Kijk eens hoe kleurrijk Nederland van boven is

Landschapsfotografie Twee boeken tonen hoe kleurrijk Nederland is als je vanuit de lucht kijkt. Een lijnenspel van trekvaarten en snelwegen.

De Waddenzee tussen Rottumeroog en de zandplaat Zuiderduintjes, Groningen.
De Waddenzee tussen Rottumeroog en de zandplaat Zuiderduintjes, Groningen. Foto Ruben Smit

‘De lucht is mijn atelier”, zegt fotograaf Karel Tomeï (78), geboren in Rotterdam. In 1976 besloot hij zich uitsluitend te wijden aan fotografie vanuit de lucht. Dit vogelvluchtperspectief geeft hem de gelegenheid „structuren en veranderingen in het Nederlandse landschap vast te leggen die je vanaf de grond nooit kunt zien”.

Tomeï is al twintig edities verbonden aan De Bosatlas. Recentelijk verscheen De Bosatlas van de Wadden, verrijkt met adembenemende luchtfoto’s. In De Bosatlas – Nederland van boven (2013) neemt hij ons mee op een rondvlucht: we zien de geometrie van bloeiende bollenvelden, stedenpatronen, een veenweidegebied met eilandjes, het lijnenspel van trekvaarten en snelwegen. Zijn fotografie is soms net abstracte schilderkunst, Mondriaan, Kandinsky.

Als jonge fotograaf legde Tomeï voor verzekeringsmaatschappijen en waterschappen schadegevallen vast, bijvoorbeeld een dijkdoorbraak. Nu ligt het accent op natuurfotografie: „Ik liet me destijds met een kraan de hoogte in hijsen. Naderhand beschikte ik over een eigen vliegtuigje, een Cessna, met vaste piloot. Later was er meer vraag naar opnamen vanuit een helikopter, daarmee kun je langzamer en lager vliegen. Daar haalde ik dan de deur uit om een ongehinderd schootsveld te krijgen. Ik vloog vanaf Eindhoven Airport onder de naam Flying Camera.” Hoogtevrees heeft hij nooit gekend, want „je hebt geen contact met de aarde, zoals wanneer je op een hoog gebouw staat en naar beneden kijkt”.

De Waddenzee bij eb, ten oosten van Terschelling, Friesland.
Mosselbanken aan de zuidkant van Ameland, Friesland.
Links: De Waddenzee bij eb, ten oosten van Terschelling, Friesland. Rechts: Mosselbanken aan de zuidkant van Ameland, Friesland.
Fotoá Karel Tomeï

Zijn vader was ook fotograaf. „Op vijfjarige leeftijd maakte ik mijn eerste foto. Als ik aan mijn vader vroeg wat een goed onderwerp was, antwoordde hij: ‘Kijk goed naar het licht. Dat is het belangrijkste’. Niet het plaatje, maar het licht.”

Drones

Voor tal van natuurfotografen vormt het pionierswerk van Tomeï een inspiratiebron. Steeds vaker kiezen zij het verticaalperspectief, zoals het officieel heet. Natuurfilmer en fotograaf Ruben Smit (48) maakte als eerste in Nederland gebruik van drones voor De Nieuwe Wildernis (2013) om dravende konikpaarden vast te leggen. „In die jaren waren we aan het experimenteren met camera’s die we vastknoopten aan drones”, zegt Smit. „Het prachtige aan een drone is dat je een dier heel nabij en intiem kunt naderen, op minder dan honderd meter. Wel wil ik benadrukken dat professionele cameramensen of fotografen een ontheffingsvergunning moeten hebben, want we weten nu nog niet precies welk effect drones hebben op dieren. Daar kun je niet voorzichtig genoeg mee zijn.”

In zijn recente film Wad. Overleven op de grens van water en land, waarvan ook een fotoboek verscheen, zoomen drones in op de fascinerende structuur van het waddengebied met al die stromingen en geulen die zich eindeloos vertakken. Hoewel Tomeï geen gebruikmaakt van drones is hij enthousiast over de mogelijkheden: „Je kunt dieren in hun oorspronkelijk leefgebied vastleggen en bestuderen, bijna zonder verstoring zoals bij een helikopter.” Voor Smit is het perspectief belangrijk: „Ik kan met een drone het point of view van een zeearend laten zien: je kijkt mee met zijn ogen”.

Tomeï vindt dat de beelden die hij van Nederland vanuit de lucht maakt meteen begrijpelijk moeten zijn. Niet te abstract, maar wel zodanig dat het intrigeert. Als voorbeeld noemt hij een foto van de Strabrechtse heide in Noord-Brabant, waar in visgraatvorm afwateringssloten zijn gegraven: „Die foto nam ik op een heldere dag, want alleen dan weerkaatst het water de blauwe hemel. Dat blauw contrasteert met het paars van de heide.”

De Strabrechtse Heide in Noord-Brabant.
Natuureilandjes naast de Nieuwe Hondsbossche Duinen, Noord-Holland.
Links: De Strabrechtse Heide in Noord-Brabant. Rechts: Natuureilandjes naast de Nieuwe Hondsbossche Duinen, Noord-Holland.
Foto’s Karel Tomeï

Aanvankelijk werkte Tomeï met de befaamde camera Linhof Aero Technika, net als de Amerikaanse astronauten op hun maanreizen. Hij is opgegroeid in de analoge tijd, met een beperkt aantal negatieven. Dat gaf hem de kans „een sterk gevoel te ontwikkelen voor de juiste foto op het juiste moment, vanuit de juiste hoek met het ideale licht”. De digitale techniek die hij nu gebruikt is een grote verbetering, het aantal opnamen is eindeloos „maar je moet het niet gebruiken als snelvuurgeweer”.

Het overloopgebied Rammegors, ten zuiden van Sint Philipsland, Zeeland.Foto Karel Tomeï

Tomeï beschouwt zijn werk als visuele geschiedschrijving: hij volgt de snelle veranderingen van het Nederlandse landschap. Maar ook fotografeert hij om bijzondere natuurverschijnselen vast te leggen, zoals in 2018. „Toen hadden we extreme weersomstandigheden: de hoogste waterstand op 8 januari en in de zomer de laagste, en vooral droogte. Ik zag cartografische patronen die ik nooit eerder had gezien. Ik heb het idee dat het besef van de waarde van de natuur bij veel mensen is toegenomen. Misschien heb ik daaraan met mijn fotografie kunnen bijdragen. Als je de Nederlandse delta van boven fotografeert, dan zie je de kwetsbaarheid ervan.”

De Bosatlas van de Wadden. Noordhoff Atlasproducties, 224 blz, € 29,95

Ruben Smit: Wad. Overleven op de grens van water en land. Uitg. Noordboek, 208 blz, € 35,00

    • Kester Freriks