‘Financiële sector moet duurzaamheidsbeleid verbeteren’

Rapport klimaatrisico's Financiële instellingen lopen risico's door hun investeringen in gebieden waar water- en grondstoffentekorten dreigen. Dat is de conclusie van een inventarisatie van De Nederlandsche Bank op het gebied van duurzaamheid.

Een uitgedroogd landschap in Chili. De Nederlandsche Bank becijferde dat financiële instellingen voor zo’n 97 miljard euro hebben geïnvesteerd in bedrijven die actief zijn in gebieden waar sprake kan zijn van extreme waterschaarste.
Een uitgedroogd landschap in Chili. De Nederlandsche Bank becijferde dat financiële instellingen voor zo’n 97 miljard euro hebben geïnvesteerd in bedrijven die actief zijn in gebieden waar sprake kan zijn van extreme waterschaarste. Foto Rodrigo Garrido/ Reuters

Waterschaarste, grondstoffenschaarste en verlies van biodiversiteit vormen een serieus risico voor Nederlandse banken, verzekeraars en pensioenfondsen. Het kan gaan om fysieke risico’s (bijvoorbeeld bij investeringen in bedrijven die hun productie moeten stilleggen door een tekort aan water), transitierisico’s (meestal het gevolg van overheidsbeleid) en reputatieschade.

In het maandag gepubliceerde rapport Op waarde geschat? (pdf) heeft De Nederlandsche Bank (DNB) onderzocht hoe groot de investeringen zijn van de financiële sector die verband houden met duurzame ontwikkeling en mensenrechten.

De onderzoekers becijferden dat financiële instellingen voor zo’n 97 miljard euro (in de vorm van zowel aandelen als leningen) hebben geïnvesteerd in bedrijven die actief zijn in gebieden waar sprake kan zijn van extreme waterschaarste. Ook is voor zo’n 56 miljard euro geïnvesteerd in bedrijven die afhankelijk zijn van zeer schaarse grondstoffen.

Eerder deed DNB al uitgebreid onderzoek naar de klimaatrisico’s van de financiële sector. Dat onderzoek resulteerde in een stresstest om te kijken of pensioenfondsen, banken en verzekeraars bestand zijn tegen onder meer de gevolgen van een strenger klimaatbeleid of van doorbraken die de energietransitie in een onverwachte richting kunnen sturen.

Wachten met het uitvoeren van klimaatbeleid is een financieel risico, stelde DNB in oktober al in haar halfjaarlijkse risicoanalyse

Geen stresstest

Op het gebied van duurzaamheid gaat het om een eerste inventarisatie. Dat kan ook bijna niet anders, want het onderzoek naar bijvoorbeeld biodiversiteit en ecosystemen is nog niet zover als dat naar klimaatverandering. Daardoor ontbreken internationale afspraken en overheidsbeleid.

Het rapport leidt dan ook zeker niet tot een met klimaat vergelijkbare stresstest, maar dient voorlopig als een basis voor gesprekken met banken en pensioenfondsen om hun duurzaamheidsbeleid te verbeteren.

Dat is hard nodig, blijkt uit het rapport. Van de 25 grote financiële instellingen die een expliciet duurzaamheidsbeleid hebben, zeggen 21 instellingen dat ze duurzaamheid ook meenemen in hun risicomanagement en zijn er twintig die jaarlijks over dit thema rapporteren. Maar van die instellingen hebben er slechts zeven ook indicatoren en doelstellingen geformuleerd waaraan dat duurzaamheidsbeleid moet voldoen. Slechts vijf financiële instellingen meten daadwerkelijk het effect van hun duurzaamheidsbeleid.

Lees ook over de Global Climate Index Nog lang niet alle grote investeerders nemen klimaatrisico’s serieus