Lapis lazuli verraadt vergeten middeleeuwse tekenares

Boekilluminatie In tandsteen van een middeleeuwse non zijn resten blauwe kleurstof gevonden. Waarschijnlijk illustreerde zij manuscripten.

Lapis lazuli in het tandsteen in de onderkaak van een middeleeuwse non.
Lapis lazuli in het tandsteen in de onderkaak van een middeleeuwse non.

Op de tanden van een elfde- of twaalfde-eeuwse vrouw, begraven bij een klein middeleeuws vrouwenklooster in Dalheim, Midden-Duitsland, zijn resten van het mineraal lapis lazuli gevonden. Dat betekent dat deze op 45 à 60-jarige leeftijd gestorven vrouw hoogstwaarschijnlijk boekilluminaties heeft gemaakt met de toen zeer kostbare kleurstof ultramarijn, in essentie gemalen lapis lazuli.

Lapis lazuli, het mineraal, de kleurstof en de korreltjes die in het tandsteen van een middeleeuwse non zijn gevonden. Foto Christina Warinner

De vondst past in het recent inzicht dat in de middeleeuwen ook veel vrouwen actief waren in het schrijven en illustreren van boeken. De onderzoekers van deze vrouw, alleen bekend als skelet B78, merken op dat dus zelfs in een klein en „historisch gezien vrijwel onzichtbaar” nonnenklooster als Dalheim, dat bestond tussen de tiende en de veertiende eeuw, vrouwen actief waren als illustrator. En B78 beschikte dus ook over lapis lazuli dat toen slechts in één mijn in Sar-e Sang, Afghanistan, gewonnen werd en slechts in de meest bijzondere boeken werd toegepast. Het onderzoek, onder leiding van de Amerikaanse archeoloog Christina Warinner is woensdag verschenen in Science Advances.

‘De mens’. Boekillustratie (ca. 1220) bij visioen van abdis Hildegard van Bingen (1098-1179) die mogelijk teruggaat op tekeningen uit haar klooster. Illustratie Biblioteca Statale di Lucca

Vrouwen konden in de middeleeuwen als non of abdis machtige posities bekleden, maar pas de laatste jaren is duidelijk geworden dat vrouwen ook actief waren als boekenverluchtiger en -kopieerder. In een recente inventarisatie werden in Duitsland tussen 1200 en 1500 416 vrouwelijke kopieerders teruggevonden, en ook uit eerder tijd zijn incidentele gevallen bekend. Uit dezelfde tijd dat B78 waarschijnlijk in Dalheim werkte, ca. 1150, is een brief van een monnik bekend waarin hij bij een non uit Lippoldsberg (70 km van Dalheim) een geïllustreerd boek bestelde.

Alternatieve maar minder waarschijnlijke verklaringen voor het pigment op de tanden zijn dat de vrouw het ultramarijn slechts bereidde, dat lapis lazuli als medicijn slikte of dat ze toen al de gewoonte had om heilige boeken te kussen, iets dat pas uit de late middeleeuwen bekend is.