Voor liefhebbers van Nederlandse films is er genoeg te zien op IFFR

IFFR Naast de openingsfilm van regisseur Sacha Polak, draait het IFFR ook veel andere Nederlandse films.

‘Nocturne’: een metafilm over de druk van een filmdebuut maken.
‘Nocturne’: een metafilm over de druk van een filmdebuut maken.

Het Rotterdamse filmfestival wil graag een uitstalkast voor de Nederlandse kunstfilm zijn, en slaagt daar dit jaar goed in. Naast openingsfilm Dirty God van Sacha Polak – het Amerikaanse Sundance Filmfestival gunde Rotterdam gracieus de wereldpremière – komt onder meer striptekenaar Guido van Driel met een geslaagde tweede film: Bloody Marie.

Van Driels speelfilmdebuut naar een eigen ‘graphic novel’, De wederopstanding van een Klootzak, debuteerde in 2013 in de Tiger-competitie: een originele, poëtische gangsterfilm die spijtig genoeg zijn weg naar het publiek nauwelijks vond. Met Bloody Marie gaat het hopelijk beter. Van Driel deelt ditmaal de regie met cameraman Lennert Hillige, die de Amsterdamse Wallen zeer stijlvast filmt als een warme, nogal benauwende baarmoeder.

Bloody Marie is een in alcohol gedrenkte semithriller over Marie Wankelmut, een Duitse striptekenaar die door de drank is geblokkeerd, of door haar blokkade teveel drinkt. Ze is nog slechts in staat tot autobiografische strips waarin ze avond na avond laveloos haar eigen trapportaal opkruipt. Autobiografie is goed en wel, maar dan moet er wel iets in je leven gebeuren. Daar zorgt Marie zelf voor als ze in totale dronkenschap over de daken klautert om geld te jatten van vrouwenhandelaar Dragomir. Avontuur volgt, maar zelfs de grootste ploert blijkt uiteindelijk op zoek naar gemoedsrust.

Voor meer over het programma, de films en de makers op het Internationaal Film Festival Rotterdam 2019, zie dossier IFFR 2019

De Bosnisch-Nederlandse Ena Sendijarevic debuteert met de sterke roadmovie Take Me Somewhere Nice, met in de hoofdrol de aanstekelijk melancholieke Alma (semi-debutante Sara Luna Zoric) die onderweg haar Bosnische identiteit verkent. Mijke de Jong heeft een iets langer ‘track record’ in sociaalrealistische miniaturen, zoals haar recente portret van een bokkige jihadbruid Layla M. en familiedrama. In God Only Knows krijgt millennial Thomas een burnout en redderen en ruziën zijn zussen Doris en Hannah erop los om hem uit het slop te trekken.

Dieper in de experimentele hoek zit Nocturne, van Viktor van der Valk, die zijn worsteling met de druk van een filmdebuut en zijn eigen torenhoge eisen tot onderwerp van een metafilm maakt, een mix van film noir, commentaar en introspectie. Misschien is Van der Valk nog wat jong voor zijn eigen 8 1/2, maar het hangt in de lucht: ook Martin de Vries graaft in eigen ziel in Camino, een feature-length selfie – de filmtitel wordt geheel waargemaakt. Clara van Gool laat in The Beast in the Jungle, geïnspireerd door Henry James, geliefden stijlvol filosoferend dwalen tussen de herfstbladeren van heden en verleden.