Gezocht: een collega zonder humor

Japke-d. vraagt door zag een vacature voor een neuroloog in een ziekenhuis waarin stond dat ‘humor niet op prijs werd gesteld’. Was dat serieus of een grap?

Illustratie Tomas Schats

De meeste vacatures die ik langs zie komen zijn vaak dodelijk saai en dan staan ze vaak ook nog vol met open deuren als ‘hands-on teamplayers zonder negen tot vijf-mentaliteit’ die zich de hele dag vol ‘passie’ een slag in de rondte moeten scoren – jeuk. Vandaar dat de vacature voor een nieuwe neuroloog in ziekenhuis St Jansdal in Harderwijk meteen opviel toen hij me vorige maand werd doorgetwitterd door een oplettende lezer. Die vacature was namelijk allesbehalve standaard.

In verband met de pensionering van één van de vijf neurologen werd een nieuwe gezocht, stond er, en het moest er eentje zijn met ‘liefde voor het vak’, ‘goede sociale vaardigheden’ en ‘het vermogen te innoveren’ – dat was al een stuk prettiger te lezen dan de meeste vacatures. Maar de afsluiter sloeg pas écht in als een bom. Die luidde: „tot slot moet worden vermeld dat humor niet op prijs wordt gesteld”.

Al snel kwamen de reacties op Twitter. Dat het vast een grap was, „anders eet ik mijn printer op, exclusief toner”, dat „humor ze vast op de zenuwen werkt daar” en „ach ja, Harderwijk”. „Dat doet voor geen enkel gevoel voor humor iets”.

Anderen dachten dat „ze de flauwe grappen van hun oud-collega helemaal beu waren”, dat dit echt „een baan was voor zuurpruimen”, dat „die oude collega vast net iets te vaak lachgas had gebruikt” en: „je zal in zo’n grafstemming moeten werken”. Maar er waren ook mensen die de opmerking exemplarisch vonden voor dit „specialisme van hoog in de bol” en dat het voor deze vakgroep „tijd werd voor een bezoek aan de psycholoog”. Hoog tijd om eens uit te zoeken hoe het gegaan was. Ik mocht het vragen aan één van de opstellers van de vacature, neuroloog Dorus Fennis.

Hoe kóm je erop: in een vacature zetten dat humor niet op prijs wordt gesteld!

„We hebben absoluut onderschat wat deze tekst zou losmaken. Vooral de eerste reacties, die waren zó serieus! Later begonnen mensen de grap te zien.”

Aha, het was een grap!

Ja, natuurlijk! Dit soort vacatures zijn meestal vrij droge stof, een knipoog leek ons welkom. Als iemand het begrijpt, past hij of zij meteen goed in de groep, was de redenering.”

Het werd ook verkeerd begrepen.

„Ja, dat klopt. Ook in het ziekenhuis zelf zijn er wel wat wenkbrauwen gefronst.”

Mocht het wel van personeelszaken?

„Ik denk dat ze eroverheen gelezen hebben. We hebben van hen niets gehoord.”

De tekst is later aangepast, toen stond er ‘humor mag niet ontbreken’.

„O, echt? Dat wist ik niet. De vacature heeft overigens maar heel kort online gestaan. We hadden al snel de juiste kandidaat gevonden.”

Kwam dat door de grap dat er al snel iemand gevonden is, denk je?

„Dat weet ik niet, ik weet wel dat iedereen die serieus op de vacature heeft gereageerd iets over de humorpassage schreef in de trant van ‘ik moet jullie wel waarschuwen dat ik wél humor heb’. Wat dat betreft was het een mooi selectiecriterium.”

Hebben jullie uiteindelijk een lolbroek gekozen?

„In ieder geval iemand die de grap kon waarderen. Misschien doen we het daarom de volgende keer weer, wellicht nog iets absurder. Het heeft voor ons goed gewerkt.”

Hoe belangrijk ís humor in jullie vak?

„Heel belangrijk. Zeker voor collega’s onderling. We zijn vaak heel serieus met ons werk bezig, met geregeld vreselijke ziektes. Dan is het heel welkom om af en toe te relativeren.”

En patiënten? Willen die ook humor in de spreekkamer?

„Dat moet je wel doseren natuurlijk, het moet geen lolletje worden. Maar ze maken zich soms zo’n zorgen, dat het heel fijn kan zijn het af en toe wat lichter te maken.”

Wat ik fijn vond in jullie vacature was dat het woord ‘passie’ ontbrak, maar dat er ‘liefde voor het vak’ stond.

„Dat was zeker bewust! Ik krijg zelf ook bultjes van het woord ‘passie’.”

Ik kwam ooit in een tekst de frase ‘passie voor parkinsonpatiënten’ tegen.

„O dat is vreselijk. Ook omdat in het ziektebeeld van deze ziekte soms ook ongepast en grensoverschrijdend seksueel gedrag voorkomt. Nee, het woord passie reserveer ik louter voor de privésfeer. Daar moet het blijven.”

Ik had eigenlijk maar één klacht over jullie vacature. En dat is dat erin stond dat bij jullie ‘de patiënt centraal staat’.

„O nee! Stond dat er echt? Daar hebben we volledig overheen gelezen, want dat vinden we hier allemaal zo’n dooddoener! Die gaat er de volgende keer zeker uit.”

Jeuktweets van de week

    • Japke-d. Bouma