‘Je kunt niet zomaar teksten uit de Bijbel plukken’

Stefan Paas Theoloog Theoloog des Vaderlands Stefan Paas vindt de Nashville-verklaring ongevoelig en „bijna niet theologisch te noemen”.

"In de oorspronkelijke tekst wordt niet naar de Bijbel verwezen."
"In de oorspronkelijke tekst wordt niet naar de Bijbel verwezen." Foto Annabel Oosteweeghel

Stefan Paas, hoogleraar theologie aan de VU en sinds oktober Theoloog des Vaderlands, zou zelf nooit een manifest ondertekenen. En zeker niet zo een als de Nashville-verklaring, een ongevoelig en onnodig stoer stukje tekst in zijn ogen. „Je mag best stevig met elkaar van mening verschillen en binnen het christendom is er ook ruimte voor een conservatief geluid. Maar dit document zegt dat christenen geen andere opvatting mogen hebben. Daarmee gooit het de deur dicht naar andersdenkende christenen, in plaats van te zeggen dat we elkaar moeten vasthouden.”

Tegelijkertijd neemt Paas het op voor de ondertekenaars, van wie hij sommigen persoonlijk kent. „Er zitten veel warme mensen tussen”, zegt hij. De afgelopen dagen heeft hij verschillende van hen gesproken. „Ze zijn geschrokken van de maatschappelijke discussie, ik denk dat ze die niet zagen aankomen. Sommige ondertekenaars trekken zich alweer terug, daarom is de lijst met namen ook van internet afgehaald.”

Betekent dit dat niet alle ondertekenaars achter het hele document staan?

„Ik denk dat ze niet allemaal achter elk onderdeel staan. Een groot deel steunt vooral de opening van de verklaring, waarin zorgen worden geuit over de westerse cultuur die zich op een hellend vlak bevindt en over de zogeheten ‘genderideologie’ die volgens hen Gods natuurlijke ontwerp ondergraaft.”

Waar komen die zorgen over het hellende vlak vandaan?

„Aan de conservatieve flank van de orthodoxie ziet men dat de eigen posities over thema’s als seksualiteit steeds minder gedeeld worden, ook onder christenen, en dat geeft een gevoel van bedreigd zijn.”

Arjan Baan, een van de Nederlandse initiatiefnemers van de verklaring, is directeur van de ‘revivalistische’ jongerenbeweging Heart Cry, opgericht in 2006. Die jonge club heeft juist behoorlijk veel zelfvertrouwen.

„Het is inderdaad vreemd dat het initiatief bij Heart Cry vandaan komt, want die club ligt eigenlijk helemaal niet zo goed in de kerkgenootschappen waar de meeste ondertekenaars vandaan komen. Conservatieve predikanten waarschuwen jongeren zelfs voor Heart Cry, omdat die club aanmoedigt vrolijk in het leven te staan en zeker te zijn van hun geloof. Dus het is bijzonder dat juist Heart Cry die predikanten zover heeft gekregen te ondertekenen.”

Is het nieuw dat orthodoxe christenen een tekst uit de VS importeren?

„Ja, dat is nieuw. Zo’n organisatie als Heart Cry, niet voor niets een Engelse naam, heeft internationale contacten. Dat komt ook doordat de oprichters jong zijn, die kijken op bijvoorbeeld YouTube over de grenzen heen. In Amerika heb je veel meer van dit soort organisaties, conservatieve protestanten die dat combineren met mystieke kanten, vaak in een hip jasje. Tegelijk zit die Nashville-verklaring aan de extreem conservatieve kant, zelfs voor de orthodoxie. De jonge Nederlandse initiatiefnemers hebben dus, een beetje naïef, een document geïmporteerd vanuit de Amerikaanse culture wars.”

Hoe kijkt u als theoloog naar de tekst van de verklaring?

„De verklaring is bijna niet theologisch te noemen: in de oorspronkelijke tekst wordt niet naar de Bijbel verwezen, waardoor het vaak onduidelijk is waarop de auteurs zich beroepen. De Bijbel is niet eenduidig over seksualiteit, je kunt voor verschillende standpunten goede theologische argumenten geven. In Leviticus staat bijvoorbeeld: ‘Een man die met een man in bed ligt, moet gestenigd worden.’ Maar apostel Paulus schrijft in zijn brief aan de Galaten: ‘In Christus is noch man noch vrouw.’ Je kunt dus niet zomaar teksten plukken; daar is theologie bij nodig.

„De basale vraag bij die theologie is of je als christen de nadruk legt op het bestaande of op verandering. De conservatieve stroming gaat uit van dat wat gegeven is: die legt de nadruk op het biologisch bepaalde, op mannelijkheid en vrouwelijkheid. Een van de theologische vragen die deze verklaring oproept, is hoe de auteurs kijken naar homoseksualiteit. Is dat niet ook, net als mannelijkheid en vrouwelijkheid, een biologisch gegeven? Wat dat betreft zit er een spanning in het document.”

Verschillende mensen hebben aangifte gedaan tegen SGP-leider Kees van der Staaij, die de verklaring ondertekende. Is dit een teken van afnemende tolerantie jegens andersdenkenden?

„Dat zou ik niet zo gauw zeggen, want ik kan me de boosheid goed voorstellen. Je zou maar als homoseksuele jongere opgroeien in zo’n omgeving. Het is wél typisch Nederlands om ideologisch en cultureel snel van kleur te verschieten, en dan te vergeten wat we eerst dachten. Overigens is die omwenteling van de publieke opinie nog niet compleet als het gaat om transgenders. Denk aan de commotie toen de NS ‘Beste reizigers’ ging zeggen: wat dat betreft verwoordt het document misschien wel wat veel meer mensen vinden.”