Recensie

Recensie Muziek

Dirigent Blomstedt gunt een blik op het eeuwige in de muziek

Klassiek In de handen van Herbert Blomstedt (91) groeien symfonieën van Mendelssohn en Brahms bij het Concertgebouworkest uit tot mythische vertellingen.

Dirigent Herbert Blomstedt tijdens een eerdere uitvoering.
Dirigent Herbert Blomstedt tijdens een eerdere uitvoering. Foto Renske Vrolijk
    • Joost Galema

Wanneer een nobel leven in ouderdom verglijdt, onthult het geen verval, maar openbaart het de eerste dagen van onsterfelijkheid. Die woorden van romancier Madame de Staël zweven als een aureool rond het tanige lichaam van Herbert Blomstedt (91). De Zweedse dirigent gidst het Koninklijk Concertgebouworkest en publiek door de werelden van Mendelssohn, Stenhammar en Brahms.

Wat maakt dit tot zo’n magische ervaring? Is het zijn dirigeren of het luisteren? Heeft de bewondering het bed al gespreid voordat er een noot geklonken heeft? En zo ja, wat dan nog. Muziek draait immers om ontvankelijkheid. Blomstedt hoeft het publiek niet te veroveren, want het heeft hem al in het hart gesloten. Maar ook met die gedachte in het achterhoofd, doet hij waar je heimelijk op hoopt bij een negentiger: hij gunt ons een blik op het eeuwige in de muziek.

Het orkest lijkt een boek waaruit zijn verhaal opstijgt. Blomstedt vertelt over een tocht van de jongeling Mendelssohn naar Schotland. In de beginmaten schetsen de strijkers hoe zonnestralen door een ruïne sluipen en onderweg hun grillige schaduwen tekenen. Dat samenspel van licht en donker kleurt Blomstedts vertolking. In de houtblazers lijkt zich Mendelssohn zelf te verschuilen: de verwondering van een twintigjarige reiziger. Hoewel de componist zijn Schotse Symfonie pas dertien jaar daarna voltooit, drijft zij op de kracht van de jeugd. En de oude Blomstedt weet die moeiteloos te vinden.

Het ‘Intermezzo’ uit de cantate Sången van de Zweed Stenhammar vormt een mooie mystieke brug van de onbekommerde Mendelssohn naar de worstelende Brahms, die zo’n vijftien jaar over zijn Eerste Symfonie doet – een werk waarin vertwijfeling en wilskracht samengaan. Hij wordt gekweld door de vraag wat een componist na Beethoven nog te zoeken heeft in een symfonie. Onder de handen van Blomstedt groeit Brahms Eerste uit tot de mythe van een man die zijn angsten overwint.

Hopelijk blijft de dirigent nog vele jaren verhalen vertellen.