Recensie

Recensie Muziek

Nieuw werk van Andriessen komt spetterend tot leven

Klassiek In de NTR ZaterdagMatinee klonk de Nederlandse première van Agamemnon. Louis Andriessens tweede orkeststuk sinds de jaren 60, hoekig en stuwend als vanouds, werd spetterend gespeeld.

De Nederlandse componist Louis Andriessen in 2014. Foto Inge van Mill/ANP
De Nederlandse componist Louis Andriessen in 2014. Foto Inge van Mill/ANP

Eind jaren zestig verklaarde Louis Andriessen nooit meer voor symfonieorkest te zullen componeren. Vijf jaar geleden kwam hij daarvan terug, met Mysteriën voor het 125-jarige Concertgebouworkest. In de NTR ZaterdagMatinee klonk de Nederlandse première van zijn tweede orkeststuk, Agamemnon, gecomponeerd voor de New York Philharmonic van Jaap van Zweden. En er komen nóg twee orkestwerken aan. Andriessen wordt in juni tachtig, maar je bent nooit te oud om iets nieuws te proberen.

Dat Andriessens eigenzinnige signatuur in het ‘nieuwe’ medium onmiskenbaar bleef, maakte Mysteriën al duidelijk. Het toverachtig floers van Mysteriën had in Agamemnon plaatsgemaakt voor Andriessens vertrouwde blokvormen en hoekige, stuwende ritmes. Het geweldig spelende Radio Filharmonisch bracht het twintig minuten durende werk onder JoAnn Falleta spetterend tot leven.

Herautische openingsfanfare

Lees ook het interview met Andriessen over de totstandkoming van ‘Agamemnon’

De gloedvolle herautische openingsfanfare kreeg antwoord van houtblazers, piano en glockenspiel. Na dat gesprekje leidde een manke oorlogsmars het grote orkest, met toegevoegde sax, elektrische gitaar, basgitaar, drums en twee piano’s, naar de arena. De titel spreekt boekdelen: Agamemnon is een strijdlustig opus. „Drie symmetrische groepjes van drie letters, dat heeft iets magisch”, zei Andriessen tegen NRC over de naam. Dat gegeven echode in talloze uitwisselingen, die de muziek het karakter van dialoog of discussie gaven.

Symfonieorkest of niet, bij Andriessen staan blazers en slagwerk voorop. Het middendeel werd gedomineerd door prachtige soli, waarvan die op sopraansax door Lars Niederstrasser de mooiste was: kraakhelder, Bach-achtig wendbaar en verrassend. Opvallend was hoe Andriessen de strijkers vaak inzet, met liggende tonen die zonder dynamisch verschil verspringen – als bij een synthesizer. Op andere momenten klonken de strijkers wufter en gelaagd, bijna romantisch.

Vette, omfloerste sound

Een stuwend basgitaarriff met een vette, omfloerste sound leidde de finale in. Na een wat abrupte climax stond spreekster Rachel Thompson op om onbegeleid nog een nuchter-fatalistisch fragment van Aischylos te declameren: als Cassandra had zij het allemaal al voorzien.

Een repetitie van het begin van ‘Agamemnon’, door het New York Philharmonic onder leiding van Jaap van Zweden: