Met de hartslag van de sterspeler voor de tv

Sportdata Topsporters gebruiken al geavanceerde technologie om hun prestaties te optimaliseren. Met diezelfde data verbeteren amateurs en toeschouwers nu ook hun sportervaring.

In de Amerikaanse basketbalcompetitie NBA wordt veel gebruikgemaakt van 'big data'.
In de Amerikaanse basketbalcompetitie NBA wordt veel gebruikgemaakt van 'big data'.

Veel topsporters en coaches gebruiken informatietechnologie om hun prestaties te verbeteren. Met sensoren, camera’s en slimme software beantwoorden ze vragen als: wanneer loop ik een grotere kans op blessures? Wat is de beste lichaamshouding om een bal zo hard mogelijk te raken? Of: welke speler scoort het meest tegen sterk verdedigende teams?

Dezelfde technologie dringt nu door tot de consument. In elk geval op drie manieren: ook amateursporters laten zich tegenwoordig bijstaan door kunstmatig intelligente ‘coaches’. Sportverslagen op tv en sociale media krijgen een extra, digitale dimensie. En door sportdata te visualiseren in virtual reality kun je straks elke wedstrijd beleven vanuit het perspectief van je favoriete topsporter.

I. Elke amateur krijgt een eigen (kunstmatig intelligente) topcoach

Altijd al willen tennissen als Rafael Nadal? Het Play Pure Drive-racket van Babolat zou je daarbij kunnen helpen. Via sensoren in het racket houdt de bijgeleverde app nauwkeurig bij hoe hard je slaat, waar je de bal raakt en wat je ‘sweet spot’ is. Dat is de plek op het racket waar je de bal moet raken om hem zo hard mogelijk te kunnen slaan. Bij de ontwikkeling van de benodigde software gebruikte het bedrijf Nadals persoonlijke database, waarin de Spaanse toptennisser al sinds 2004 veel persoonlijke data uit wedstrijden en trainingen opslaat.

„Consumenten zoeken inzichten om direct hun sportieve prestaties te verbeteren”, zegt James Moar van de Britse marktonderzoeker Juniper. „De nieuwe draagbare sportapparaten tonen nog steeds je hartslag en bloeddruk, maar geven je ook aanwijzingen waarmee je beter gaat voetballen, tennissen of wielrennen.” In een recent onderzoek voorspelt Juniper dat de verkoop van dit soort gespecialiseerde ‘wearables’ groeit tot 25 procent van de totale wearable-markt. Dat zou betekenen dat er in 2020 wereldwijd rond de 90 miljoen van worden verkocht.

Bijvoorbeeld de nieuwe gympen van Under Armour. Die meten onder meer pasfrequentie en cadans van de hardloper, zodat je op honderdsten van seconden weet hoe lang je voeten bij elke stap de grond raken.

De drie sensoren van de GameGolf, die de gebruiker op zijn club bevestigt, delen relevante informatie over slagkracht, reikwijdte en aantal putts per hole via de app.

De Garmin Vector-pedalen vertellen wielrenners onder meer hoeveel druk zij uitoefenen op het linker- en rechter pedaal. Garmin koppelt de pedalen aan de eigen Connect-database. „Op dat platform komt data van miljoenen sporters binnen”, zegt Arno Hermans van Sport eXperience, een bedrijf in Eindhoven en Kopenhagen dat sport-startups begeleidt. „Door jouw inspanningen te vergelijken met duizenden sporters met soortgelijke prestaties, kan zo’n platform adviezen geven die je normaal gesproken alleen van een professionele coach zou kunnen krijgen.”

Het voorkomen van sportblessures krijgt de laatste tijd meer aandacht. Met name onder beginnende lopers komen veel kwetsuren voor. „Onder meer het Amerikaanse Stridalyzer en de Nederlandse startups ATO-GEAR en Kinetic Analysis werken met sensoren in schoenen, sokken of ‘slimme zooltjes’. Zo kunnen ze de belasting van knieën, enkels en voeten meten, en blessures door overbelasting en foute looptechniek proberen te voorkomen.”

De privacy van sporters is daarbij vaak slecht beschermd. Denk aan het datalek bij Strava: via de sport-app bleken begin vorig jaar de namen van Nederlandse militairen op missies te achterhalen. Voor consumenten een sportwearable gebruiken, moeten ze eerst een privacyverklaring accorderen. Helaas is die tekst vaak veel te lang en ondoorzichtig, blijkt uit onderzoek van de Consumentenbond. Het gevolg: fabrikanten delen gegevens ongehinderd met talrijke ‘gelieerde ondernemingen’, ‘zakenpartners’, ‘serviceproviders’ en ‘strategische partners’. Vier grote Amerikaanse sportbonden (basketbal, ijshockey, honkbal en American football) azen op het eigendom en zeggenschap van deze data.

II. Sporttech houdt de wedstrijd interessant voor de jonge tv-kijker

Met nog één seconde op de klok scoort basketballer Shai Alexander vanaf de middellijn een majestueuze driepunter. Ruim 19.000 fans van de Los Angeles Clippers barsten uit in oorverdovend gejuich. Voor deze momenten kom je naar het stadion. Toch hebben tv-kijkers straks mogelijk een ‘completere’ wedstrijdervaring, stelt Steve Ballmer. De voormalige topman van Microsoft is eigenaar van de Clippers, en grootaandeelhouder van Second Spectrum.

Dit vijf jaar oude techbedrijf maakte software die camerabeelden van wedstrijden kan analyseren. Algoritmes geven met deze informatie antwoord op vragen als: welke speler wordt moe, en wie scoort de meeste afstandsschoten? Geen topcoach in de VS wisselt nog van speler of strategie zonder op zijn laptop te kijken.

De Amerikaanse sportzender CourtVision gebruikt deze data nu ook om tv-reportages van basketbalwedstrijden aantrekkelijker te maken. De betaalzender projecteert de informatie met animaties als een extra laag over het tv-beeld. Dankzij deze vorm van ‘augmented reality’ lijkt het alsof de basketballers een computergame zijn binnengerend. Zo zien CourtVision-kijkers de ‘schotzekerheid’ van spelers als een gekleurd balkje boven hun hoofden. Des te meer rake schoten, des te groener het balkje. Een app biedt nog meer informatie.

Volgens Ballmer is de ‘digitale verrijking’ van sport-tv een goede manier om fans nauwer bij de sport te betrekken. „Wij kunnen een nieuwe, vooral jonge doelgroep aanspreken van mensen die nu nog niet zo veel van het spel, de regels en de strategie begrijpen”, zei hij tegen persbureau Bloomberg.

Onderzoeken van kijkcijferspecialisten van Nielsen en media-adviseurs van McKinsey tonen dat steeds minder jongeren het geduld hebben om een gehele sportwedstrijd te kijken. Het aantal kijkminuten onder Amerikaanse jongeren (geboren tussen 1980 en 2000) daalde volgens Nielsen vorig jaar 9 procent. Jongeren kijken vooral hoogtepunten via sociale media.

Hoe moeten sportzenders het vertrek van jonge kijkers voorkomen? McKinsey adviseert de formats van sport-tv aan te passen aan deze nieuwe wijze van mediaconsumptie. Digitaal sportexpert Mounir Zok gaat nog een stap verder. De oud-directeur technologie en innovatie van het Amerikaans Olympisch Comité verwacht dat grote sportbonden de opzet van wedstrijden gaan aanpassen aan de nieuwe manier van tv-kijken. „Netflix produceert al nieuwe series op basis van door algoritmes gegenereerde inzichten over de voorkeuren van kijkers. In het verlengde is het heel logisch om ook spelregels en wedstrijdformats zo aan te passen. Dat zou bijvoorbeeld kunnen betekenen dat buitenspel bij voetbal vervalt, en inworpen ook ingeschoten mogen worden.”

III. Virtual reality toont de wedstrijd door de ogen van de topsporter

Hoe vaak verovert een voetballer de bal, en hoe vaak geeft hij een beslissende voorzet? Sinds 2012 verzamelt het Amersfoortse bedrijf SciSports dit soort gegevens. Oprichter Giels Brouwer wilde clubs assisteren bij de aankoop van nieuwe spelers. „Vaak kopen clubs spelers op basis van subjectieve inschattingen van scouts en andere deskundigen”, zegt Brouwer. „Als je alles wat een speler doet in cijfers kunt uitdrukken, kun je miljoenen kostende aankopen veel objectiever motiveren.”

Het is alleen erg bewerkelijk om al die data met de hand te verzamelen. Daarom ontwikkelde SciSports het BallJames-systeem. Met veertien camera’s rond het veld ‘meet’ dit systeem 25 keer per seconde de exacte positie van de voeten, knieën, handen, ellebogen en het hoofd van een speler.

Zo genereren 22 spelers, de scheidsrechter en de bal ruim 11.000 ‘datapunten’ per seconde. Die informatie wordt omgezet in profielen van de spelers. De Franse topclub Olympique Lyon raadpleegde de database van SciSports voordat de club de Nederlandse voetballer Memphis Depay kocht van Manchester United. Het Belgisch nationale elftal analyseerde er elke tegenstander mee op het laatste WK.

Brouwer: „Met onze data kun je binnen enkele jaren hele voetbalwedstrijden in 3D reproduceren. Bijvoorbeeld op je virtual reality-bril, of als hologram op je eigen keukentafel. Of, veel groter, in een ander voetbalstadion.”

Fans die extra willen betalen voor deze nieuwe vorm van betaal-tv kunnen dan thuis wedstrijden kijken alsof ze op de eerste rang in het stadion zitten. En dat is nog maar het begin, zegt Brouwer. „Zo kun je met één klik in de app je gezichtspunt aanpassen. Bijvoorbeeld van achter het doel bij een penalty. Of je kunt die penalty bekijken vanuit het gezichtspunt van de keeper, of de speler die de penalty neemt.” En natuurlijk, zegt Brouwer, krijg je meteen de gegevens over eerder genomen – én gestopte – penalty’s van de betrokken spelers uit de database. „Je kunt straks waarschijnlijk zelfs zien hoe hun hartslag stijgt voordat de penalty genomen wordt. ”

SciSports is niet het enige bedrijf dat werkt aan deze technologie. Het interactieve platform HEED in New York ontving in oktober 35 miljoen dollar (ruim 30 miljoen euro) van een grote Japanse tech-investeerder. HEED belooft dat het platform „statistieken in verhalen veranderen en toeschouwers in deelnemers”.

Volgens Brouwer (SciSports) beleven toeschouwers een wedstrijd veel intensiever in combinatie met relevante digitale informatie. „Jongeren zijn deze manier van kijken al gewend van de steeds realistischer wordende games.”

Op minstens drie manieren verdienen tv-zenders en digitale aanbieders hier geld mee: dankzij sponsors, via abonnementen en met gokken.

Op een bijbehorend platform kunnen kijkers onderling weddenschappen gaan afsluiten, bijvoorbeeld over het aantal goals dat hun favoriete speler gaat scoren. Kijkers met de beste inschattingen verschijnen na de wedstrijd in de digitale eregalerij, die voor elke afzonderlijke kijker een andere sponsor kan hebben. Brouwer: „Iedere fan krijgt zijn eigen, gepersonaliseerde wedstrijd voorgeschoteld.” Daarvoor moeten die fans dus wel extra betalen.

Brouwer ziet ook nieuwe verdienmodellen in een andere aan topsport gerelateerde sector waarin momenteel miljarden euro’s omgaan: computerspelen. Met behulp van de spelersinformatie ontwikkelde SciSports software die de acties van spelers voorspelt op basis van hun ‘dataprofiel’. Om deze technologie te testen liet SciSports een aantal nog te spelen wedstrijden van verschillende voetbalclubs 50.000 keer simuleren door deze software. Brouwer: „Daarmee voorspelden we de uitkomst van de echte wedstrijden nauwkeuriger dan de doorgaans zeer accurate inschatting van de grote bookmakers. De vraag naar zéér levensechte games groeit razendsnel. Dankzij deze technologie kunnen wij daar op inhaken.”