Recensie

Het levensverhaal van Klaus Mann wordt steeds spannender

Jeugdliteratuur Rindert Kromhouts tweede jeugdroman over de jonge Klaus Mann is beter dan zijn voorganger, want spannender. En ik was zijn held raakt als verhaal over populisme ook aan de actualiteit.

Schrijver Klaus Mann in 1944, tien jaar na het einde van de periode in Kromhouts nieuwe boek.
Schrijver Klaus Mann in 1944, tien jaar na het einde van de periode in Kromhouts nieuwe boek. Foto publiek domein.

Het kabbelde soms wat te veel: kort gezegd was dat de gedeelde kritiek op Rindert Kromhouts eerste boek over de jonge schrijver Klaus Mann en diens getroebleerde relatie met zijn wereldberoemde vader, Nobelprijswinnaar Thomas Mann. Een zoon die met zijn schrijfkunst de liefde en erkenning van zijn vader wil afdwingen, terwijl zijn schrijverscarrière onvermijdelijk in zijn vaders schaduw begint, is natuurlijk geweldig, conflictueus romanmateriaal. In Een Mann (2016) komt het echter nergens tot een werkelijk emotionele uitbarsting of existentiële crisis. Kromhouts licht afstandelijke verteltoon is daar deels debet aan.

Die toon – passend overigens bij het hoogburgerlijke, artistieke milieu waartoe de Mann-dynastie behoorde – is in Kromhouts tweede boek over de getergde, homoseksuele en aan morfine verslaafde Klaus niet wezenlijk anders. Toch is En ik was zijn held geslaagder. Of misschien moet je zeggen: spannender. Dat komt vooral door de ontwikkeling die Klaus heeft doorgemaakt. ‘Van Duitser was hij Europeaan geworden, van egocentrische, alleen in literatuur geïnteresseerde kunstenaar een politiek bewuste schrijver van polemieken en kritische artikelen’, schrijft Kromhout treffend aan het begin van zijn roman. Daarmee volgt Klaus zijn liberale oom Heinrich en staat hij, samen met zus Erika die met haar politiek cabaret Die Pfeffermühle stelling neemt, recht tegenover zijn vader, die zich, om zijn boekenverkoop veilig te stellen, niet durft uit te spreken tegen Hitlers nationaalsocialistische bewind, onder het motto dat ‘de literatuur het krachtigste wapen is in de strijd tegen onrecht.’

Roerigste decennia

Veelzeggend is bijvoorbeeld het gesprek tussen de gezinschauffeur en Klaus. ‘De werkloosheid daalt, meneer Mann’, zegt deze Heinz, ‘en we ballen een vuist naar het buitenland. De nationaalsocialisten hebben weliswaar zo hun fouten maar het is niet zomaar dat zo veel mensen op de NSDAP hebben gestemd. Ook naar die mensen moeten we luisteren.’ Mooi is dat Kromhout niet moraliseert. Klaus wijst niet met een beschuldigende vinger naar Heinz, maar concludeert genuanceerd dat zijn chauffeur ‘erin was getuind’. Zoals velen zich ongemerkt hadden laten verleiden door het nationaalsocialisme en ‘verblinden’ door Hitlers retoriek. Heinz was niet slecht, concludeert Klaus, maar opportunistisch.

In ballingschap

De ontwikkelingen drijven Klaus via Parijs naar Amsterdam. Daar begint hij in 1933, samen met de gevluchte uitgever Fritz Landshoff, bij de Duitse tak van Querido het legendarische emigrantentijdschrift Die Sammlung, waarin exil-schrijvers als Joseph Roth en Heinrich Mann, alsook Europa’s intellectuele voorhoede publiceerden. Wat het voor Klaus betekende ontheemd te zijn, en een leven in ballingschap te moeten leiden, blijft helaas nogal onderbelicht. Veel meer dan dat ‘de vanzelfsprekendheid te gaan en staan in zijn leven hem voor het eerst was afgenomen’, schrijft Kromhout er niet over. Terwijl bekend is dat Klaus’ ballingschap in combinatie met zijn rusteloosheid, morfineverslaving en vele vluchtige liefdesaffaires een diepe eenzaamheid met zich meebracht.

Ondanks dat Kromhout niet echt durft door te dringen tot Klaus’ binnenwereld, is En ik was zijn held boeiende, prettig geschreven lectuur, dankzij de actualiteitswaarde. Het is niet heel moeilijk parallellen te trekken naar onze tijd, waarin nieuwe populistische politici ook inspelen op een verlangen naar een nationaal gemeenschapsgevoel, terwijl de oude garde, zoals de elite waartoe ook Klaus Mann behoorde, juist ‘een pleidooi houdt voor een Europa zonder grenzen en nationalisme’. Dat maakt van En ik was zijn held méér dan de voorzichtige vader-zoonroman die Een Mann is. Het is een belangwekkend verhaal over een opgejaagde ziel die in een veelbewogen tijd zoekt naar een manier om zijn kritische geest te voeden met verbeelding. Laten we hopen dat deze universele thematiek jongeren inspireert.

    • Mirjam Noorduijn