Recensie

Vivaldi-hits gecombineerd tot geslaagde opera over list en seks ‘Dangerous Liaisons’

Recensie Operagezelschap Opera2Day heeft Vivaldi-composities over liefde en wraak samengesmeed tot een pittige opera, met medewerking van de Nederlandse Bachvereniging.

Marquise de Merteuil (Candida Guida) verleidt Chevalier Danceny (Maayan Licht) in Dangerous Liaisons door Opera2day
Marquise de Merteuil (Candida Guida) verleidt Chevalier Danceny (Maayan Licht) in Dangerous Liaisons door Opera2day Foto Marco Borggreve

Wat gebeurt er als je klassieke muziek niet benadert als een heilige canon, maar als een bonbonwinkel waar het goed grazen is tussen rijk opgetaste stellingen?

Dan krijg je een voorstelling als Dangerous Liaisons door Opera2day: een opera die strikt genomen geen opera is, maar een compilatie van Vivaldi-hits over liefde, verdriet, wraak en eer. Welk verhaal kun je daarmee níét vertellen? In elk geval heel goed Choderlos de Laclos’ 18de-eeuwse pruikenintrige en meesterwerk Les liaisons dangereuses – een libertijnse slangenkuil vol opportunisme en zinnelijkheid, wars van moraal, wel met een politieke pointe.

Vanaf het begin (2007) was Opera2day een operagezelschap met een eigen signatuur: het hart van dirigent Hernán Schvartzman klopt voor een historisch geïnformeerde uitvoeringsstijl, maar neigingen tot purisme zijn hem en artistiek leider Serge van Veggel wezensvreemd.

Desastreuze libido’s

Dangerous Liaisons, 26 keer te zien, is de grootste voorstelling die Opera2day tot nu toe bracht. Indrukwekkend is de samenwerking met de Nederlandse Bachvereniging, voor wie muziektheatrale avonturen als deze zeldzaam zijn, maar niet uniek (men bracht in 2014 ook Tsoupaki’s nieuwe opera Oidípous).

In die muzikale samenwerking wortelt meteen ook de motor die Dangerous Liaisons (mede) draagt, want in energie, elasticiteit en scherp schakelen toont de Bachvereniging zich een flexibel topensemble dat je zelfs de overigens vrij subtiel toegepaste versterking doet vergeten.

Lees ook het interview over huidige Vivaldi-revival: ‘Ik vind altijd de zon terug in Vivaldi’

Om van dertig uit de oorspronkelijke context gewipte aria’s en instrumentale fragmenten van Vivaldi een lopende nieuwe ‘barokopera’ te bouwen, is flink wat specie nodig. Die wordt geleverd door de Italiaanse componist Vanni Moretti, leverancier van eclectische recitatieven. Ze koppelen soepel de ene spektakel-aria aan de andere. En ze vertellen tegelijkertijd met vaart en pit het verhaal, makkelijkst samen te vatten als ‘desastreus k(r)onkelende libido’s en ego’s in decadente adellijke kringen’.

Filmische effecten

Aan Moretti’s stijl hoor je dat hij ook barokdirigent is, en een goede ook. Veelal respecteert hij de wetten van de barok, maar kleurt de ruimte binnen die pijlers wild met filmische effecten, moderne samenklanken en stijlverwijzingen van Tata Mirando tot Bernard Herrmann. Dat werkt: gehoor en gemoed accepteren de samenhang, terwijl je tegelijkertijd blijft voelen dat dit nieuwe construct zijn glans ontleent aan Vivaldi.

Regisseur/initiator Serge van Veggel deed slimme dingen met libretto en thematiek. Dat alle decadente lustverwikkelingen uitmonden in een opstand van de bedienden wordt in de ‘ouverture’ (RV578) al aangekondigd: knielende knechten doen dienst als de menselijke schragen van een taartentafel waarvan alleen door de adel wordt gesnoept. En er zijn meer zetten die de regie een extra laag geven. Dramatisch sterk werkt ook de scène waarin de bedrogen vrome Tourvel (Barbara Kozelj) haar kuisheidskleed aantrekt, terwijl gelijktijdig de boosaardige Marquise de Merteuil (vocaal weinig uitgesproken Candida Guida) zich opdoft voor het zoveelste zedenloze bal. Opmerkelijk is ook de expliciete ontmaagdingscène tussen de prille Cecile (fraaie Stefanie True ) en de gewiekste Valmont: toegesneden op het ritme van de muziek zonder dat geestig omslaat in plat – een balans die in de personenregie niet steeds de juiste kant op valt.

Sixpack

Bij de casting lijkt theatrale présence dan ook een belangrijk criterium te zijn geweest. Yosemeh Adjei (Valmont) is een prima countertenor, maar zijn sixpack en Brad Pitt-grijns dragen minstens zo sterk bij aan de uitstraling van zijn personage. Ook muziekleraar Danceny krijgt met het nodige schmierpotentieel vocaal gestalte in de mannelijke sopraan Maayan Licht. Je vraagt je af of het noodzaak was de mannelijke hoofdrollen allemaal hoge stemmen te geven. In de recitatieven krullen vanuit de orkestbak soms juist zulke opvallend fraaie baslijnen op, vocaal mis je die.

Mezzosopraan Barbara Kozelj (Tourvel) is de sterkste schakel van de voorstelling. Ze acteert broeierig ingetogen, zingt geweldig en maakt dat je, even, echt medelijden voelt met haar val voor listige verleiding.

    • Mischa Spel