De raadsels van de kalme palletbrand in Duindorp

Alledaagse Wetenschap Wekelijks stuit Karel Knip in de alledaagse werkelijkheid op raadsels en onbegrijpelijke verschijnselen. Deze week: wat was er mis met de Scheveningse vuurstapelpallets?

De opbouw van de palletstapel op het Zuiderstrand bij Duindorp op 30 december 2018.
De opbouw van de palletstapel op het Zuiderstrand bij Duindorp op 30 december 2018. Foto Remco Koers

De vreugdevuren van Duindorp en Scheveningen zijn minder belastend voor natuur en milieu dan Formule 1 races bij Zandvoort en ze zijn zeker aardiger om te zien. Wie de vuren wil behouden zal dus moeten nagaan waarom het tijdens de jaarwisseling fout ging toen het fout ging. Dat is: in Scheveningen, want in Duindorp was zo te zien niet veel loos.

Zoals bekend braakte het vuur van Scheveningen rond middernacht vliegvuur uit alsof er een naaldwoud in vlammen opging. Ook ontstonden er ‘vuurkolken’ van bijbelse allure. Fietsen, auto’s en zelfs huizen werden de dupe. Het is geweten aan de felle wind en aan de formidabele hoogte van de brandende palletstapels. Ze hadden maximaal 35 meter mogen zijn maar de enthousiaste bouwers waren, zeiden ze, pas gestopt met pallets bijleggen toen ze op 48 meter stonden. Later is beweerd dat dit maar bluf was, dat het in ’t echt helemaal niet zo hoog was geweest, een landmeter uit Almere zou dat kunnen bevestigen.

Lees ook: ‘Was de gemeente wel de baas in Scheveningen?’

Van die landmeter is niet veel meer vernomen, er zijn dit jaar überhaupt geen officiële hoogtemetingen verricht. Eind 2016 en 2017 zag je nog een man met een Leica-tachymeter in de weer, dit jaar is hij op het moment suprême niet gesignaleerd.

Foto’s en films

Omdat de palletstapels inmiddels in rook zijn opgegaan rest de amateuronderzoeker niets anders dan hun hoogte af te leiden uit foto’s en films.

Daaraan is geen gebrek, vooral de opnames van drones die de palletstapels vanuit een verre hoek komen aanvliegen spreken tot de verbeelding. In principe kan de torenhoogte rechtstreeks uit deze opnames worden afgeleid maar daarvoor moet ook de hoogte van de drone en bovendien de brandpuntsafstand én de oriëntatie van diens camera bekend zijn. De methode is in 1957 beschreven in Photogrammetric Engineering . De praktische bruikbaarheid is nul.


Een dronefilmpje van de opbouw op het Zuiderstrand bij Duindorp, 31 december 2015.

De hoogte van een pallettoren kan ook worden berekend uit de lengte van diens schaduw. Eind 2015 filmde een drone een stapel-in-aanbouw bij Duindorp die op dat moment in de volle zon stond. Het is al 31 december, de toren is bijna klaar (er wordt altijd pas aan het eind van Tweede Kerstdag met bouwen begonnen). Met behulp van de site suncalc.org valt uit de schaduwrichting af te leiden dat het ongeveer 13.15 uur was. De zon stond 14,5 graden boven de horizon. Google Earth toont aan dat de torenschaduw, die tot in de haven viel, ongeveer 160 meter lang was. De tangens van 14,5 graden is 0,26, hieruit volgt een stapelhoogte van 42 meter. Dat is, voor die stapel, te veel. Het probleem is dat de exacte positie van de stapel niet goed is aan te geven en dat de schaduw niet op een horizontaal vlak valt.

Heel simpel

Gelukkig is er een heel simpele methode voor het schatten van de hoogte van pallettorens. Hoewel de stapels worden opgetrokken uit pallets van verschillend formaat zal de Europallet domineren. De EUR-pallet meet 0,8 bij 1,2 meter. Omdat de pallets afwisselend in de lengte en in de breedte worden neergelegd is het redelijk er vanuit te gaan dat de pallets gemiddeld 1 meter breed en lang zijn. Er zijn foto’s waarop te zien is dat de Duindorpse stapel van 2018 op halve hoogte 20 of 21 pallets breed was. Zeg: 20,5 meter. Met deze nieuwe maat kan nu in een dronefilmpje de hoogte redelijk worden opgemeten. Die blijkt 41 meter. Toen wèrd er nog gebouwd. (Op de valreep maakte de gemeente bekend dat de torens aan de basis 22 meter breed zijn. Dat brengt de hoogte op minstens 43 meter.)

Los rekenwerk maakt aannemelijk dat er minstens 75.000 pallets in de stapels werden verwerkt. Omdat een EUR-pallet 20 à 25 kg weegt (Wikipedia) en er 22 x 22 pallets in de onderste laag zaten, kregen die gemiddeld elk 3.500 kg te dragen. Hier zit wel een probleem want de pallets zijn ontworpen voor een maximale last van 1.500 kg. Maar onbeschadigde pallets zouden wel 6.000 kilo kunnen dragen.

1.688 ton op zand

Hoe makkelijk strandzand het gewicht van een toren van 1.688 ton draagt staat ook niet vast. De pallets rustten op betonplaten die misschien een totaal-oppervlak van 25 bij 25 meter hadden. Het beton niet meegeteld levert dit een bodemdruk op van 26,5 kN/m2. Bureau WAD43 in IJsselstein heeft becijferd dat het Scheveningse strand stapels van wel 50 meter verdraagt, maar de analyse is niet openbaar. Natuurlijk ziet de liefhebber niet graag een toren omvallen.

Het is een kleine moeite om vast te stellen dat het bij de laatste jaarwisseling niet uitzonderlijke hard woei, al is dat wel beweerd. (De waarnemingen van station Hoek van Holland staan bij weerstatistieken.nl.) Er zijn jaarwisselingen geweest met meer wind dan de 7 à 8 m/s die voor de laatste is geregistreerd. Wel was het tussen 28 en 31 december droger dan gewoonlijk. Dat zal de brandbaarheid van de pallets hebben bevorderd.

Het heeft bij Scheveningen niet harder gewaaid en niet minder geregend dan bij Duindorp. De twee palletstapels waren even groot. Toch lijkt de stapel van Scheveningen in de films een enorme vonkenregen te produceren en die van Duindorp nauwelijks. Pallets bestaan meestal uit naaldhout (grenen en in mindere mate vuren) dat berucht is om zijn vonkvorming. Bevatte de stapel van Scheveningen dan hout dat extra sterk vonken vormde? Dat is de kernvraag.

    • Karel Knip