Recensie

Recensie Uit eten

The LisaMarie: ‘Waalse’ staminee op de Kaap

Wie op een winteravond langs de Maashaven het schiereiland oprijdt, zou zich in een ander land en decennium kunnen wanen. Vrijwel het enige licht dat op de Kaap valt, komt van de woontorens op de Kop van Zuid, en de wijk lijkt er vele kilometers van verwijderd. Alleen het natgeregende Deliplein reflecteert nog iets van dat verre, Bright Lights-, Big City-schijnsel. Alle straten daarachter hullen zich in een donkerte die je gemakkelijk doen geloven dat je in een stadje in Noord-Frankrijk, de Ardennen of elders in Wallonië bent aanbeland.

Dat gevoel bekruipt ons al terwijl we nog op weg zijn naar The LisaMarie, maar verdomd: in het hoekpandje op de Atjehstraat met die naam weten we écht niet beter of we betreden een staminee in, zeg, Luik, Charleroi of Lille. En net als in de hele directe omgeving lijkt ook hier de tijd te zijn stilgezet.

Dat is niet hetzelfde als vaststellen dat de klok er een flink eind is teruggedraaid. Net als in twee vergelijkbare etablissementen op Katendrecht, Het Verhalenhuis en café De Ouwehoer, is er in de inrichting van The LisaMarie geen sprake van naar kitsch neigende nostalgie. Zomin als er nadrukkelijk is aangehaakt bij het roemruchte verleden van de Kaap als hoerenbuurt. Met de glasgordijntjes voor de ramen, de Thonet-stoelen, de halfronde houten bar en her en der verspreid wat alledaagse snuisterijen verwacht je er eerder tussen ouwe Kapenezen dan dagjesmensen te komen zitten. Die veronderstelling wordt overigens maar deels bewaarheid: er borrelt een fors getatoeëerd, Engels rockabilly-stel aan het tafeltje naast ons, dat zich wel vier keer hardop verbaast over deze ‘lovely place’ van de eigenaren, de kunstenaars/fotografen Paul Posse en Paul van den Hout.

Die laatste heeft in zijn eentje dienst op de zondag dat wij er komen eten. Hij staat zowel achter de tap als in de keuken en neemt dan ook de bediening nog voor zijn rekening, zonder dat je ook maar een moment het idee krijgt dat het allemaal lastig te behappen is. Gekookt en gebakken wordt er in The LisaMarie dan ook niet of nauwelijks; misschien maar beter ook, gelet op de vetkuiven waarmee Posse en Van den Hout door het leven gaan.

De zes voor- en vijf hoofdgerechten op de kaart zullen allicht zijn voorbereid in Paul’s Posse (het café-restaurant van Posse op het nabijgelegen Veerplein), om daarna nog slechts in de oven te hoeven worden opgewarmd. Het menu omvat dit seizoen onder andere boulet à la Liègoise, confit de canard, pulled pork van everzwijn, Sumatraanse rendang, oeuf mayonaise en een taartje van rode uien met Rotterdamse oude kaas.

We bestellen die boulet, het ei, de eendenpoot en het taartje met een fors glas Saison du Pont erbij. Dat is, ook weer, Waals bier dat nergens anders in de stad uit het fust wordt geschonken. De kenners staan er volgens Van den Hout bij de kraan voor in de rij, mede omdat het niet altijd kan worden geleverd. En, tja, hoeveel meer aansporing heb je dan nog nodig? Daar gaat onze ‘dry january’.

De pinten combineren prima met de met koekkruiden aangemaakte, zoete juinen in een pakketje van filodeeg. Dat geldt ook voor de eendenpoot met zuurkool en de oeuf mayonaise. De weke boulet (gehaktbal) in Luikse stroop legt het daarentegen volledig af tegen de massieve bitters van het bier. Je denkt nog net niet dat je met een caféhap van de vegetarische slager van doen hebt.

Zo’n minieme tegenvaller weegt niet op tegen de bijzondere ervaring die het eigenzinnige dranklokaal en eethuis biedt, en gelet op de bescheiden porties en prijzen die er worden gehanteerd, kun je na zo’n bal altijd nog in de herkansing. Op 1 februari wordt de Lisa Marie (Presley) naar wie het café is vernoemd 51 jaar en krijgen bezoekers er in The LisaMarie gratis live-rock ‘n’ roll bij.

Wim de Jong is culinair recensent.