Een 13-jarige migrant uit Honduras kijkt door het grenshek naar de VS bij Tijuana in Mexico

Adrees Latif/Reuters

Waarom de muur van Trump zo’n krachtige belofte is

Verenigde Staten Het weren van nieuwkomers bepaalde al eerder de Amerikaanse identiteit. De muur die president Trump wil bouwen appelleert hieraan, schrijft Merijn de Waal in zijn boek Over de muur van Trump, waarvoor hij door het grensland met Mexico reisde. Een voorpublicatie.

Zoals meer Amerikaanse scholen hield ook de Calexico Mission School begin november 2016 presidentsverkiezingen. Net als volwassenen hadden leerlingen de keus uit Hillary Clinton of Donald Trump. En toen de stemmen geteld waren, was juf Tanya Soochkoff van groep 8 wel even verrast: het stapeltje stembiljetten met Trump was aanzienlijk hoger dan dat voor Clinton. Zestien voor de Republikein, acht voor de Democraten.

De lerares was verrast, omdat het grootste deel van haar leerlingen in Mexico woont. Haar schooltje ligt pal aan het roestige, zes meter hoge Amerikaanse hek dat hier de zuidgrens afbakent. Het scheidt het rustige Californische woestijnstadje Calexico (40.000 inwoners) van de booming Mexicaanse metropool Mexicali (circa 1,2 miljoen inwoners). Vanaf het schoolplein kan een afzwaaiende voetbal zomaar in Mexico belanden.

Mexicanen uit de hogere middenklasse sturen hun kinderen naar de privéschool, omdat het onderwijs er beter is dan in Mexico en opdat hun kinderen accentloos Engels leren spreken. Deze ouders kunnen het schoolgeld van 400 tot 600 dollar (per maand) opbrengen, omdat ze managementposities bekleden bij een van de vele buitenlandse fabrieken in Mexicali. Het betekent wel dat ze hun kinderen elke ochtend ruim voor zonsopgang moeten wekken om op tijd in het buurland in de klas te zitten.

In groep 8 ging het najaar 2016 regelmatig over de Amerikaanse campagne, blikte juf Tanya enkele maanden later terug. En dan vooral om de harde taal van Trump jegens Mexico, waar volgens hem vooral „verkrachters en moordenaars” vandaan zouden komen. Naast een grensmuur, waarover het conflict in Washington momenteel hoog oplaait, beloofde Trump ook meer illegalen te gaan deporteren.

„Sommige kinderen waren bang dat ze na een overwinning van Trump niet meer naar school zouden kunnen”, zei Soochkoff. „Maar ik heb ze gerustgesteld, zij hoefden met hun studievisa nergens voor te vrezen.” Vervolgens spraken ze in de klas over oplossingen. „En dat raakte echt een snaar. Toen ging het gesprek al snel over eerlijk in de rij staan.”

Sommige kinderen waren bang dat ze na een overwinning van Trump niet meer naar school zouden kunnen

Niet alleen leerlingen van de private Mission School steken namelijk dagelijks de grens over naar Calexico. Ook openbare scholen hebben een aanzienlijk aantal Mexicaanse leerlingen. Velen van hen doorlopen niet de lange, bureaucratische aanvraag voor een studievisum, maar schrijven zich in op het adres van familieleden in de VS en verwerven zo toegang tot nagenoeg gratis Amerikaans openbaar onderwijs. Bij de grensovergang levert het regelmatig spanningen op tussen beide groepen: de privados vinden dat de públicos vals spelen. „Ze zien het als voordringen in de rij”, zei directeur Oscar Olivarría.

Dus toen Tanya Soochkoff haar groepachters had verzekerd dat Trump hen niet zomaar buiten het land kon houden, „voelden ze zich blijkbaar gerust genoeg om hem een kans te geven”.

Een van de Trump-stemmers was Emilio Peña. „Ik ben voor Trumps muur, dat zou de illegalen buiten houden”, zei de elf-jarige jongen lachend. Hij woont dan wel in Mexicali, zijn moeder is bevallen in Calexico. Een wijdverbreide praktijk in de grensstreek: vrouwen reizen in de laatste maand van hun zwangerschap naar de VS en bevallen daar, zodat hun kind automatisch de Amerikaanse nationaliteit krijgt. Peña: „Trump kan mij niks maken.”

Guillermo Arias/AFP
Guillermo Arias/AFP
Guillermo Arias/AFP

Trump past in een traditie

De afgelopen twee jaar reisde ik door het Mexicaans-Amerikaanse grensland voor een boek over Trumps meest tastbare verkiezingsbelofte: de bouw van een muur langs de zuidgrens met Mexico. Het helderste inzicht kreeg ik daarbij van de leerlingen van het missionarisschooltje in Calexico. Juist in een migrantenland als de VS is frictie over immigratie minder vreemd dan ze wellicht lijkt. Een bekende reflex van immigranten is dat ze – zodra zijzelf binnen zijn – de deur graag achter zich dicht trekken.

Bij de onafhankelijkheid in 1776 was 80 procent van de vrije bevolking in de VS van Britse komaf. Nagenoeg iedereen was protestants. In de eeuwen hierna groeiden de VS uit tot machtigste land ter wereld door miljoenen nieuwe inwoners op te nemen. Aanvankelijk vooral Europeanen, die de oceaan overstaken om te ontkomen aan oorlog, honger en schaarste in eigen land. Westelijker in de VS kwamen vooral Aziaten en Mexicanen binnen.

Steden en staten bloeiden dankzij het verse bloed op. Maar deze massa-immigratie verliep destijds zeker niet rimpelloos. Niet voor iedereen was er meteen een baan. Werkgevers buitten de migranten uit. Gevestigde Amerikanen klaagden vervolgens dat hun banen ‘gestolen’ werden en discrimineerden de immigranten.

Ook eind negentiende, begin twintigste eeuw namen de VS al strenge anti-immigratiewetten aan. Deze waren specifiek gericht tegen Aziaten en dienden later ook om joden en katholieken buiten de deur te houden. Het land moest overwegend blank, Engelstalig en protestants blijven, meende de bovenlaag van zogeheten White Anglo-Saxon Protestants. Deze WASP’s zouden de politiek, maatschappij en cultuur tot zeker halverwege twintigste eeuw blijven domineren.

In de jaren zeventig bereikte de instroom van nieuwkomers een historisch dieptepunt. Dit veranderde toen in de laatste decennia van de twintigste eeuw de migratie weer aantrok. Ditmaal kwamen de nieuwkomers uit alle delen van de wereld: van Somalië tot de Filippijnen en van Mexico tot Pakistan. Net als tijdens eerdere immigratiegolven riep ook hun komst weerstand op.

Het heeft zo bezien eigenlijk nog lang geduurd voordat de VS een president als Trump kregen. Met zijn uitverkiezing werd een blanke angst manifest die al langer sluimerde. De socioloog Samuel Huntington voorspelde die tegenreactie al in 2004, twaalf jaar voor Trumps zege. In zijn boek Who we are voorspelde Huntington de opkomst van „een blank-nativistische beweging”. Een beweging „die grotendeels, maar niet alleen zal bestaan uit blanke mannen van vooral de arbeiders- en middenklasse. [...] Voor wie geldt: Wie wenst dat Amerika Amerika blijft, moet Amerika blank houden”.

Volgens Huntington „zouden zij protesteren en proberen allerlei volgens hen niet terechte veranderingen tegen te houden”. Het zou zeker niet de eerste keer zijn, dat zo’n beweging opstond, schreef hij. „Vergelijkbare buitensluitende, raciale en tegen buitenlanders gerichte bewegingen hebben in het verleden mede Amerika’s nationale identiteit bepaald.” Trump past, kortom, in een veel langere traditie.

Hypocriet

Een muur is een zeer geschikt symbool om aan die identiteit te appelleren. In de weken na Trumps verkiezingszege gingen veel progressieve Amerikanen bij zichzelf te rade. Waarom hadden zij Trumps kans op het presidentschap niet serieus genomen? Een analyse van Selena Zito in The Atlantic kreeg tijdens dat linkse soulsearchen veel aandacht. Zito analyseerde al twee maanden voor de verkiezingen: „De pers neemt hem [Trump] letterlijk, maar niet serieus. Zijn aanhangers nemen hem serieus, maar niet letterlijk.”

Toch ontmoette ik aan de grens meerdere Trump-kiezers die zijn muurbelofte wel degelijk letterlijk namen. Zoals Alex S. Espinosa, een Mexicaanse-Amerikaan van de derde generatie uit Douglas, een berucht smokkeloord in Arizona. Zoals meer inwoners van het stadje zat hij lang in de drugshandel: als uitvaartondernemer reed hij voor het Sinaloa-kartel honderden kilo’s cocaïne per lijkwagen de grens over. Terwijl Espinosa me door Douglas rondreed, waarschuwde hij dat zelfs de prototypes van Trumps beoogde grensmuur, die de president najaar 2017 onthulde, hun werk niet zullen doen. Ze moesten nog veel hoger worden. Én diep de grond in, tegen de smokkeltunnels.

De pers neemt hem [Trump] letterlijk, maar niet serieus. Zijn aanhangers nemen hem serieus, maar niet letterlijk

„Trump gaat die muur bouwen”, verzekerde hij me. Maar vooralsnog, zag ook Espinosa, krijgt Trump dit niet voor elkaar. Toch nam hij dat de president niet heel erg kwalijk: „He’s shifting the coins in his pocket.” Veel kwader maakte hij zich om Hollywoodsterren die zich uitspraken tegen een grensmuur. „Zo hypocriet. Om hun eigen villa’s zetten ze toch ook hoge muren neer? Je kan niet iedereen binnenlaten.”

Een agent van de Border Patrol, die ik een ochtend vergezelde op patrouille, gebruikte dezelfde metafoor. „Je huis doe je ’s avonds ook op slot”, zei Josh Wilson. „Omdat je houdt van de mensen die er in wonen, niet omdat je de mensen die erbuiten zijn haat.”

Melanie Kortlangs dochter Amy werd in 2009 door een illegale, vijf keer eerder gedeporteerde Mexicaan doodgereden. Dat verlies maakte van de voormalige Democrate een uiterst-rechtse activiste, tegen illegale migratie en vóór Trump en diens grensmuur. „Natuurlijk zal een muur niet alle drugs en migranten tegenhouden”, beaamde de Californische vrouw. „Maar het zal wel iets helpen. Ik zou mezelf meteen opgeven om hem te helpen bouwen.”

Zij en haar vriend Robert Smith voelen zich niet meer thuis in hun eigen land, vertelden ze. Robert: „Het begint al als je een 0900-nummer belt. Dan krijg je het keuzemenu en is het ‘toets 1 voor Spaans, toets 2 voor Engels’. Waarom kan dat niet 1 voor Engels zijn?”

Guillermo Arias/AFP
Guillermo Arias/AFP
Guillermo Arias/AFP

Uit velen één

Door globalisering gaan goederen en diensten sinds eind vorige eeuw steeds sneller de wereld over. Voor vrij verkeer van personen nam het enthousiasme tegelijkertijd af – zeker in het Westen.

Maar door vrijhandel zijn Mexico en de VS zeer nauw met elkaar verknoopt geraakt. En toen ik in de Mexicaanse grensstad Reynosa fabriekarbeidsters opzocht en hen vroeg wat er zou gebeuren als Trump hun fabriek zou weten terug te halen naar de VS, zoals hij zijn arbeidersachterban beloofd heeft, antwoordden ze: „Wij moeten makkelijker naar de VS kunnen, als die banen daar ook heengaan.”

Lees ook: Gaan Amerikaanse bedrijven echt weg uit Mexico?

Veel Amerikanen vinden het fijn dat ze tegenwoordig het hele jaar door rijpe Mexicaanse avocado’s kunnen eten. Of dat hun tv’s en auto’s vlak over de grens goedkoop in elkaar gezet worden. Tegelijkertijd vinden de meesten niet dat hun eigen werkgever net zo makkelijk naar Mexico moet kunnen vertrekken. Laat staan dat Mexicanen even soepel de VS binnen moeten komen als avocado’s.

Dat lijkt wellicht dubbelhartig, het is ook menselijk. Mensen kunnen maar een bepaalde mate aan diversiteit aan, onderzocht politicoloog Robert Putnam. Deze duider van de Amerikaanse samenleving schreef hierover in 2007 een geruchtmakend artikel. Hierin stelt hij dat toenemende etnische diversiteit het onderlinge wantrouwen in een samenleving voedt. „Leden van verschillende gemeenschappen neigen ernaar zich terug te trekken uit het openbare leven, hun buren te wantrouwen, ongeacht hun huidskleur, zelfs de band met goede vrienden op te zeggen en zich ongelukkig voor de televisie terug te trekken”, aldus Putnam in E Pluribus Unum: diversiteit en gemeenschap in de 21ste eeuw.

Ruim tien jaar na publicatie wordt deze ene conclusie uit het artikel nog veelvuldig aangehaald. Tegenstanders van immigratie gebruiken haar voor hun pleidooi de grenzen te sluiten. Maar wat ze daarbij meestal niet vermelden, is dat Putnam in zijn artikel over de middellange en lange termijn helemaal niet zo negatief is. Putnam: „Succesvolle migrantensamenlevingen scheppen nieuwe vormen van solidariteit en dempen de negatieve gevolgen van diversiteit.”

Gevaarlijkere routes

Nu Trump zijn grensmuur voorlopig niet krijgt, kan hij de grenzen alleen met een nog scherper asielbeleid of nog meer inreisverboden proberen af te sluiten. Hij kan met felle retoriek voor migranten een symbolische muur van angst en verwarring optrekken. De migranten die tegenwoordig nog komen zijn vooral Midden-Amerikaanse families op de vlucht. Hun aantallen zijn veel lager dan de Mexicanen die vorige eeuw als arbeidsmigranten overstaken. De al bestaande hekwerken schrikken hen ook niet af; ze dwingen hen vooral om gevaarlijkere routes door de woestijn of over de rivier te nemen.

Lees ook: Trump eist extra miljarden voor nog meer hekwerk aan de grens met Mexico. De Democraten weigeren. Hoe is hij in deze impasse beland?

Toch zullen de VS nooit meer een land worden van puur en alleen blanke, Engelssprekende protestanten. Simpele demografie leert dat de bevolking onherroepelijk – en snel – diverser wordt. Boven de volgende presidentsverkiezingen, in 2020, hangt daarmee vooral de vraag of Trumps zege in 2016 een laatste stuiptrekking was van bange blanke kiezers. Of dat deze wit-nativistische tegenreactie van blijvender aard blijkt en Trump herkozen wordt.

In zijn boek waarin hij de opkomst van een politicus à la Trump voorspelde, klonk Samuel Huntington tussen de regels door zorgelijk over de toekomst van de VS. Voor Huntingon werd de Amerikaanse identiteit gevormd door de eerste stichters. Iedereen die daarna kwam, paste zich aan hun cultuur aan. Alleen daarom konden de VS een succesvol immigratieland worden: omdat er een dominante blanke, Brits-protestantse cultuur was waarin migranten konden opgaan.

Nu de diversiteit toeneemt, zouden de VS die kunst dreigen te verliezen. Huntington zag een reeks groeiende breuklijnen. Tussen Spaans- en Engelstaligen. Tussen blanken, zwarten en hispanics. Tussen katholieken en protestanten. Tussen die Amerikanen wier voorouders al eeuwen geleden in de VS aankwamen – en degenen die later arriveerden.

Die denkwijze veronderstelt dat een nationale identiteit ooit ‘af’ zou kunnen zijn. En miskent dat een derde van de VS anderhalve eeuw terug nog tot de Spaanstalige, katholieke wereld behoorde. (Mexico verloor in 1848 de helft van zijn grondgebied aan de VS nadat het werd binnengevallen door de noorderburen). En nog langer geleden alleen door inheemse inwoners bevolkt werd.

Een huis dat nooit af is 

De vraag die me na mijn reizen bijbleef, is of Amerikanen – in Putnams woorden – nog de ‘inspanning’ kunnen opbrengen om ook anno 2019 nog een ‘succesvolle migrantensamenleving’ te zijn. Juist aan de grens zijn ze hier wel degelijk nog toe in staat, zag ik in Tucson, Arizona. In de stad woonde ik begin november de lokale All Saints-processie bij: een bonte parade waarbij vooral niet-hispanics hun doden herdachten. Een paar dagen daarvoor had ik in de Mexicaanse grensstad Ciudad Juárez de Dag van de Doden meegemaakt. Na beide feesten had ik een heel andere indruk van ‘de’ Amerikaanse of ‘de’ Mexicaanse identiteit. De vieringen aan beide zijden van de grens bevatten zowel elementen van het Anglo-heidense Halloween, het Spaans-katholieke Allerzielen als inheemse-Mexicaanse tradities.

Of je er nu een muur omheen zet, of niet: een land is geen gebouw waar na oplevering niks meer aan veranderd kan worden. Samenlevingen zijn nooit af. Als zij al als een huis zijn, dan komen er voortdurend nieuwe verdiepingen bij. De inrichting wordt veranderd, oude etages worden herontdekt, bewoners komen en gaan. In ieder geval in de grensstreek.

NRC-redacteur Merijn de Waal vertelde bij Bureau Buitenland over zijn boek, ‘Over de Muur van Trump’.