Sinan Can dubbelt in Wie Is De Mol en in Saoedi-Arabië

Zap Een vreemde combinatie: kandidaat in Wie Is De Mol en journalist in Saoedi Arabië. Toch is het dezelfde Sinan Can.

Sinan Can in 'Voorbij de grenzen van Saoedi Arabië'
Sinan Can in 'Voorbij de grenzen van Saoedi Arabië' BNNVARA

Het is een merkwaardige overlap: documentairemaker Sinan Can die op zaterdagavond ergens in Colombia door een laserdoolhof wankelt in Wie is de Mol?, terwijl hij 24 uur later onderzoekt wat er schuilgaat achter de façade van de hervormende Saoedische kroonprins Mohammed Bin Salman.

Het blijkt wel dezelfde Sinan Can. In het spelprogramma zagen we hem zich eerst op de achtergrond houden, maar na een mislukte opdracht analyseerde hij scherp wat er mis was gegaan. Een beetje kijken, uitleggen wat je weet en voelt – zo heeft hij al veel moois gemaakt. De andere deelnemers vonden het minder prettig: voor straf maakten ze hem de baas bij de volgende opdracht. Can vond het best.

Het echte werk is natuurlijk de vierdelige reeks Voorbij de grenzen van Saoedi-Arabië (BNNVARA). Vorige week lieten Can en regisseur Thomas Blom intrigerende beelden zien van hoe flirtende jongeren de politie proberen te ontlopen op een plein in Riyad – een bizarre choreografie die ondanks alles een zekere schoonheid bezat. De verhalen van Saoedische burgers die Can in de beginaflevering vertelde, zijn verwant aan wat te zien is in Danny in Arabistan, ook een sterke docuserie, gemaakt door Danny Ghosen en op donderdagen uitgezonden.

Zondag groef Can een laag dieper: in deel twee nam hij de geschiedenis en de elite onder de loep. We zagen een festival met schitterende Arabische paarden, waar een prins (tevens lokaal bestuurder) aan deelnam. Hij was de favoriet voor de eindzege, maar heel veel maakte dat ook weer niet uit. „Als de prins niet wint, koopt hij het winnende paard.”

Elders werden blinkende auto’s tentoongesteld. Daar hoorden we een man vrolijk vertellen dat je voor hem pas rijk was als je honderd miljoen bezat. Het was een van de vele plaatsen waar Can stuitte op de grens tussen folklore en grimmige dictatuur. Want één kritische vraag over de kroonprins was genoeg om een gesprekspartner zich plots een zeer dringende afspraak te laten herinneren. Can werd (net als Ghosen) onophoudelijk begeleid door een overheidsfunctionaris.

Een vrouw vertelde aanstekelijk over het liberale leven op de campus van Aramco, het staatsoliebedrijf dat aan de basis staat van het bondgenootschap tussen de VS en de Saoedi’s. De volgende dag was ze niet meer als woordvoerder beschikbaar.

En toen was Jamal Khashoggi nog niet eens vermoord. Can was in het land toen de journalist in het Saoedische consulaat in Istanbul werd omgebracht. Hij ging op zoek naar een krant, wat een lange, moeizame tocht bleek. Uiteindelijk vond hij een boekhandel. Daar pakte hij een paar kranten, waarna hij aan de eigenaar vroeg wat erin stond. „Dat weet ik niet”, zei de man voorzichtig. „Ik kan niet lezen.”

Een analfabete boekhandelaar – als het niet zo treurig was zou je er een gemeen opzetje van de redactie van Wie is de Mol? in zien. Can geloofde er in elk geval geen bliksem van.

‘Je kunt kritiek leveren, maar je moet weten hoe het aan te pakken”, zei een journalist die twaalf jaar de hoofdredacteur van Khashoggi was. Diens aanpak bleek simpel: kritiek kan betrekking hebben op van alles, maar nooit op de prins en zijn regering.

Intussen zag je jongeren oprecht geloven in de hervormingen van de kroonprins, ondanks de onderdrukking die een onlosmakelijk onderdeel van zijn beleid is. Die wrange paradox wordt in Voorbij de grenzen van Saoedi-Arabië pijnlijk scherp in beeld gebracht.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.