Recensie

Recensie Muziek

Vitaal ritselende, piepende en brullende geluidssculptuur

Klassiek Orkest Les Siècles van François-Xavier Roth speelt muziek uit alle eeuwen. Mozart (1756-1791) en Lachenmann (1935) in één concert bijvoorbeeld. Vooral Lachenmanns geluidssculptuur zinderde.

Foto Orkest Les Siècles

Orkest Les Siècles speelde zaterdagavond stukken van zowel Mozart (1756-1791) als Helmut Lachenmann (1935) „zoals ze bij de première hebben geklonken”. De Fransen waren met twee bussen naar Amsterdam afgereisd, want de componisten vragen elk om een ander instrumentarium. Gedurfde combinatie. Werkte het ook?

Mozarts laatste drie symfonieën worden door sommigen (Nikolaus Harnoncourt bijvoorbeeld) als een samenhangend geheel beschouwd. Dirigent François-Xavier Roth verving de middelste, Nr. 40, door het meesterlijke Mouvement van Lachenmann. Zo ontstond een twee eeuwen omspannend drieluik dat op de beste momenten onvermoede vensters opende.

De wind waaide vooral richting Mozart. Les Siècles speelde weliswaar op oude instrumenten, maar de kans dat symfonieën Nrs. 39 en 41 (‘Jupiter’) bij hun premières rond 1790 zo geklonken hebben lijkt me klein. De klankvoorstelling en vooral het minutieuze dramaturgische profiel, met tot in detail geknede fraseringen en dynamische effecten, verried een moderne muzikale geest. Bij vlagen was het samenspel wat rommelig. Vaker paste het precies, zoals in de mooi ingebedde houtsoli en -ensembles in de finale van Nr. 39.

Echt ademloos luisteren was het bij Lachenmanns Mouvement. Deze ritselende, klokkende, piepende en brullende geluidssculptuur stamt uit de vroege jaren tachtig, maar klonk onverminderd spannend en vitaal. Toevallig voerde Asko|Schönberg het werk afgelopen mei ook uit in het Muziekgebouw – ‘spetterend’ volgens NRC –, want erg vaak staat het niet op de lessenaars.

Les Siècles werkte nauw samen met de componist, aanwezig bij de uitvoering, en excelleerde in alle geledingen. Lachenmanns palet is eindeloos gedifferentieerd en de hypergeconcentreerde musici bewezen hem eer. Verbluffende boventooneffecten wervelden als akoestische regenbogen door de ruimte. Op het hoogtepunt gingen de slagwerkers collectief tekeer tegen een tetterende fanfare – alsof Lachenmann een droom had waarin Stravinsky en Varèse de liefde bedreven. Nog mooier: de zinderende bijna-stilte daarna.