Recensie

Gastvrij is anders, maar de meeste gerechten zijn prima

Foto Daniel Niessen

Reserveren bij Cecconi’s in Amsterdam is een regelrechte ramp! Het kan zijn dat de zaak exclusiviteit wil suggereren – het is per slot van rekening onderdeel van hotel annex club Soho House waar je lid van moet zijn –; maar dan nog. De telefonische doorbitch laat weten dat het een wonder is dat we haar sowieso bereiken en heeft pas over drie weken een plekje vrij om 18.15 uur, later kan niet. En dat we na twee uur moeten ophoepelen. Huh?

We gaan humeurig richting de Spuistraat, temeer omdat Cecconi’s gevestigd is in het voormalige Bungehuis, waar studenten zo hardhandig uitgejaagd zijn. Het gebouw symboliseert de strijd tegen de vercommercialisering van de stad, een strijd die trouwens over de hele linie verloren is, zelfs in die opstandige Spuistraat.

Goed, eten dus. De ontvangst is wonderlijk; verschillende gastvrouwen, allen gezegend met fraaie looks en een grootstedelijke touch of arrogance, moeten een paar keer in het dikke boek kijken of het wel klopt. Eenmaal aan tafel opereert de bediening vlekkeloos. De klassiek in zwart-wit geklede obers zijn voorkomend en houden de boel goed in de gaten. Cecconi’s is een internationale keten, vermaard vanwege de handgemaakte pasta’s en klassiekers als vitello tonnato en carpaccio.

We zitten prachtig, het gebouw uit de jaren dertig van de vorige eeuw heeft een fraai art deco interieur, ademt een prettige tijdloosheid en Frank Sinatra kan voor je gevoel ieder moment binnenlopen. Deels eten de gasten aan lage tafels, informeel dus; wij verkiezen de sectie met witgedekte tafels en comfortabele stoelen.

We bestellen steak tartare (18,-) en octopus (16,-), tussendoor een pizzetta marinara (8,-), dan ravioli met krab (22,-) en zeebaars (27,-) met geroosterde aardappels (5,-) en ten slotte delen we een strudel (8,-), de Italiaanse variant. Het mag duidelijk zijn: bij Cecconi’s weten ze van prijzen. Dat geldt ook voor het tafelwater, weliswaar eigen import (want voorzien van een Italiaans etiket), maar 5 euro blijft veel voor water.

De voorgerechten zijn top. De tartaar is redelijk grof en met de hand gesneden en komt met een rauw kwarteleitje en zwarte truffel en is perfect subtiel aangemaakt. De octopus is op de grill geweest, lekker knapperig, en ligt op een bordje met fijngesneden bleekselderij, aardappelbrunoise en flintertjes zongedroogde tomaat… een mooi gerechtje! De pizzetta marinara, een kleine pizza uit de houtoven, is dik en wat sponzig… geen doorslaand succes.

Ook bij de hoofdgerechten zijn we wat minder lovend: de zeebaars is fijn van smaak, maar iets te droog, want te ver door, en van de beloofde clams, kokkels dus, is weinig over, piepklein en verdronken in de guazzetto, de tomatensaus. De ravioli is goed, maar de smaak van krab – een fijne smaak dus – wordt verjaagd door de dominante saffraansaus. Cecconi’s werkt met rijke ingrediënten, maar de balans is soms zoek.

Niet qua wijn trouwens. We drinken van de volledig Italiaanse wijnkaart een fijne Montepulciano d’Abruzzo (6,-), Vermentino di Sardegna (8,50) en Pinot Bianco Finado (7,50)… dik in orde. Ons dessert, deeg gevuld met bramen (strudel) en melkijs, is huisgemaakt en lekker.

Bij onze buurtafel komt ondertussen een geval dat lijkt op een UFO op tafel. Het is een veal Milanese (Italiaanse schnitzel), behalve groot zeer royaal gepaneerd, werkelijk een gevaarte. Na twee hapjes schuift de buurvrouw het bord demonstratief weg en als we dit tafereel bekijken, biedt ze ons een hap aan. Gek misschien, maar onze nieuwsgierigheid wint het en we constateren dat het inderdaad een melig, dik stuk vlees is – kalfsvlees sla je dan toch plat? –, zompig en met de smaak van oude olie… blèh. De bediening neemt het bord terug en biedt iets anders aan, dat dan wel.

En vertelt ons even later dat onze tijd voorbij is, het is kwart over acht, we moeten plaats maken. Gastvrij voelt anders en in de details kunnen de klassiekers hier en daar beter, maar ondanks dat is Cecconi’s een prachtige plek om een avond uit te gaan.

Recensent en journalist Petra Possel test wekelijks een restaurant in en om Amsterdam.
    • Petra Possel