Opinie

Glissen

Carolina Trujillo

Wat is dat shorttracken nu precies? vroeg ik aan een van mijn oudste bakens in Nederland. Het baken antwoordde: „Shorttrack is iets wat ze in het buitenland hebben bedacht omdat de Nederlanders het echte schaatsen altijd wonnen.”

Het antwoord deed zoveel vragen rijzen dat ik er stil van werd. Waarom wonnen Nederlanders altijd? Hadden ze het schaatsen dan ook uitgevonden? Wie haalde het eigenlijk in zijn hoofd om messen onder zijn voeten te binden en zo het ijs op te gaan? Diegene deed het vast niet zelf. Die bond de messen onder de voeten van zijn vrouw en duwde haar de ijsvlakte op.

„Hoe heet dat echte schaatsen dan?” vroeg ik aan het baken.

„Langebaanschaatsen.” De teleurstelling klonk door de hele lengte van het woord.

Volgens Federico Formenti, onderzoeker aan de universiteit van Oxford, werd het schaatsen waarschijnlijk zo’n vijfduizend jaar geleden bedacht door de Finnen. De schaatsen bestonden uit ondergebonden dierenbotten. Het moderne woord dat ze daarvoor hebben bedacht is glissen. Kennelijk doen die Finnen het daar nog steeds op want ze zijn in dat hele shorttracken nergens te vinden.

Als het over schaatsen gaat, moet ik altijd aan mijn vaders eerste winter in Nederland denken. Hij had twaalf jaar in Uruguay in de gevangenis gezeten en na zijn vrijlating probeerde hij zo snel mogelijk zijn vaderpositie weer in te nemen. Het was 1985, Elfstedentocht. Ze hadden hem kaalgeschoren, hij was ondervoed en sprak geen Nederlands. Zijn babydochters waren tot twee ponypubers verworden die het Spaans vooral waren vergeten. Wij wilden hem best leren schaatsen, want ook wij wilden onze positie terugwinnen, maar hij wilde niet dat wij hem zagen vallen.

Ons huis stond in een rijtje aan een sloot die in hetzelfde beton lag als dat waar de huizen uit waren opgetrokken. Nederland baadde in Elfstedenkoorts terwijl mijn vader voor het eerst het ijs betrad. Zijn baken was een Chileen die iets langer in Nederland was dan hij. Mijn moeder wist na tien jaar inburgeren wel dat je het schaatsen aan de inheemse bevolking moest overlaten.

Ze oefenden de hele middag, de Chileen op beginnersschaatsen en mijn vader op een soort glissen die mijn moeder in de kringloop op de kop had getikt. Elke keer als papa tegen de vlakte ging, trilde in de huiskamer de lamp boven de eettafel. Toen hij ook die nederlaag had geaccepteerd, kwam hij blauwbekkend binnen. Het eerste ijs waar we samen van genoten, arriveerde jaren later tinkelend in whiskyglazen. Wel heb ik hem vaak mogen zien vallen, vooral van fietsen.

Vorig weekend kwam mijn vader binnen via skype. Hij vroeg wat ik aan het doen was. Ik zei dat ik naar het shorttracken keek. Hij vroeg wat dat was. Ik zei dat het een soort kortebaanschaatsen was dat ze internationaal hadden bedacht omdat ze op de lange baan nooit van de Nederlanders wonnen. Dat vond hij geestiger dan ik had verwacht. Ik moet mijn vader vaker mijn bakens lenen ook al is het laat, want zolang we op de allerlangste baan nog kunnen lachen, zijn we niet verslagen.

Carolina Trujillo is schrijfster.