Recensie

Recensie

Vergane glorie aan het Leidseplein

Boekrecensie Een iconisch modehuis van een kleurrijke familie in een bewogen eeuw. Dat zou toch genoeg verhaalstof moeten opleveren.

Het Hirschgebouw, Leidesplein, 1913. Het gebouw had moeten doorlopen tot aan de Leidsekade. Maar vrouwenvereniging Arbeid Adelt wilde niet wijken.
Het Hirschgebouw, Leidesplein, 1913. Het gebouw had moeten doorlopen tot aan de Leidsekade. Maar vrouwenvereniging Arbeid Adelt wilde niet wijken. Foto Stadsarchief Amsterdam
    • Laura Klompenhouwer

Tegenwoordig zit er een felverlichte, drukbezochte Apple Store, maar in den beginne was het Hirschgebouw aan het Leidseplein het thuis van een statig modehuis. In de etalage van Hirsch & Cie hingen ‘trossen kristal’ en dure japonnen van zijde en fluweel van het soort waar ook de koninginnen van Nederland in gehuld gingen.

Oprichters Sylvain Kahn en Sally Berg leefden vanaf eind 19de eeuw zelf ook in toenemende weelde. Met vakanties in Zwitserland, aanpalende woningen aan de P.C. Hooftstraat en later zelfs aaneengesloten landgoederen in Heemstede. Kahn en Berg hadden een achtergrond die nogal van belang zou blijken in de eeuw die komen zou: de Franstalige Kahn kwam uit de Elzas, Berg uit Duitsland en beide heren waren joods. Via Kahns huwelijk met Bergs zus, waren ze ook nog eens familie.

Al met al lijkt de geschiedenis van het modehuis een vruchtbare bron voor boeiende verhalen over de 20ste eeuw. En over de opkomst en teloorgang van een mode-instituut. In de gebundelde kronieken Het verleden ruist voorbij van Ivo Weyel, de achterkleinzoon van Sylvain Kahn, zijn zeker wat van zulke verhalen te vinden. Over de destijds omstreden eerste modeshow van Nederland bijvoorbeeld, ter gelegenheid van de opening van het Hirschgebouw in 1912. Met mannequins uit Parijs die werden omschreven als „elegante wezentjes van zuiver Parijschen import”. Begeerlijke „deerntjes” die na de show natuurlijk niet zomaar hun gang mochten gaan in Amsterdam. Weyels overgrootmoeder Julie, Sylvain Kahns vrouw, zorgde ervoor dat ze nergens heen konden zonder begeleiding.

Inhuldiging van koningin Juliana, 1948, gezien vanuit het Hirschgebouw. Foto Privéarchief

Het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog moet een ander interessant moment zijn geweest voor het modehuis. Nederland mocht dan neutraal zijn, de Franse Sylvain Kahn en de Duitse Sally Berg waren dat niet. Volgens Weyel ging de deur tussen de huizen op de P.C. Hooftstraat, die tot dan toe had opengestaan en de twee huishoudens had verbonden, op slot. Julie Kahn mocht geen contact meer hebben met haar broer. De onenigheid zou ook te zien zijn geweest in de vlaggenstrijd op het Hirschgebouw. Op Franse dan wel Duitse feestdagen werden de nationale vlaggen door de een gehesen, om door de ander weer naar beneden te worden gehaald. De vrede keerde na de oorlog mede na onderhandelen van Julie terug. Maar had de strijd ook gevolgen voor, om maar wat te noemen, de koers van het bedrijf in die tijd? En waar bestond het meningsverschil nou precies uit? Hoe ging dat eraan toe? Dat blijft onbekend.

Een andere anekdote die raakt aan de tijdgeest van toen, gaat over de strijd die voorafging aan de bouw van het Hirschpand. Aan de achterkant houdt het gebouw opeens op, terwijl het eigenlijk had moeten doorlopen tot aan de Leidsekade. Maar de aldaar gevestigde vrouwenvereniging Arbeid Adelt wilde in 1911 niet wijken. Jammer dat ook hier niet duidelijk wordt wat er precies speelde en hoe die strijd tussen de vrouwenvereniging en de mode-ondernemers verliep.

Wel meer verhalen blijven zo net aan de oppervlakte. Hier en daar wordt een inkijkje gegeven in het leven van de familie(s) achter Hirsch & Cie. Maar van grote ontwikkelingen en de gevolgen van bijvoorbeeld de Tweede Wereldoorlog op het bedrijf en de nakomelingen van de in 1929 overleden Sylvain Kahn, vangen we slechts een glimp op. Weyel verkiest persoonlijke herinneringen en mijmeringen boven historische details. Dat ziet hij zelf ook. Maar daardoor blijf je wel met de indruk achter, dat er veel meer in deze bundel had kunnen zitten.

Het verleden ruist voorbij Ivo Weyel, uitg. Atlas Contact, 192 p, € 22,99

●●●●●