Billboard Heineken ‘verheerlijkt’ oorlog

Omstreden reclame Heineken toont bij reclame voor Primusbier in Congo een geweer. „Verheerlijking van oorlog en geweld”, zegt een onderzoeker .

Billboard van Heineken dat het lokale biermerk Primus aanprijst, onder meer met een kalasjnikov.
Billboard van Heineken dat het lokale biermerk Primus aanprijst, onder meer met een kalasjnikov. Foto NRC

Een reclameposter met een kalasjnikov en een glas bier. Bijschrift in het Swahili: „Dit is bij ons schoonheid.”

Zo prijst bierbrouwer Heineken sinds kort het lokale merk Primus aan in de Democratische Republiek Congo. In het land, geplaagd door oorlog en armoede, leidden omstreden verkiezingen vorige maand opnieuw tot hevige onrust.

Het billboard staat in de stad Bukavu, in het oosten van Congo. Die regio wordt al meer dan twintig jaar geteisterd door een veelzijdig conflict dat naar schatting bijna zes miljoen levens eiste.

Heineken laat in een reactie weten dat het affiche appelleert aan „gevoelens van nationale trots”. Het is onderdeel van een regionale campagne die volgens Heineken kenmerkende beelden laat zien van de steden Bukavu, Goma en Kisangani.

„Op de poster is het standbeeld te zien dat op het onafhankelijkheidsplein in Bukavu staat en dat met vlam, duif en geweer verwijst naar de onafhankelijkheid van Congo in 1960. De slogan verwijst dus ook naar het bekende beeld, de onafhankelijkheid en Primusbier. Niets meer en niets minder”, aldus een woordvoerder.

Zo eenvoudig is het niet, vindt Josaphat Musamba, als universitair onderzoeker gespecialiseerd in gewapende groepen. „Een gewone passant ziet dit als verheerlijking van oorlog en geweld. De vrouw met duif is niet goed zichtbaar, de opgeheven kalasjnikov en de fakkel juist wel. De vlam staat voor eenheid, maar ook voor martelaarschap. Heineken wil blijkbaar zeggen dat Primus het bier is voor vechtersbazen en martelaars. Ik vind dat zeer problematisch en raad het bedrijf aan deze campagne in te trekken.”

Het standbeeld werd neergezet na de val van alleenheerser Mobutu Sese Seko, eind vorige eeuw. Veel inwoners zagen het destijds als een symbool van dominantie van een naburige etnische groep die Rwandees spreekt, de Banyamulenge, die met steun van buurland Rwanda het land had veroverd. Musamba: „Dit standbeeld roept bij niemand gevoelens op van nationale trots. Waarom kiezen ze niet voor een mooie luchtfoto van onze stad aan het Kivumeer? Dát is onze schoonheid. Daar zijn we trots op.”

Lees ook het eerdere achtergrondverhaal: Een bus vol schaars geklede meisjes voor de Heineken-staf

Dat Heineken – al dan niet bewust – verband legt tussen het eigen bier en geweld, is opmerkelijk te noemen, zeker in deze regio in Centraal-Afrika. Bier van Heineken speelde in 1994 een belangrijke rol tijdens de genocide in Rwanda. Daders waren vaak dronken tijdens hun acties en bier werd gebruikt als beloning na een dag moorden. Ook in het nabijgelegen Burundi is Heineken omstreden. Het repressieve regime is daar voor zijn overleven grotendeels afhankelijk van de belastingen die de bierbrouwer betaalt. De bestuursvoorzitter van Heineken in Burundi is niemand minder dan de voorzitter van het constitutionele hof, een van de belangrijkste rechters van het land.

In zee met massaverkrachters

In Congo sloot de multinational in 2003 een akkoord met een rebellengroep die zich schuldig had gemaakt aan moordpartijen, massaverkrachting en plunderingen. De rebellen gaven Heineken toestemming ontslagrondes door te voeren op voorwaarde dat de brouwer zo veel mogelijk accijns aan de beweging zou afdragen.

Een collectief van 168 toen ontslagen werknemers liet het er niet bij zitten. Zij vonden dat Heineken zich niet aan de richtlijnen van de organisatie van industrielanden OESO had gehouden, een soort gedragscode voor multinationals. Een klacht bij het Nationaal Contactpunt OESO-richtlijnen (NCP) in Den Haag leidde anderhalf jaar geleden tot een schikking, waarbij de werknemers ruim een miljoen dollar kregen uitbetaald.

Onlangs ontving het NCP opnieuw een klacht van een ontslagen Congolese oud-werknemer van Heineken, die zegt deel uit te maken van een groep van vijftien. Hij beticht het bedrijf van onder meer fraude, corruptie, mensenrechtenschendingen en contractbreuk.

Lees ook: Ntsinda krijgt een ‘slavenloon’ bij Heineken

Het NCP laat weten de klacht in behandeling te hebben genomen.

Heineken verwerpt de beschuldigingen. Volgens de brouwer is er sprake van een reorganisatie die het gevolg zou zijn van de slechte economische omstandigheden in Congo.

De woordvoerder: „We benadrukken dat het om een arbeidsrechtelijke kwestie gaat. Van mensenrechtenschendingen is geen sprake en ook de aantijgingen van fraude en corruptie zijn ongefundeerd. De verwijzing naar contractbreuk is ons niet duidelijk.”

    • Olivier van Beemen