„Ik vind het leuk om voor het publieke belang te werken, om de samenleving te helpen en ervoor te zorgen dat de voordelen van marktwerking ook ten goede komen aan de burger”.

Foto Andreas Terlaak

Interview

‘Eerst had ik een handvol cliënten, nu heb ik er 17 miljoen’

Interview | Martijn Snoep, ACM De toezichthouder op de concurrentie heeft een nieuwe chef. Er moet sneller gewerkt worden, vindt hij, en minder informeel. „Ja, het aantal boetes gaat omhoog.”

‘Voordat je concurrentie uitschakelt, moet je je als overheid wel een paar keer achter de oren krabben. Kijk naar wat nu gebeurt met de prijzen van geneesmiddelen voor zeldzame ziekten. Daar is gezegd: deze geneesmiddelen krijgen een wettelijk monopolie. En nu zit iedereen met de gebakken peren en schreeuwt dat die prijzen excessief zijn. Tja, het een heeft natuurlijk wel met het ander te maken. Concurrentie is een publiek belang dat goed in de gaten moet worden gehouden.”

Alsof hij nooit anders heeft gedaan, predikt Martijn Snoep het belang van concurrentie. Na achtentwintig jaar bij De Brauw Blackstone Westbroek, ’s lands grootste advocatenkantoor, maakte hij een opvallende carrierèswitch naar ‘de andere kant’. Vorig jaar september verruilde hij kantoorkolos The Rock op de Amsterdamse Zuidas voor het bescheidener pand van de Autoriteit Consument en Markt (ACM) tussen de Haagse ministeries. Van mededingingsadvocaat werd Snoep bestuursvoorzitter. Nu jaagt hij op kartels en beschermt consumenten.

Lees meer over het carrièrepad op de Zuidas: Het is up or out

Snoep, benoemd voor zeven jaar, werkt nog steeds zo’n 60 uur per week, maar nu voor ‘de goede zaak’. „Eerst had ik een handvol cliënten, nu heb ik er 17 miljoen. Dat motiveert enorm. Ik vind het leuk om voor het publieke belang te werken, om de samenleving te helpen en ervoor te zorgen dat de voordelen van marktwerking ook ten goede komen aan de burger”, vertelt hij in zijn eerste interview als ACM-baas.

Wat is er zo aantrekkelijk aan het publieke belang dienen?

„Het goede doen. Zo simpel is het.”

Deed u dat bij De Brauw niet?

„Als advocaat handel je in het belang van je cliënt. Je bent gebonden aan de wet en gedragsregels, maar je belang is het individuele belang van dat bedrijf. Dat is niet altijd het goede voor de mensheid.”

U laat een partnerinkomen van ruim 1 miljoen euro per jaar achter voor een salaris van eenvijfde ervan. Bent u voor gek versleten?

„Ik maakte me best zorgen over hoe anderen zouden reageren, maar er was niemand die zei: ‘je bent knettergek’. Collega’s vonden het echt bij me passen.”

Mist u het harde werken en de spanning van de Zuidas? Hier heerst toch meer een ambtenarencultuur?

„Dat valt mee. Het is niet zo dat hier om vijf uur het doek valt. Als ik ’s avonds een mail stuur, krijg ik negen van de tien keer die avond nog antwoord. Maar nachten en weekenden doorwerken, dat is hier niet.”

Harder hoeft er van de nieuwe ACM-baas niet gewerkt te worden, wel sneller. Onderzoeken van de ACM duren te lang, vindt Snoep. Vaak lopen onderzoeken van de waakhond jaren. „Ik ben ervan overtuigd dat we ze kunnen verkorten en sneller kunnen beslissen of er wat in zit. Dat moet ook. Tijd die je aan de ene zaak besteedt, kun je niet in de andere steken.”

Er is nog een aspect van de ACM dat Snoep wil veranderen. Zijn voorganger Chris Fonteijn was voorstander van normoverdragende gesprekken als alternatief voor boetes. In plaats van straf werden bedrijven getrakteerd op een ‘wenkbrauwgesprek’. Die informele handhaving leverde de nodige kritiek op. Zo waarschuwde Marc van der Woude, vicepresident bij het Gerecht van de Europese Unie in Luxemburg, vorig jaar dat de ACM haar geloofwaardigheid verliest als ze niet bijt. De laatste boete in een kartelzaak stamt uit 2017, vanwege prijsafspraken over vorkheftruckaccu’s.

Vindt u de ACM te soft?

„Ik ben daar intern het gesprek over aangegaan. In de buitenwereld is de perceptie ontstaan dat de nadruk op informele handhaving ligt. Natuurlijk hoef je er niet altijd met boetes op te slaan, maar als scheidsrechter moet je ook af en toe een gele en rode kaart trekken.”

Gaat de ACM meer boetes uitdelen?

„Ja, het aantal boetes gaat omhoog.”

Zet u ook een streep door de wenkbrauwgesprekken?

„Ik heb een hekel aan dat woord, maar nee. In sommige gevallen is een waarschuwing voldoende om het gewenste effect te bereiken. Neem pas nog de Nederlandse Orde van Advocaten. Die beperkte advocaten in het vinden van nieuwe cliënten via bemiddelingswebsites. Wij zeiden: dat kan niet. Daarop hebben zij hun gedragsregels verduidelijkt. We hadden meteen een boete kunnen uitdelen, maar dan hadden we drie, vier jaar met de Orde geruzied bij de rechter. Nu hadden we in een paar maanden resultaat.”

Zijn de Europese mededingingsregels nog wel relevant? Zijn banen niet belangrijker? De treinendivisies van het Franse Alstom en het Duitse Siemens, willen samen sterk staan tegenover partijen buiten Europa. Maar de Europese Commissie maakt bezwaar tegen die fusie.

„Met de mededingingsautoriteiten in België, Engeland en Spanje heb ik onlangs een brief aan de Europese Commissie geschreven; we maken ons zorgen over deze treinfusie. Het argument van Alstom en Siemens is dat ze beter moeten kunnen concurreren met China. Daarom zou een Europese treinmonopolist nodig zijn. Wij hebben gezegd: kijk door die retoriek heen, kijk naar de feiten. Hebben Chinese aanbieders echt zo makkelijk toegang tot de Europese markt dat een monopolist ze in toom moet houden? Ik vraag het me af.”

Is de retoriek van deze bedrijven onzin?

„Ik heb zelf aan de bedrijvenkant gestaan. Er is vaak een externe vijand die wordt aangevoerd – China, Google, Microsoft – om een fusie door te laten gaan. Ook al betekent dit dat de markt dan door één partij wordt gedomineerd. Soms is het waar, maar niet altijd. Wij hebben tegen de Commissie gezegd: kijk heel kritisch of het wel waar is, denk heel goed na voor je een private monopolist creëert.

„Er zijn weinig voorbeelden van goed gereguleerde monopolies in private handen. Overheden moeten zich realiseren: als je eenmaal een private monopolist hebt gecreëerd, kom je er nooit meer vanaf. Dan zit je er voor altijd mee opgescheept en dat is heel ingewikkeld.”

Zal de ACM een overname van postbedrijf Sandd door PostNL om die reden afwijzen?

„De aanvraag daarvoor is nog niet gedaan. Als het doorgaat, zullen we daar heel kritisch naar kijken. En als wij het zouden verbieden – wat geheel speculatief is – kan het kabinet alsnog iets anders besluiten. Die uitweg biedt de Mededingingswet. Dan is het een politieke afweging en dat is prima. Wij zullen alleen tegen het kabinet zeggen: denk heel goed na of de argumenten die PostNL aanvoert werkelijk het algemeen belang dienen.”

Geklaagd wordt dat de mededingingsregels achterhaald zijn omdat ze geen rekening houden met milieu- en duurzaamheidsaspecten. Zo verbood de ACM invoering van de duurzame kip. Waarom mogen supermarkten niet overleggen over hoe je een kip of varken een beter leven bezorgt?

„Je mag het met elkaar afspreken als dat de enige manier is waarop zo’n kip op de markt kan komen. Wij hebben gezegd dat duurzame kip ook zonder afspraken in de winkel kon komen te liggen. En we hadden gelijk, die kip is er gekomen.”

Zzp’ers klagen omdat ze niet samen mogen optrekken. Waarom mogen bijvoorbeeld pakketbezorgers die vaak uit nood zzp’er zijn geworden geen blok vormen in onderhandelingen met werkgevers?

„Zzp’ers mogen op heel veel vlakken samenwerken, maar als alle zzp’ers in een bepaalde markt prijsafspraken maken, creëer je een monopolie. De grens ligt bij 10 procent marktaandeel of minder. Dan gelden de mededingingsregels niet.”

In het regeerakkoord wordt de ACM verzocht meer met de internetconomie te doen. Daar is nog weinig van te merken.

„Het staat hier heel hoog op de agenda. Wij hadden een achterstand, bijvoorbeeld om te begrijpen hoe prijsalgoritmes werken, en hebben de afgelopen tijd ontzettend veel geïnvesteerd om dat in de vingers te krijgen. We hebben veel datawetenschappers aan boord gehaald.

„Daar komt bij dat wij de scheidsrechter zijn die de spelregels moet handhaven. Als die scheidsrechter te vroeg fluit, maakt hij het spel dood. In een ontwikkelende markt moet je voorzichtig opereren, je moet niet te snel aan de bel trekken. We zijn wat voorzichtig, maar dat is ook om het spel niet kapot te maken.”

Jullie hebben NS in 2017 beboet vanwege het onder de kostprijs aanbieden van openbaar vervoer in Limburg. In feite doen verschillende techbedrijven hetzelfde. Kun je bijvoorbeeld Uber, dat verlies maakt en ritten subsidieert, niet ook op die manier aanpakken?

„Op zich is het niet verboden om iets onder de kostprijs aan te bieden, behalve als je een machtspositie hebt. Dan heb je een bijzondere verantwoordelijkheid voor het in stand houden van de marktstructuur en concurrentie. NS is de dominante marktpartij, Uber is dat niet.”

Dus op weg naar die machtspositie mag het wél?

„Ja, en dat raakt aan een punt waarvan ik niet weet of de huidige mededingingswetgeving toereikend is. Bij internetplatforms heb je winner takes all-effecten waardoor de markt heel snel kan kantelen. Dan krijgt een onderneming zodanige macht dat je je daar als overheid tegen teweer moet stellen, alleen al vanuit democratisch oogpunt. Daar moeten we in Europees verband naar kijken. Op dit moment zijn er nog geen poortwachterplatforms waar niemand die een markt wil betreden omheen kan. Facebook is dat niet of nog niet, Google ook niet. Maar dat is iets wat we in de gaten moeten houden, want je wilt ook niet te laat zijn.”