Brexiteers zien de WTO als prima vangnet. Terecht?

Brexit zonder akkoord Overtuigde Brexit-aanhangers zien de Wereldhandelsorganisatie (WTO) als een prima alternatief voor de Europese Unie.

Een anti-Brexitstoet rijdt dinsdag voor de stemming in het Lagerhuis langs pro-Brexitdemonstranten in Londen.
Een anti-Brexitstoet rijdt dinsdag voor de stemming in het Lagerhuis langs pro-Brexitdemonstranten in Londen. Foto Toby Melville / Reuters

Ze doen een beetje denken aan backpackers die een negatief reisadvies negeren omdat ze toch wel een doorlopende reisverzekering hebben: de Brexiteers die het liefst zonder deal uit de Europese Unie vertrekken. Met name onder veel Conservatieven leeft de overtuiging dat het Verenigd Koninkrijk ook bij een ‘No Deal’ voor allerlei onheil verzekerd is, omdat het lid is van de Wereldhandelsorganisatie (WTO). Als WTO-lid kan ‘Global Britain’ met een gerust hart de wereldzeeën bevaren en handel drijven, zo klinkt het vaak.

‘No Deal’ wordt daarom vaak een ‘WTO-Brexit’ genoemd. Maar wat biedt die WTO de Britten precies? Als de WTO al een vangnet is, dan zitten er heel wat scheuren in.

Aan het meer van Genève zetelt de organisatie, met 164 lidstaten. De EU is er als handelsblok lid van en de (nu nog) 28 EU-lidstaten zijn ook afzonderlijk lid. Het VK blijft dus automatisch binnen de WTO.

Dat zegt weinig. Want deze organisatie is een heel andere, veel lossere club dan de EU. De EU is een handelsblok, met één buitengrens en één interne markt. Of een doos mango’s nu de Unie binnenkomt in Rotterdam of in Lissabon, hetzelfde importtarief en dezelfde voedselveiligheidseisen gelden. Na controle bij binnenkomst kan de doos mango’s overal in de EU verkocht worden. Voor diensten geldt grofweg hetzelfde, al is de EU op dit vlak minder geïntegreerd.

Wirwar aan tarieven

En de WTO? Die kent een wirwar aan douanetarieven tussen de 164 leden en een lappendeken aan uiteenlopende productregels. Onderling hebben de WTO-landen standaard-importtarieven afgesproken. In elk land en per product zijn deze verschillend, maar het basisprincipe is dat een WTO-land niet mag discrimineren. Hef je 10 procent aan invoerrechten op mango’s uit Peru, dan moet je dat ook doen bij mango’s uit andere WTO-landen.

Lees ook dit achtergrondverhaal: Zo saboteert Trump de WTO, de scheidsrechter van de wereldhandel

Dat is de basis waarmee ‘Global Britain’ het zal moeten doen, en die veel WTO-landen zelf onvoldoende vinden. Als WTO-lid mag je ook aparte handelsakkoorden sluiten met een of meerdere WTO-landen met lagere of geen tarieven en minder technische barrières voor de handel, mits dit akkoord breed is en dus niet over één product gaat. De EU, die binnen de WTO opereert als één blok, heeft zulke akkoorden met zeventig landen. Recent sloot de EU handelsdeals met Canada, Mexico en Japan, alle WTO-leden. Die deals bieden betere voorwaarden dan de WTO-standaardregels. Een Japanse importheffing van 30 procent op kaas valt bijvoorbeeld weg voor EU-bedrijven.

Komt er geen Brexit-deal, dan vallen alle handelsakkoorden van de EU waar het VK nu nog van profiteert in één klap weg.

Betere handelsakkoorden sluiten

Gestaalde Brexiteers als het Conservatieve Lagerhuislid Jacob Rees-Mogg denken dat het VK na de Brexit zélf veel betere handelsakkoorden zal kunnen sluiten, met onder meer de VS en India. Maar hoe snel dit lukt, en hoe gunstig die akkoorden worden, is nog maar de vraag. Andere landen hebben ook zo hun verlanglijstjes. De Amerikanen willen bijvoorbeeld graag meer vlees exporteren naar de Britse markt.

De WTO-Brexit zal dicht bij huis het hardst gevoeld worden. Want No Deal, dat is géén vrijhandelsakkoord tussen VK en EU (de belangrijkste markt voor de Britten) en het terugvallen op de WTO-basisregels voor beide partijen. De Britten hebben in Genève gezegd dat ze de EU-standaardtarieven voorlopig kopiëren. Dat betekent voor Britse én voor EU-exporteurs dat er opeens betaald moet worden aan de grens. Het gewogen gemiddelde WTO-invoertarief van de EU is 3,2 procent. Niet erg veel, maar de verschillen per product zijn sterk. Nederlandse exporteurs naar het VK krijgen gemiddeld te maken met een invoertarief van 5,5 procent, zo berekende ING. Nederland exporteert veel groenten, fruit, vlees en bloemen naar het VK, met een basis-invoertarief van tussen de 10,5 en 17,7 procent.

Die extra kosten zullen gevoeld worden – door bedrijven, en uiteindelijk door consumenten – maar ze vallen waarschijnlijk in het niet bij de schade door de extra bureaucratie die een WTO-Brexit oplevert. Exporteren onder WTO- in plaats van EU-regels betekent niet alleen betalen, maar ook formulieren invullen en controles ondergaan. Want goederen moeten opeens worden aangegeven bij de douane en regels voor product- en voedselveiligheid zijn niet meer automatisch hetzelfde in het VK als in de EU.

Chaos vermijden

Rijen wachtende trucks in Dover en in Rotterdam – zo kan de WTO-Brexit eruit gaan zien. Maar hoe streng de douane aan beide kanten van de grens daadwerkelijk zal controleren na aan No Deal, is de grote vraag. De baas van de haven van Calais, Jean-Marc Puissesseau, baarde vorige week opzien met de uitspraak op de BBC-radio dat bij een No Deal „de trucks zullen blijven rijden zoals ze nu doen”. Mogelijk willen de autoriteiten aan beide kanten van het Kanaal alles doen om chaos te vermijden, waardoor de pijn van een WTO-Brexit althans in eerste instantie kan worden verzacht. Zoiets wordt al een ‘managed No Deal’ genoemd – politiek ligt dat gevoelig, want het maakt een No Deal opeens wat minder onaantrekkelijk.

De WTO zelf zal niets kunnen doen om grenscontroles tussen VK en EU te voorkomen. Elk WTO-lid heeft daartoe het recht. Mocht er een handelsconflict ontstaan, kan de WTO wel geschillen beslechten. Maar juist nu staat die geschillenbeslechting in Genève zwaar onder druk, omdat de Amerikaanse president Trump, die anders dan de Brexiteers weinig van de WTO moet hebben, benoemingen blokkeert. Trump steunt de Brexit, maar hij helpt de Brexiteers zo niet.

    • Mark Beunderman