Diep in ’t rood, zonder succes in Europa

Turks voetbal De schuldenberg van Turkse voetbalclubs is zo hoog dat de banken moeten ingrijpen. Een van de weinige gezonde clubs is Erdogans persoonlijke project.

Spelers, onder wie Robin van Persie, en supporters van Fenerbahçe tijdens een duel tegen rivaal Galatasaray in april 2016.
Spelers, onder wie Robin van Persie, en supporters van Fenerbahçe tijdens een duel tegen rivaal Galatasaray in april 2016. Foto’s OZAN KOSE/AFP

Is het Turkse voetbal failliet? De Turkse voetbalclubs hebben gezamenlijk zulke hoge schulden, dat ze moeten worden gered door de overheid. De Turkse voetbalfederatie sloot vorige week een deal met de Turkse Associatie van Banken (TBB) over de herstructurering van hun schulden. Zonder deze maatregelen zouden de clubs bezwijken.

De achttien clubs in de Superliga hebben een gezamenlijke schuld van ruim 14 miljard lira (2,3 miljard euro). Een fors deel komt op rekening van de Grote Vier – Fenerbahçe, Besiktas, Galatasaray en Trabzonspor – die op één na alle landstitels hebben gewonnen sinds de Superliga in 1959 werd opgericht. Fenerbahçe spant volgens persbureau Bloomberg de kroon met 330 miljoen euro schuld. Daarna volgen Besiktas (160 miljoen), Galatasaray (120 miljoen) en Trabzonspor (119 miljoen). Alle vier maken ze verlies.

„De grote clubs zitten financieel aan de grond”, zegt de Britse journalist Patrick Keddie, auteur van het boek The Passion: Football and the Story of Modern Turkey (2018). „Hun gezamenlijke schuld is nog nooit zo hoog geweest. De Turkse competitie is de enige waar de schulden en uitgaven van de clubs groter zijn dan hun inkomsten. Zonder deze maatregelen zou het Turkse voetbal instorten.”

De schulden zullen niet zomaar worden kwijtgescholden. Alle banken die leningen hebben uitstaan bij clubs zullen die zelf blijven beheren. De clubs zullen een marktconforme rente betalen over hun schulden. De banken gaan voor iedere club een herstructureringsplan opstellen, die de financiële structuur moet versterken. De voetbalfederatie zal toezien op de uitvoering.

De financiële problemen zijn grotendeels van eigen makelij. In het voetbalgekke Turkije staan voorzitters onder grote druk om successen te behalen. Er zijn om de twee, drie jaar verkiezingen, dus voorzitters gaan vaak voor succes op korte termijn. Om fans en leden tevreden te stellen, trekken ze grote namen aan. Dat leidt tot hoge uitgaven.

De populariteit van het Turkse voetbal is de afgelopen decennia toegenomen, parallel aan de groei van de bevolking, en daarmee de hoeveelheid geld in het voetbal. De inkomsten van clubs zijn sterk gestegen dankzij de verkoop van uitzendrechten, merchandise en lucratieve sponsorcontracten met Turkse bedrijven die profiteerden van de sterke economische groei.

De regering heeft ook een rol gespeeld in de vergroting van de inkomsten, zegt Keddie. „De regering en de voetbalfederatie hebben grote ambities met het Turkse voetbal. Ze willen dat Turkije de vierde grootste competitie van Europa krijgt. Daarom doet de overheid er alles aan om de inkomsten van clubs te vergroten. Zo worden de clubs in de eerste twee divisies en in de bekercompetitie allemaal gesponsord door bedrijven die nauw gelieerd zijn aan de staat.”

Die extra inkomsten hebben clubs grotendeels gespendeerd aan nieuwe spelers, vooral dure, buitenlandse sterren op leeftijd. „Maar de resultaten in de Superliga en in Europa lieten te wensen over”, zegt Keddie. „Dit heeft voor torenhoge schulden gezorgd, want de salarissen worden uitbetaald in euro’s. Sinds de devaluatie van de lira, die vorig jaar 28 procent aan waarde verloor, drukken die salarissen nog zwaarder op de begroting.”

Zo kocht Fenerbahçe Robin van Persie voor 5,5 miljoen euro van Manchester United. In de tweeënhalf jaar dat hij bij de club speelde, heeft hij in totaal 20,3 miljoen euro gekost, becijferde de krant Sabah. Voor dat geld heeft Fenerbahçe niet veel teruggekregen. Van Persie maakte weliswaar 40 doelpunten in 91 wedstrijden, maar hij was vaak en lang geblesseerd en won niet één prijs met de club.

Turkse clubs zijn al eens bestraft door de UEFA, die in 2011 het controlesysteem Financial Fairplay instelde om de schulden van voetbalclubs onder controle te houden. In oktober stelde de UEFA een onderzoek in naar de financiën van Galatasaray. De club had eerder al een boete van 7 miljoen euro betaald voor het schenden van de regels. Daardoor mocht de club in het seizoen 2016-2017 niet meedoen aan Europese competities.

Erdogan

Het herstructureringsplan moet ook de transparantie van de clubs bevorderen. De meeste clubs zijn stichtingen, die grotendeels zijn uitgezonderd van financieel toezicht. „De voorzitters zijn niet persoonlijk verantwoordelijk voor de schulden”, zegt Keddie. „Ze kunnen gewoon geld lenen om spelers te kopen en de schulden achterlaten voor hun opvolgers. De regering is erop gebrand om het Turkse voetbal te laten floreren, dus als de clubs in de problemen komen springt de overheid bij, bijvoorbeeld door hun belastingschuld kwijt te schelden.”

Sommige clubs zijn al begonnen met het verkopen van hun dure spelers. Zo liet Besiktas onlangs de Portugese verdediger Pepe vertrekken, zes maanden voordat zijn contract (bijna 10 miljoen euro salaris in twee jaar) afliep.

Een van de weinige Turkse clubs die zich aan de financiële malaise lijkt te onttrekken is Basaksehir, die op dit moment de ranglijst aanvoert, op zes punten afstand van Trabzonspor. Basaksehir is een persoonlijk project van president Erdogan, die zelf speelde op de openingswedstrijd van de club in 2014. De club wordt geleid als bedrijf en gesponsord door bedrijven rond de regering, zoals Medipol, het zorgbedrijf van Erdogans lijfarts.