekmachines worden verplicht om verzoeken tot verwijdering van koppelingen naar gevoelige gegevens systematisch in te willigen. Daarnaast vindt hij dat die verwijdering moet worden beperkt tot zoekopdrachten binnen de grenzen van de Europese Unie. Het advies van de advocaat-generaal bindt het Hof niet, maar weegt wel zwaar.

www.curia.europa.eu: ECLI:EU:C:2019:14 ; -C:2019:15

    • Joop Meijnen