Alleen samen kunnen we het klimaat redden

Global Risks Report Klimaatverandering wordt veroorzaakt door dingen waar we niet zonder kunnen. Daarom is het volgens econoom Jan Willem Velthuijsen zo’n groot probleem.

Belgische studenten protesteren tegen klimaatverandering.
Belgische studenten protesteren tegen klimaatverandering. Foto Francisco Seco / AP

Klimaatverandering wordt door het World Economic Forum nu al drie jaar achtereen gezien als het grootste risico voor een ernstige ontwrichting van de economie. Het verbaast Jan Willem Velthuijsen niet. De hoogleraar economie aan de universiteit van Groningen en hoofdeconoom van de zakelijke dienstverlener PwC heeft vertrouwen in al die klimatologen, bodemkundigen, fysici, ijskristaldeskundigen en koolstofdateerders die nu al decennialang de effecten van klimaatverandering in kaart brengen.

„Ze doen dat met steeds meer details”, zegt Velthuijsen in een telefoongesprek over het Global Risks Report 2019. „Het is al lang niet meer alleen: de aarde wordt warmer en daardoor smelten de ijskappen en stijgt de zeespiegel. Er is veel meer aan de hand, en de bewijzen daarvan worden zichtbaarder in de data. Variatie in regenval, periodes van droogte, hittegolven, overstromingen. Klimaatverandering is een wereldomvattend probleem en een veelkoppig monster.”

Eerste levensbehoeften

Toch slaagt de wereld er niet goed in om klimaatverandering tegen te gaan. En dat ziet het World Economic Forum als het echte probleem. Dat komt, zegt Velthuijsen, omdat klimaatverandering te maken heeft met wat hij noemt ‘must-haves’, eerste levensbehoeften. Klimaatverandering wordt veroorzaakt door het gebruik van energie, door het produceren van voedsel – dingen waar we niet zonder kunnen. „De vraag daarnaar is niet elastisch”, aldus Velthuijsen. „Als de economie groeit, groeit de vraag net zo hard mee, of in ieder geval, bijna net zo hard.”

Velthuijsen maakt een vergelijking met een eerder milieuprobleem: zure regen. Ook die werd veroorzaakt door een gas, niet kooldioxide maar zwaveldioxide. „Dat probleem heeft de wereld zonder al te veel moeite opgelost. Technisch was dat niet zo ingewikkeld, het was niet heel duur en de goederen die we ermee maakten waren geen eerste levensbehoeften. Fossiele energie kunnen we tot nu toe nog maar mondjesmaat vervangen door andere energiebronnen. En we hebben nauwelijks technische oplossing om de CO2 die vrijkomt, af te vangen.”

Maar het belangrijkste verschil tussen zure regen en klimaatverandering is volgens Velthuijsen dat je niet naar een CO2-molecuul kunt wijzen en kunt zeggen: deze komt uit Engeland. Waar die ook vandaan komt, de hele wereld heeft er last van. „Bij zwaveldioxide kon dat wel. Het was een lokaal probleem. Onze verzuurde bossen kwamen door Engeland. Die in Rusland door Oekraïne.”

Klimaatverandering is dus een wereldprobleem. Moet je het dan niet als wereld oplossen?

„Ja, maar de wereld wordt het niet eens, omdat er zulke verschillende belangen zijn. Voor het Midden-Oosten, Rusland en nu ook de VS met zijn schalie, zijn de baten van fossiele brandstoffen op dit moment veel groter dan de kosten van klimaatverandering. Europa heeft er vooral veel last van en heeft geen baten uit olie. Voor China geldt hetzelfde.

Tot een paar jaar geleden waren we goed op weg om een aantal wereldwijde problemen op een globaal niveau op te lossen: nucleaire non-proliferatie, de Wereldhandelsorganisatie (WTO) en het VN-klimaatoverleg. Er werden internationale structuren opgetuigd die steeds meer tandjes kregen. Er was geen president die het aandurfde om zich daar niet enigszins aan te committeren. Nu is er een trend in de richting van eigen volk eerst, eigen belangen eerst. Het systeem zakt in elkaar. Voor klimaat is het niet alleen Amerika dat zich eraan onttrekt. Ook een land als Australië zegt gewoon: we stappen eruit.”

Hoe komt dat?

„Veel sociologen denken dat de pendule na de globalisering gewoon wat terugzwaait. De globalisering werd aangewakkerd door de WTO. Die zorgde dat handelsbarrières verdwenen en het gemakkelijk werd om daar te produceren waar dat het goedkoopst was. Transportkosten waren bijna nul. Maar de twijfel over de voordelen van die globalisering groeit. En niet iedereen blijkt in dezelfde mate van die voordelen te hebben geprofiteerd.

„We trekken nu onze handen af van de globalisering. Maar voor een globaal probleem als klimaatverandering is dat gevaarlijk. Het antwoord zou juist moeten zijn: laten we de globale organisaties nieuwe opdrachten geven. De koek groter maken, maar tegelijkertijd duurzamer en hem eerlijker verdelen.”

Hoe doe je dat dan?

„Klimaatverandering is een verdelingsvraagstuk. We moeten de kosten eerlijker verdelen. Dat gaat om schadekosten door klimaatverandering, maar ook om gederfde inkomsten uit oliebronnen. Je zult maar een olieproducent zijn, een land of bedrijf, en te horen krijgen: sorry, die winsten voor je land of voor je aandeelhouders, dat is heel mooi, maar dat gaan we dus niet meer doen. Je moet je spullen in de grond laten zitten.”

Velthuijsen is positief over Europa, waar een gezamenlijk emissiehandelssysteem (ETS), ondanks de fouten die er nog in zitten, de prijs van de uitstoot van broeikasgassen regelt. Daarmee hebben de EU-landen een deel van hun energiesoevereiniteit overgedragen aan Brussel. „De Turkse econoom en socioloog Dani Rodrik zegt dat je niet én democratie, én nationale soevereiniteit en globalisering kunt hebben”, zegt Velthuijsen. „Dus je moet kiezen. Europa kiest ervoor om een beetje nationale soevereiniteit op te geven. Maar dan kunnen we wel profiteren van globalisering en vrijhandel, en we hebben nog steeds democratie.”

Maar er is ook veel verzet tegen de macht van Brussel.

„Nu kost een ton CO2 hooguit een paar tientjes. De vraag is wat er gebeurt als dat straks honderd euro wordt of meer. Dan ga je het echt voelen in je retourtje wintersport. Zeggen we dan nog steeds: dat laten we aan Brussel over? Ik hoop het wel.”