Opinie

Lezer Schrijft: doet het ertoe of een politicus kinderen heeft?

Verschillende lezers stoorden zich aan enkele passages in een interview met staatssecretaris Mark Harbers over vluchtelingen en uitgezette kinderen.

Het punt maken dat Harbers zelf geen kinderen heeft is een ad hominem-argument. Zouden vrouwen scoren als zij hun moederschap op elk dossier erbij halen?
Het is niet ter zake doende en Harbers reageert hier ‘gecontroleerd’ op.

Marjolein Rikmenspoel,
Deventer

Vooropgesteld: vragen staat vrij en zeker aan een politicus mag een journalist veel, zo niet alles vragen. Dat betekent natuurlijk niet dat op die vragen vervolgens geen aanmerkingen kunnen volgen.

In dit interview werd staatssecretaris Harbers (Migratie, VVD) naar aanleiding van de kinderen van uitgeprocedeerde asielzoekers deze vraag gesteld: „U heeft zelf geen gezin. Kunt u zich verplaatsen in wanhopige ouders die het beste willen voor hun kinderen?”’

En dit antwoordde de staatssecretaris: „Volgens mij heeft het helemaal niets te maken met de vraag of ik zelf kinderen heb. Ik kan me in heel veel mensen verplaatsen. Kijk, je kunt een tijdje hoop houden. Maar als het antwoord ‘nee’ is, moeten mensen hun verantwoordelijkheid nemen. Iedere keer hoor je: het is zielig, het levert schade op voor de kinderen als met uitzetting wordt gedreigd. Maar als je in de meewerkstand gaat en je houdt aan de vertrekplicht, is er een waaier aan mogelijkheden voor begeleiding.”

Zou hij een ander antwoord hebben gegeven als hij wél een gezin had gehad?

Een van de auteurs van het interview, Floor Boon, verdedigt de vraag als volgt: „Ik vind vragen naar de invloed van wel of geen kinderen hebben wel degelijk interessant in een dossier dat gaat over meer dan alleen regels volgen. Kinderen krijgen verandert je manier van kijken naar en nadenken over kinderen, hoe met ze om te gaan, hun rechten, onze plichten (van ouders, verzorgers, staat, samenleving). Harbers antwoord was overigens snel en duidelijk: wat hem betreft heeft het geen invloed. Dat vond ik interessant om te horen. Daarbij: was deze vraag gesteld aan een vrouw, dan was niemand erover gevallen, want dat gebeurt voortdurend.”

De lezer stoorde zich ook aan deze passage, waarin de interviewers Harbers’ opstelling tijdens het gesprek typeren: „Reflecteren is niet aan Mark Harbers besteed. De man die met een pennenstreek kan beslissen over het lot van asielzoeiers, benadert zijn werk rationeel.”

De lezer vat de passage op als kritiek en vraagt zich af „of het passend is om juist in een zeer emotioneel geladen debat te zeer mee te bewegen in emoties. Ligt het niet meer op de weg van actiegroepen om emotie, gecontroleerd, te kanaliseren? Juist bij politici en beleidsmakers verwacht ik in roerige tijden een koers en koel hoofd, dat wil niet zeggen dat iemand gevoelloos is of geen hart heeft voor de zaak.”

Auteur Floor Boon zegt: „We hebben hem linksom en rechtsom vele malen geprobeerd te verleiden iets beschouwends te zeggen over zijn opstelling in ingewikkelde en emotionele dossiers, over hoe politiek te bedrijven en over of ze het politiek rondom het Marrakesh-akkoord goed hadden aangepakt. Maar hij bleef dat ontwijken. Geen antwoord geven, maar vakkundig en politiek een vraag ontwijken. Die observatie vonden we van belang en wilden we graag met de lezer delen. Dat staat overigens los van zijn rationele benadering. Reflectie kan zeker heel rationeel zijn. Maar Harbers is rationeel en reflecteert niet.”

Dan mijn eigen reflectie, eerst over de kindervraag. De vraag of en hoe politici zich inleven in moeilijke en emotionele dossiers, en met wie ze daarover praten, is relevant, en het staat een journalist in elk geval vrij die te stellen. Met welke intimi zou Mark Rutte over zijn moeilijkste beslissingen praten, en welke invloed hebben zij?

Maar de manier waarop de vraag in dit interview is geformuleerd, suggereert dat mensen zonder gezin minder empathisch zouden zijn dan ouders. Dat lijkt me ongefundeerd. Bovendien, het suggereert in mijn ogen ook dat je verplaatsen of inleven in mensen een eenduidig en emotioneel effect heeft: laat die kinderen toch blijven! Dat is maar de vraag. Je kunt je heel goed in iemand verplaatsen en toch iets heel anders doen dan hij of zij gedaan heeft of wenselijk zou vinden.

Boon is het met die lezing niet eens. Zij legt uit „dat wij absoluut niet de suggestie wilden wekken dat mensen met een gezin empathischer zouden zijn dan mensen met een gezin. Het is een open vraag. En hij krijgt alle ruimte daarop te antwoorden, zonder dat wij dat sturen met suggesties.”

Wat het reflecteren betreft: de opmerking dat reflecteren „niet besteed” is aan Harbers, die „rationeel blijft”, wekt de indruk dat reflecteren niet rationeel zou zijn - wat het juist wel is. Ik begrijp wel wat de auteurs willen zeggen: Harbers bleef scherp de politieke lijn volgen en liet zich - zo kun je het ook zeggen - niet uit de tent lokken.

Boon licht toe: „Het was geen antwoord geven op een vraag om reflectie. Dat gebeurde op veel meer momenten. Inderdaad, Harbers liet zich niet uit de tent lokken. Maar dat klinkt dan weer alsof wij erop uit waren om hem iets lulligs te laten vertellen, en zo was het niet. Ik hoopte op een gesprek dat meer zou zijn dan alleen het herhalen van een standpunt, met wat inzicht in gemaakte afwegingen. Juist omdat dit ook bedoeld was als terugblik-interview.”

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.